Zo er een boven- en een onderwereld is, zo bestaat er ook een wereld van binnen en van buiten. In de bovenwereld kan binnen en buiten van alles betekenen zonder dat er iets aan de hand hoeft te zijn. In de onderwereld is alles anders. Daar betekent binnen dat je vast zit, opgesloten achter tralies, afgegrendeld van de vrijheid.

Omdat vrijheid voor de mens een groot goed is, doet het ontnemen ervan pijn. Dat is de straf.

Verreweg de meeste onderwereldmensen die binnen zitten komen op een goede dag vrij. Ze hebben dan lang genoeg op de blaren gezeten. Zij krijgen hun vrijheid terug en de kans toe te treden tot de bovenwereld. Lukt dat niet dan is de consequentie doorgaans: terug naar binnen.

Een paar keer per jaar krijgt iemand in Nederland de levenslange gevangenisstraf opgelegd. Daar heb je het dan meestal wel zelf naar gemaakt. Levenslang betekende in Nederland heel lang dat je tot je dood binnen zat. De pijn waartoe je werd veroordeeld moest je de rest van je leven voelen.

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde dat het Nederlandse levenslang inhumaan was. Ieder mens, ook de slechte, heeft recht op perspectief. Levenslang moet verkortbaar zijn, sprak het hof.

Daarom is er nu een commissie die mag bepalen of een levenslange gevangenisstraf na verloop van tijd kan worden omgezet in tijdelijke pijn. De gesloten deur voor de levenslang gestrafte is hiermee op een kiertje gezet, een kiertje waar enige hoop doorheen piept. Een beetje perspectief, nog niet helemaal afgeschreven.

En dan is er Anton.
Hij is tbs’er, is 28 jaar en heeft een lange baard.
Zijn advocaat zegt dat het dossier van Anton het meest complexe tbs-dossier van heel het land is.

Als Anton de rechtszaal binnenkomt, zijn zijn armen geboeid. Mogelijk heeft hij ook een stok in de broek. Ongemakkelijk, want met één hand en het hoofd zover mogelijk voorovergebogen, weet hij zich te ontdoen van het verplichte mondkapje. Hij vraagt aan de rechters, nu hij toch zit, of ook de boeien misschien even af mogen. De rechters kijken naar de vier nee-schuddende politiemannen die met Anton zijn meegekomen en zeggen dan dat het niet mag.

Anton zit in het boeienregime omdat hij extreem vlucht- en beheersgevaarlijk is. Dat heeft de directeur van de penitentiaire inrichting Vught waar hij verblijft bepaald. Het is niet aan rechters om daar dan voor even aan te tornen.

In de voorbije vijftien jaar was er slechts één keer eerder een verdachte die geboeid zittingszaal 14 werd binnengebracht. Die verdachte had daar zelf om gevraagd omdat hij niet voor zichzelf instond en hij niet nog meer ellende wilde.

Anton is in de rechtszaal omdat het Openbaar Ministerie zijn tbs-status met twee jaren wil verlengen. De rechtbank moet daarover beslissen.

Het leven dat deze Anton tot nu toe heeft geleefd, valt voor buitenmensen nauwelijks te bevatten. Toen hij twee jaar oud was werd hij door instanties uit huis geplaatst en ondergebracht bij jeugdinstellingen, hij sleet er zo’n 25. Net oud genoeg kreeg hij de pij-maatregel (jeugd-tbs) opgelegd, een maatregel die is overgegaan in een reguliere tbs. In zijn leven na zijn tweede jaar is hij eenmaal een maand vrij geweest. Eenmaal een maand buiten, hij was toen 15 jaar. Voor de rest: altijd binnen.

Ook de misdaden die hij pleegde, pleegde hij binnen.

Vier jaar geleden werd de toen bestaande tbs (vanwege brandstichting) vervangen door een nieuwe tbs omdat hij in de Van Mesdagkliniek in Groningen een medewerker met een zelfgemaakt wapen had aangevallen. Medewerkers van klinieken zijn zijn grootste vijanden.

Hij zei toen: ,,Die bewaarders, dat zijn nette huisvaders die aan kickboksen doen, oud-militairen die in rijtjeshuizen wonen. Sukkels zijn het. Zet je ze op hun plek, dan gaan ze janken. Ze willen zo graag in een kliniek werken. Maar roep je een keertje ‘boe’, doen ze direct aangifte.’’

Afgelopen week sprak hij in vergelijkbare woorden. Er was een incident geweest. ,,Kijk, als je als bewaarder de hele tijd loopt te verkondigen dat je tof bent, dan moet je niet raar kijken dat je een keer wordt gepakt. We zitten niet in een kleuterklas.’’

Vier jaar geleden hadden de rechters hem vriendelijk gevraagd hoe het hem verging. Anton zei toen: ,,Ik zit 23 uur per dag op een kamer, met de handboeien om. Ik mag een uur per dag luchten. Het gaat dus prima.’’

De rechters hadden gevraagd hoe het nou verder met hem moest, want een jongeman van 24 kan toch niet altijd binnen zitten?

De rechters: ,,U moet wat, u moet wat als u nog iets van uw leven wilt maken.’’
Anton: ,,Moet, moet, moet. U moet eerst maar eens naar uw eigen achterlijk systeem kijken.’’
Afgelopen week zei hij: ,,Ik zit nu 26 jaar in de hulpverlening. Uw tbs-systeem is één grote achterlijke, lachwekkende poppenkast.’’

Jantina Rump is al achttien jaar zijn advocaat. Ze heeft de rechters gevraagd de tbs niet te verlengen zoals de officier van justitie wil, maar op te heffen, te beëindigen. Omdat Anton niet is te behandelen. Het is zinloos. In elke kliniek waar hij komt gaat het eventjes goed, maar na een paar maanden is er altijd wel weer een incident waardoor hij wordt overgeplaatst. Door al die overplaatsingen is een behandeling nog nooit van de grond gekomen, zegt de advocaat. ,,Hij is zo verknoeid. Incidenten horen bij hem.’’

Advocaat Rump zegt desgevraagd dat ze ook wel snapt dat de rechters haar verzoek niet zullen inwilligen. ,,Mijn cliënt wordt gezien als een gevaarlijke gek. Met zo iemand zijn ze snel klaar.’’

Altijd binnen, de handen, de armen geboeid, geen perspectief. Wat gloort is een weg die leidt naar niets. Vier jaar geleden had hij het al aangekondigd. Tegen de rechters zei hij toen: ,,U gaat straks met pensioen, ik ga naar de longstay.’’

Dat is ook wat advocaat Rump vreest, dat Anton zal eindigen op de longstay. Daar waar geen behandeling meer is, daar waar de binnenblijver niets hoeft te doen.

Ja, ademhalen.

De advocaat zegt tegen de rechters: ,,Laten we met z’n allen toch iets creatiever zijn. Laten we proberen hem te zien als mens en dan kijken wat er wel mogelijk is.’’

De rechters denken nu na.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
Rechtbank