Help: de haas is het haasje. Wildbeheer moet het bedreigde dier redden

De haas is afgelopen jaar op de Rode Lijst Zoogdieren terechtgekomen. Foto: Marcel van Kammen

Het aantal hazen in Nederland neemt dramatisch af, omdat het landschap niet meer op hen is ingericht. Wildbeheereenheden zouden hun taak, zeker richting de agrarische sector, serieuzer moeten nemen.

Afgelopen jaar is de haas met nog een aantal andere diersoorten op de Rode Lijst Zoogdieren geplaatst. Deze lijst bevat een reeks dieren die uit ons land dreigen te verdwijnen. Ingedeeld volgens een bepaalde status, variërend van ‘verdwenen’ tot ‘gevoelige’ soorten. Had de haas volgens deze lijst in 2006 nog de status van ‘niet bedreigd’, nu valt hij onder ‘gevoelig’.

Een zorgelijke achteruitgang. Veel dieren op deze lijst worden in hun voortbestaan bedreigd. Dat geldt gelukkig nog niet voor de haas. Deze behoort tot een beschermde inheemse diersoort, maar wordt in de Wet natuurbescherming wel aangewezen als wild en dat betekent dat een jachthouder in een bepaalde periode de haas mag bejagen.

Dramatische achteruitgang

De Zoogdiervereniging, die de Rode Lijst heeft samengesteld en aangeboden aan het ministerie van LNV, noemt de achteruitgang met name op het boerenland ‘zeer alarmerend’. De aantallen konijnen en hazen zijn sinds 1950 met 60 tot 70 procent geslonken. Dat is een dramatische achteruitgang.

Kritiek op de publicatie van deze lijst werd direct geleverd door de Nederlandse Jagersvereniging: ‘Haas en konijn redden zich goed in landelijk gebied’. Trouw meldt dat jagers ‘niet van plan zijn de jacht op hazen en konijnen te staken’.

Ruilverkaveling desastreus

De bagatelliserende houding heb ik eerder gezien in de jaren 80, toen door verschillende natuurbeschermingsinstanties de noodklok werd geluid, voor de dramatisch achteruitgang van de patrijs.

Uitvoering van de ruilverkaveling, de meest desastreuze ingreep in het landschap van de laatste decennia, heeft mechanisering en intensivering in de landbouw en het daarmee gepaard gaande gebruik van herbiciden en insecticiden fors doen toenemen. Deze verandering betekende vrijwel het einde van de patrijs in het Groninger land. Het besef om de jacht te stoppen kwam nogal laat. In Noord-Groningen is hij nu vrijwel verdwenen, sinds 1998 is de jacht erop gesloten en vanaf 2017 wordt hij niet meer aangemerkt als jachtwild.

Herstelprogramma’s

In sommige gebieden in Nederland herstelt de soort zich enigszins, omdat met behulp van herstelprogramma’s, ruige gebieden en akkerranden worden aangelegd. De ernst van de situatie is blijkbaar nog niet doorgedrongen, want nu pleiten sommige wildbeheereenheden (een club jagers) dat op patrijs regionaal wel weer kan worden gejaagd.

Fazant, een uitheemse soort en uitgezet ten behoeve van de plezierjacht, lijkt hetzelfde lot beschoren. Ook daar afname. Vanaf 1980 een dalende trend. Afname van deze soort ook als gevolg van grootschalige landbouw en jachtpartijen (bron: Vogelbescherming, Sovon).

Maar net als de patrijs toen heeft de haas nu last van de intensieve landbouw die de afwisseling in het landschap sterk heeft beperkt. Het agrarisch gebied bestaat vrijwel alleen uit rechte sloten, geen akkers met brede randen en ruige hoekjes. Vaak vindt er intensieve grond- en gewasbewerking plaats, alles geploegd en omgevormd tot productiegebied. Voor grasland geldt hetzelfde. Percelen worden steeds vroeger en vaker gemaaid. Ook intensiever bemest.

De laatste ontwikkeling is het gebruik van de sleepslangbemester. Hier wordt met behulp van een buizensysteem de mest geïnjecteerd in de bodem. Lange buizen rollen over het hele land. Voor jonge hazen rampzalig.

Rol wildbeheereenheden

Waar is de kritische houding van de wildbeheereenheden (wbe’s). Met name richting de agrarische sector. Welke rol spelen zij in de huidige verdwijning? Een wbe is, zo staat in het blad van de Jagersvereniging, verantwoordelijk voor het lokale wildbeheerplan, maar zorgt ook voor het in stand houden en aanleggen van wildweides en wildakkers. Hoe wildweides en wildakkers eruit moeten zien, is duidelijk. Het probleem is echter dat ze er amper zijn. En mochten ze er zijn, worden ze in rap tempo omgeploegd tot landbouwgrond.

Alle ambitieuze doelstellingen van de jagersclub ten spijt, ze hebben de patrijs niet kunnen redden. Ook de haas zal hetzelfde lot zijn beschoren. Het aantal agrariërs dat nog ruige, niet bewerkte hoekjes op het land toestaat, is gering.

Wbe’s creëren een leuk imago, in de praktijk blijken ze nutteloos, ja voor wild zelfs schadelijk.

Kor Groenewoud woont in Uithuizen

Je kunt deze onderwerpen volgen
Meningen