Uitkomst experiment bij Waddendijk: getijdenzand spoelt niet snel weg. Versterking dijk kan daardoor goedkoper uitpakken

De Waddenzeedijk bij Hallum. Foto: LC

Het getijdenzand onder de Waddenzeedijk blijkt veel beter bestand te zijn tegen erosie dan rivierzand. Goede kans dat daardoor de versterking van de dijk tussen Koehool en Lauwersmeer goedkoper uitpakt.

Dat zijn de eerste uitkomsten van een praktijkonderzoek dat vorige maand nabij de Waddendijk bij Hallum is gedaan door Wetterskip Fryslân, Deltares en Fugro. Dit was gericht op het fenomeen ‘piping’, het ontstaan van een waterstroom onder een dijk door als gevolg van een verschil in waterhoogte en –druk aan weerskanten van die dijk. Wanneer er zand wordt meegevoerd, kan dit de dijk ondermijnen.

Bij Hallum was een installatie gebouwd op een natuurlijk pakket getijdenzand, waarbij een steeds grotere druk op het zand werd uitgeoefend, om te zien in hoeverre het water aan de andere kant van de zandlaag weer naar buiten kwam. Dat viel mee. Tot piping kwam het niet.

Het zandbed is na de proef open gegraven om de bodemgesteldheid te onderzoeken.

Getijdenzand twee keer beter bestand tegen piping

De onderzoekers trekken voorlopig de conclusie dat getijdenzand twee keer beter bestand is tegen piping dan het rivierenzand, waarmee tot nog toe telkens proeven zijn genomen en berekeningen zijn gedaan. Bij rivierdijken zijn in het verleden meermalen problemen ontstaan door het wegspoelen van zand.

Om die conclusie te onderbouwen, zetten Deltares en Fugro het onderzoek naar de sterkte van getijdenzand voort, met laboratoriumproeven en data-analyses. Begin volgend jaar willen ze een grotere praktijkproef opzetten in de Hedwigepolder in Zeeland.

Een derde van de dijken is kwetsbaar voor piping

Op basis van oude modellen die zijn gebaseerd op proeven met rivierzand, is een derde van de Nederlandse dijken kwetsbaar voor piping. Dit geldt ook voor 15 van de 47 kilometer van de dijk tussen Koehool en Lauwersmeer. Deze stukken dijk zijn daardoor nu niet goedgekeurd.

Wanneer nu blijkt dat er minder verregaande maatregelen nodig zijn bij de dijkversterking die vanaf 2023 in gang wordt gezet, kan deze operatie van 300 miljoen euro minder duur uitvallen.

Het 700.000 euro kostende onderzoek met het Hallumer zand is onderdeel van het landelijke Hoogwaterbeschermingsprogramma , waarin Rijk en waterschappen samen optrekken.

menu