Rechtbankverslaggever Rob Zijlstra.

Zittingszaal 14: De Bengalese prins

Rechtbankverslaggever Rob Zijlstra. Foto: Marcel Jurian de Jong


Nu is het niet zo dat de verdachten van zittingszaal 14 altijd mannen zijn van Nederlandse origine. Dat is niet waar. Soms zitten er gasten tussen van ver, zoals Ernesto (29) die helemaal vanuit Colombia was gekomen.

Hij was in januari samen met zijn vriendin in Groningen neergestreken voor een vakantie. Niets raars aan, wij gaan immers ook naar daar. Tenminste, dat deden we toen het kon.

Dat Ernesto een Baretta en een Smith & Wesson – dat zijn wapens – bij zich droeg, is singulier. Als toerist in Groningen heb je zulks toch niet nodig. Ook zullen niet alle toeristen die Groningen bezoeken 27.000 euro in de kontzak hebben. Ernesto wel.

Hij zal zich op een dag voor de rechters moeten verantwoorden en dan tekst en uitleg moeten geven. Tot die tijd verblijft hij als toerist en tot zijn ongenoegen in de gevangenis. Tegen de rechters zegt hij dat hij is opgepakt door politieagenten die hopen op promotie. Hijzelf hoopt dat de rechters eerlijker zijn. Of zijn vriendin ook is opgepakt weet ik niet. Voor dit verhaal is dat niet erg, want dit verhaal gaat niet over Ernesto en zijn vriendin.

Dit verhaal gaat over de 25-jarige Shan en zijn vriendin Amadea. Ook zij komen van ver.

Shan komt uit Bangladesh. Dat wil zeggen, daar is hij geboren, net als zijn moeder. Zijn vader is een Zwitser uit Kirchberg. Shan had mogen kiezen en koos voor de Zwitserse nationaliteit. In het land zelf is hij nooit geweest.

Shan, een groot bewonderaar van Elton John, wordt tijdens de rechtszaak een raadsel. Misschien is hij wel een Bengalese prins in plaats van de arme sloeber die hij zegt te zijn.

In 2016 strijkt Shan neer in Groningen, niet als toerist, maar als internationaal student. Digital engineering. Daar begint hij mee. Ieder jaar verandert hij, met een Zwitserse studiebeurs en geld van een tante, van studie. In het tweede jaar wordt het scheikunde. Kennelijk kan dat.

Op een dag ontmoet hij Amadea. Hij is op slag verliefd. Amadea is twee jaar jonger, komt uit Italië en ze studeert in Groningen medicijnen en filosofie. Wat mooi begint, eindigt in dikke ellende.

Het mooie duurde zo’n twee jaar. In het voorjaar van 2019 maakt Amadea de verkering uit. Shan is op slag de kluts kwijt en dreigt zichzelf van het leven te beroven. Als dat niet helpt, begint de dikke ellende.

Shan wordt beschuldigd van het maken van inbreuk op iemands persoonlijke levenssfeer. Stalking. Dat is een strafbaar feit dat niet zo heel vaak de rechtszaal haalt, maar wel veel voorkomt.

De stalkers die ik in de rechtszaal voorbij zag komen hebben één ding gemeen: dwangmatig handelen. Nooit vergeet ik de vermogende boer uit Noord-Groningen die jarenlang het leven van zijn buurvrouw tot een hel maakte. Tussen de bedrijven door stuurde hij ook nog eens honderd handgeschreven brieven naar de rechtbankverslaggever om zijn onnavolgbare gelijk te halen. De boer belandde berooid in een tbs-kliniek.

Bizar was de stalker die bijna blind was en smoorverliefd werd op een presentatrice van de televisie. Vanwege zijn visuele handicap had hij zijn toen 19-jarige dochter ingezet om ontelbare brieven en berichten te verzenden. Nadat de politie hen dwingend had opgedragen te stoppen met die brieven en berichten (want anders..) gingen ze bellen, heel de dag maar door.

Shan dreigde met het publiceren van naaktfoto’s van Amadea. Toen de dreigementen niets opleverden, begon hij de foto’s te verspreiden onder haar huisgenoten, vrienden en vriendinnen, aan haar vader in Italië. Die kreeg te horen dat zijn studerende dochter in Groningen geen arts zou worden, maar hoer.

Shan tegen de rechters (via een tolk Engels) en het hoofd gebogen: ,,Ik heb dat gedaan.’’
Rechters: ,,Waarom?’’
Shan: ,,Ik was boos.’’

Hij belde ook, voortdurend. En stuurde nare e-mails. De rechters willen weten wat hij hoopte te bereiken.

Shan vertelt dat hij in die periode in grote nood verkeerde. ,,Ik zat in de problemen, in een financiële crisis, ik had geen plek om te slapen, later woonde ik in een drugspand, ik kon alleen slapen als ik dronken was, ik voelde me gekwetst, het was een soort wraak.’’ Even is hij stil, dan zegt hij: ,,Ik haat mezelf. Ik heb meer dan anderen dat kunnen een hekel aan mezelf.’’

De rechters plaatsen vraagtekens bij zijn relaas. Hoezo financiële crisis? Aan een kennis, een getuige in het dossier, had hij zijn bankrekening getoond. Daar stond meer dan 100.000 euro op.

Toen hij werd aangehouden huurde hij een kamer in het jongerenhotel Simplon. Wekenlang had hij daar verbleven zonder zijn kamer te verlaten. Eten liet hij bezorgen, evenals dagelijks flessen whisky en cocaïne. Bij zijn aanhouding was zijn kamer veranderd in een enorm stinkzooi, de lege flessen gevuld met urine.

Rechters: ,,Hoe dan?’’
Shan: ,,Ik ben niet de meest georganiseerde persoon.’’
Rechters: ,,En dat geld?’’
Shan: ,,Ik had wat geïnvesteerd in Roemenië.’’

In wat blijft onbenoemd.

Wat in stalkingzaken altijd weer naar voren komt, is de enorme impact die dit misdrijf heeft op het leven van het slachtoffer. Amadea laat een door haar geschreven verklaring in de rechtszaal voorlezen. Over dat ze een sterke vrouw was, dat ze nooit had gedacht dat dit haar zou kunnen overkomen. Over de aanslag op het vertrouwen in mensen, over de vernedering, de frustratie en de schaamte, de machteloosheid, de pijn. Over haar gedachten een einde aan haar leven te maken.

Ze besluit haar verklaring met de opmerking dat ze niets van Shan wil hebben, geen schadevergoeding, niks. ‘Ik hoop dat hij hulp krijgt en zijn geluk vindt’.

Shan reageert met zachte stem. ,,Ik vind het moeilijk te accepteren dat ik nare dingen heb gedaan.’

De officier van justitie zegt dat de verdachte Amadea heeft ontdaan van haar waardigheid en dat dat een van de ergste dingen is die je een mens kunt aandoen. Ze eist achttien maanden gevangenisstraf, waarvan tien maanden voorwaardelijk. De voorwaarden die aan die tien maanden worden gekoppeld: na detentie een behandeling in een kliniek, een verbod op drugs en alcohol en een contactverbod met Amadea.


Shan, de arme sloeber dan wel de Bengalese prins, trekt aan het einde van de strafzaak zijn conclusie. Tegen de rechters zegt hij: ,,Ik wist niet dat ik zo slecht kon zijn.’’ En ter geruststelling: ,,Dit circus komt nooit weer naar uw stad.’’

menu