De onvrede van de boeren komt niet uit de lucht vallen. De vraag is: hoe moet het nu verder met de landbouw in Nederland?

Dirk Strijker, hoogleraar plattelandsontwikkeling aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG), spreekt van een ‘nijpend probleem’. De landbouw in Nederland is op de grens gestoten van wat nog langer houdbaar is. ,,In Brabant is de grens al overschreden. Daarop wordt landelijk beleid afgestemd, dat ook gebieden raakt waar de situatie minder erg is, zoals in Noord-Nederland.’’

Strijker vindt het typerend dat de protesterende boeren donderdag geen concrete eisen hadden. ,,Hun acties waren een uiting van onvrede en onmacht. Die was deels gericht op de regelgeving waaraan ze worden onderworpen, maar deels ook op een gebrek aan erkenning in de samenleving.’’

Stadse bemoeienis

Volgens de hoogleraar bestaat de onvrede niet alleen bij de boeren, maar meer in het algemeen op het platteland. ,,Plattelandsbewoners hebben het een beetje gehad met de stadse bemoeienis. Of het nu gaat om stikstofuitstoot, vuurwerk of paasvuren. Van de roep om meer regelgeving hebben vooral zíj last.’’

De protesterende boeren zetten zich af tegen wat zij ‘de elite’ noemen. Dat doen ze in navolging van populistische politici als Geert Wilders en Thierry Baudet. Ze lijken zich af te zetten tegen bestuurders en wetenschappers die zich baseren op een papieren werkelijkheid. Strijker: ,,Dat is bij de stikstofproblematiek slechts ten dele het geval. De beleidsmakers gaan inderdaad uit van modelberekeningen, die altijd afwijken van de werkelijkheid. Maar de intensieve landbouw opereert wel degelijk op het randje. Dat is concreet zichtbaar in de natuur en de landbouw.’’

Mansholt-achtig landbouwmodel

Volgens Tialda Haartsen, hoogleraar plattelandsgeografie aan de RUG, is de agrarische sector blijven steken in een ‘Mansholt-achtig landbouwmodel’ dat na de oorlog opgang heeft gemaakt. ,,Toen moesten er veel monden worden gevoed. Door grootschaligheid en mechanisatie is dat beleid zeer succesvol gebleken.’’

Op de vraag hoe het nu verder moet met de landbouw heeft Strijker geen pasklaar antwoord. In de huidige discussie zijn er twee dominante zienswijzen. Een stroming die vooral in Wageningen wordt uitgevent, staat een scheiding van functies voor. Sommige gronden moeten worden teruggegeven aan ‘de natuur’, terwijl landbouw in andere gebieden gevestigd kan blijven.

Vruchtbare zeekleigebieden

Deze visie ligt ten grondslag van de Agrarische Hoofdstructuur. Tialda Haartsen, hoogleraar plattelandsgeografie aan de RUG, vindt dat dit plan ‘goede ideeën bevat om op door te puzzelen’. ,,In vruchtbare zeekleigebieden in Groningen kan grootschalige landbouw blijven bestaan. Rond steden is er ruimte voor biologische landbouw.’’

Strijker breekt een lans voor vermenging van functies. ,,We leven in een druk land. We willen landbouw en veeteelt, maar ook natuur, recreatie, industrie en woningbouw. Die functies kun je niet allemaal scheiden.’’

Dilemma

Volgens Strijker zit de agrarische sector met een enorm dilemma opgescheept. ,,Boeren staan op de drempel van precisielandbouw met gps op de tractor en robots die zaadjes kunnen planten en onkruid de nek omdraaien. Dan krijg je perfecte landbouwakkers zonder bloemetjes en bijtjes. Dat moet je niet willen.’’

Strijker ziet veel liever ‘natuurinclusieve’ landbouw tot wasdom komen, waarbij landbouw en natuur samengaan. ,,Maar dan moet er wel een goed verdienmodel zijn. Het betekent dat de overheid of de consument extra geld moeten uittrekken voor landbouwproducten.’’ Haartsen: ,,Bijna iedereen wil milieuvriendelijke landbouw en veeteelt, maar niemand wil ervoor betalen.’’

Drones

Volgens Haartsen kunnen we niet meer terug naar de jaren vijftig. Mechanisatie en efficiëntie zijn niet meer terug te draaien, simpelweg omdat er onvoldoende personeel is om het werk te doen. ,,We moeten af van mest en bestrijdingsmiddelen. Ook met natuurinclusieve landbouw, trekkers én drones kunnen we internationaal toonaangevend zijn.’’

Belangrijker voor Haartsen is dat alle betrokkenen met open vizier naar de toekomst kijken. ,,Dat geldt zowel voor de LTO, die krampachtig vasthoudt aan oude landbouw als voor landbouwminister Schouten die nog steeds beweert dat de sector niet hoeft te krimpen. Maar ook voor boeren die de hakken in het zand zetten.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen