Zittingszaal 14, rechtbank Groningen.

Zittingszaal 14: Vier jaar

Zittingszaal 14, rechtbank Groningen. Foto: DvhN

De twee woorden bonken door zittingszaal 14, ter afsluiting van het requisitoir van de officier van justitie. Vier jaar. Dat is de eis. De verdachte kijkt vragend naar links, naar opzij waar de tolk zit. Als zij ‘vier jaar’ heeft vertaald, krimpt het lichaam van Damir ineen.

Damir denkt nu niet: 4 jaar is 48 maanden, gedeeld door 3 is 16 en dat dan vermenigvuldigen met 2 is 32 maanden zitten waarvan hij er al 11 in voorarrest heeft volbracht waardoor er dus nog 21 maanden celstraf resteren. Nee. Damir denkt, terwijl hij nu radeloos naar rechts, naar zijn advocaat, kijkt: vier jaren in een gevangenis. Hoe gaat hij, hij die zijn kinderen mist, dat volhouden? Dat gaat hij nooit.

Na afloop van de zitting loop ik naar de officier van justitie. Bij sommige officieren kan dat gewoon.

Ik zeg: ,,Joh.’’
De officier van justitie: ,,Wat?’’
Ik: ,,Die eis.’’
De officier: Niet goed?’’
Ik: ,,Zo hoog, zo veel, zo hard.’’
De officier van justitie, op zijn beurt: ,,Joh.’’

Damir is volgens het Openbaar Ministerie een mensensmokkelaar. Bijna een jaar geleden werd hij in Ter Apel opgepakt. Hij zou tientallen mensen, onder wie veel kinderen, in een verrot Mercedesbusje met een Moldavisch kenteken vanuit Frankrijk en Duitsland naar het asielzoekerscentrum in Ter Apel hebben gebracht.

Damir had moeten weten dan wel vermoeden dat wat hij deed wederrechtelijk was. Dus dat wat hij deed, niet mocht. Want ook Damir wordt, zoals wij allen, geacht de wet te kennen, zegt de officier van justitie. Hij had moeten weten dat hij mensen die niet over geldige grensoverschrijdende reisdocumenten beschikken, niet naar Ter Apel mag brengen.

Dat hij dat ook nog eens deed in een gammel busje met technische malheur en een barst in de voorruit maakt het nog erger. Er hadden ongelukken kunnen gebeuren. Een plotselinge trap op de rem (die werkte) en het was bal op de snelweg. Daarom beschuldigde de officier van justitie Damir naast van mensensmokkel ook nog eens van een ‘poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel’. In de rechtszaal zegt de aanklager dat hij dat bij nader inzien juridisch niet kan hardmaken en dat hij voor dat punt dus vrijspraak vraagt.

Rest de mensensmokkel, vier jaar.

Damir is 35, zoon van de dorpssmid van Glodeni. Hij komt net als zijn smokkelwaar uit Moldavië. Het is het armste land van Europa, een land waar de broodnodige ingrediënten voor levensgeluk aan voorbij zijn gegaan. Volgens Buitenlandse Zaken is het een veilig land om te bezoeken, maar toeristen laten zich er nauwelijks zien, meldt Wikipedia. Na de val van het communisme verliet een kwart van de bevolking, vooral jongeren, het land.

Is het waar, vragen de rechters, is het waar dat u een mensensmokkelaar bent? Damir gaat staan, nederig, pet bij wijze van spreken in de hand en zegt: ,,Geachte heren, ik heb mijn vrouw en mijn kinderen meegenomen naar Frankrijk om daar asiel aan te vragen. In Frankrijk zijn veel mensen van mijn volk, het Romavolk. In Moldavië zijn wij een minderheid en worden wij gediscrimineerd. Ik was de enige met een busje. Ik probeerde mensen te helpen. Ik had geen verkeerde bedoelingen.’’

De rechters gebaren dat hij wel mag gaan zitten en ze stellen hun vragen. Waarom hij dan naar Nederland kwam? Waarom niet België, vanuit Frankrijk niet onlogisch? Hoe vaak hij naar Ter Apel was gereden, hoe vaak in dat rammelbusje en of hij dat ding weleens uitleende? Of hij zich veilig voelde achter het stuur?

De rechters vragen (tegen beter weten in) of Damir de Dublin-procedure kent? Dat is de complexe procedure die handelt over welk land verantwoordelijk is voor een asielaanvraag. Damir antwoordt dat hij over Dublin heeft horen spreken, maar er niets van begrijpt.

Hij zegt dat Romamensen elkaar helpen, dat dat een plicht is. Dat Nederland onder zijn volk bekendstaat als een land dat goed is voor asielzoekers, dat de mensen in dat land gastvrij zijn. Over het busje: ,,Wij zijn gewend ons te verplaatsen met de middelen die we hebben. Voor uw land is het busje misschien slecht, in mijn land is het een goede bus.’’ Over de veiligheid: ,,In vergelijking met paarden en trekkarren is zo’n busje veiliger.’’

Damir zou zo graag met zijn vrouw en kinderen tot onze wereld willen behoren. In zijn land is nauwelijks onderwijs. En dat is wat hij wil, onderwijs voor zijn twee kinderen zodat zij het iets beter krijgen dan hij.

Tegen de rechters: ,,Van mijn vader heb ik geleerd dat als je goed bent voor andere mensen, andere mensen ook goed zullen zijn voor jou.’’

In Frankrijk was hij met zijn gezin in een overvol tentenkamp terechtgekomen op een uitgewerkt industrieterrein met zo’n zeshonderd landgenoten en nauwelijks sanitaire voorzieningen. Met zijn busje haalde hij bruikbaar afval op waarmee ze in het kamp nog wat konden. Ondertussen gingen er verhalen over Nederland, over een nieuw leven dat je daar zou kunnen beginnen. Dat je dan eerst naar Ter Apel moest, volgens de routeplanner maar 531 kilometer ver.

Vier keer zou Damir met zijn busje in Ter Apel zijn geweest met opgeteld 38 mensen die hij afzette bij het asielzoekerscentrum. De laatste keer, toen hij werd opgepakt, kwamen er tien volwassenen en negen kinderen uit zijn busje dat volgens EU-normen slechts geschikt is voor acht personen.

Hij kreeg voor zijn smokkelarij geen geld. Dat zegt ook het Openbaar Ministerie. Er werd alleen betaald voor diesel. Advocaat Freek van der Brugge ziet ook daarin zijn gelijk. Damir heeft geprobeerd te ontkomen aan erbarmelijke omstandigheden in het tentenkamp in Frankrijk en hij heeft – omdat hij een busje had – anderen geholpen.

Vrijspraak.

De officier van justitie zegt dat verdachte een ernstige inbreuk heeft gemaakt op de rechtsorde, dat hij heeft bijgedragen aan de instandhouding van een illegaal circuit en dat hij het maatschappelijk draagvlak voor de opvang van asielzoekers ondermijnt.

Vier jaar.

Van der Brugge: ,,Hoezo illegaal? Het aanvragen van asiel is een mensenrecht. Iemand helpen dat recht uit te oefenen, kan dan toch niet strafbaar zijn?’’

Vrijspraak.

Zittingszaal 14 is het podium van twee werelden die van elkaar gescheiden zijn, niet meer door slagbomen en blaffende honden bij de grenzen, maar door wetten en procedures. Ook wie niets heeft dient de wetten van hen die alles hebben te respecteren. Doe je dat niet, dan mag je naar onze gevangenis.

Vier jaar.


menu