Directeur van Rijkswaterstaat erkent fout bij het verdwijnen van de geliefde Paddepoelsterbrug (en snapt de woede)

Mieke Attema (rechts) luistert naar een van de bezoekers van een informatiebijeenkomst van Rijkswaterstaat over de Paddepoelsterbrug in Garnwerd, die van gespreksleider Peter Boomsma de microfoon krijgt. Foto: Peter Wassing

Mieke Attema, waarnemend hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Noord Nederland, zag dinsdag de woede en onmacht over het verdwijnen van de Paddepoelsterbrug op zich afgevuurd. Ze snapt de woede.

,,Het is lang stil geweest en ik snap de emoties heel goed. Mensen zijn gehecht aan de brug. Volgens tellingen van de gemeente fietsten er in 2016 dagelijks ruim 400 mensen overheen (redactie: volgens de gemeente zelf ging het om 881). Het was een heerlijke verbinding over dat prachtige pad naar Groningen. We hebben in de loop van het jaar achter de schermen veel gedaan maar te weinig met omwonenden en bewoners gesproken. Daarin ben ik tekort geschoten.’’

Veel mensen snappen niet waarom de brug is vernietigd, waardoor reparatie onmogelijk is gemaakt.

,,We zijn ontzettend geschrokken van de heftigheid van de aanvaring. Een complete brug eruit, dat zie je niet vaak. Een huis en het schip waren beschadigd. Dan moet je goed analyseren wat er aan de hand is. Niet zozeer met de brug maar met de situatie om deze brug heen.’’

Wat is er precies aan de hand?

,,Sinds 2010 zijn er zeven bijna-aanvaringen geweest en volgens onze analyse kwam dat door de flessenhals: het Van Starkenborghkanaal is bij de brug 46 meter breed, 8 meter minder dan vereist voor klasse 5A schepen. Je kunt het vergelijken met een plek op een autosnelweg waarbij je opeens van dubbelbaans naar enkelbaans gaat, met een slagboom eroverheen en een stoplicht om fietsers en voetgangers te laten oversteken. Op een snelweg is dat onvoorstelbaar. Hier was de situatie net zo. Daarbij kwam dat de brug zo laag was dat schippers hem niet zien en de bedienaar geen volledig detectiesysteem voor naderende schepen heeft. De analyse was dat terugleggen van de lichte brug in combinatie met de zware schepen onveilig zou zijn voor de scheepvaart én de mensen die voor de brug staan te wachten. Dat hebben we in juni voorgelegd aan de minister. Die vond het een onaanvaardbaar risico en besloot de brug niet terug te leggen. Daarna is de brug gerecycled.’’

De brugwachter deed de brug toch op het verkeerde moment dicht?

,,Ja maar het is niet zo dat die heeft zitten slapen. Vanwege de infrastructuur bleek het voor een bedienaar echt lastig om deze brug veilig op afstand te bedienen. Er is niet één oorzaak, het is een optelsom van onveiligheden bij elkaar. We hebben nog wel gekeken om de bediening te verbeteren met bijvoorbeeld een extra camera. Dat gaat het niet oplossen omdat het vaarwegbeeld niet verandert.’’

De aanvaring was in september 2018, het is nu december 2019, en er is nog steeds geen oplossing.

,,In infrastructurele termen valt dat wel mee. Het onderzoek naar de tijdelijke brug is in de zomer klaar. Daarna volgt de Europese aanbesteding en dan kunnen we begin 2021 verbreden. Eind 2021 ligt de tijdelijke brug er. We zijn er full speed met een toegewijd team mee aan de slag. Tweede Kamer wil nu dat voor maart bekend is welke alternatieven er zijn. Daar geef ik opdracht voor. Vanaf januari werkt een andere projectleider met een eigen team aan de structurele oplossing. Daarmee hoop ik recht te doen aan de snelheid die dit probleem mag verwachten. We zijn ondertussen met bestuurders in gesprek geweest over een veerpont. Dat lukte niet omdat die niet in de vaarweg mag liggen - daar moet je een haventje voor maken waardoor het veel te lang zou duren.’’

Dat team onderzoekt ook de optie geen brug, terwijl de Tweede Kamer wil dat er een brug terug komt.

,,We onderzoeken een beweegbare brug van 5,50 meter hoog, een vaste brug van 9,10 meter en geen brug. Bij elke investering wordt een kosten-baten analyse gemaakt en dat lijkt me als burger maar goed ook. Ik zou het zelf heel raar vinden als dat niet gebeurt. De minister neemt bij een besluit de wensen van de Kamer mee.’’

In 2015 lag er ook al een plan voor een structurele oplossing, en in 2017 een oplossing voor de Gerrit Krolbrug. Ook die studie moet opnieuw.

,,De minister heeft daar nooit een besluit over de voorkeursvariant voor de Paddepoelsterbrug genomen. Die was te laag. Waarom het plan niet aan de eisen voldeed, weet ik niet. Ik kan me voorstellen dat er bij de overgang van het kanaal wat mis is gegaan. Rijkswaterstaat nam het in 2014 over van de provincie. De Gerrit Krolbrug moeten we met spoed vervangen, die is af. Daar blijkt de geplande brug (uit 1917, red) te breed. Voor drie bruggen -inclusief de busbaan die ook einde levensduur is (bouwjaar: 1985, red)- is 45 miljoen euro beschikbaar. Langs de hele route tussen Lemmer en Delfzijl verbeteren we het vaarwegprofiel en leggen we glasvezel aan. Alle bedienhuizen komen aan dezelfde kant te staan en worden identiek ingericht, allemaal veilig en eenduidig zodat bedienaars zich niet kunnen vergissen. Dat doen we naar aanleiding van een veiligheidsrapport uit 2017, vanwege bovenmatig veel aanvaringen. De situatie bleek bij elke brug uniek, zowel buiten als bij de bediening.’’

menu