Portret Herman Sandman

Column Herman Sandman: Mijn plek

Portret Herman Sandman Foto: Marcel Jurian de Jong

Ze zit op mijn plek. Als ik met een kommetje cornflakes naar de tafel loop zie ik mijn vrouw in de stoel waar ik al een jaar of tien elke ochtend ontbijt. ,,Jij zit op mijn plek’’, zeg ik.

Dat is, blijkt vrij snel, mijn probleem. Ik moet niet zo moeilijk doen. Er zijn genoeg andere stoelen. Daar is inderdaad weinig tegenin te brengen en er zit niks anders op dan tegenover haar te gaan zitten, al blijft het raar. Als je dag in dag uit op een vaste plek ontbijt dan kan dat niet zomaar ineens anders zijn.

Ik krijg wel vaker het verwijt dat ik weinig flexibel ben, maar het is precies omgekeerd. Ik moet me steeds aanpassen omdat zij dingen wijzigt en als ik er wat van zeg ben ik moeilijk.

Tot mijn verrassing voelt het best goed. In plaats van de omheining achter zie ik een deel van de woonkamer, waar ik anders met de rug naar toe zit, blijkt er verrassend goed zicht op de tuin en als zoons door de voordeur stappen zie ik ze meteen. Ik dank mijn vrouw en meld dat de ‘nieuwe plek’ mijn nieuwe plek wordt.

,,Snap ik. Nooit begrepen wat je zo leuk vond aan kijken naar die omheining.’’

Mijn paperassen schuif ik naar de nieuwe plek, ik pak een bureaustoel die ongebruikt op de kopse kant staat en voel nieuw elan. Echter: diezelfde avond, we willen beiden nog wat werken, zit mijn vrouw daar.

,,Wat is dit?’’, vraag ik nog verbaasder dan ‘s ochtends, ,,dat is mijn nieuwe plek. Daar ga ik zo zitten.’’

,,Doe even kinderachtig. Ik zit hier altijd ‘s avonds.’’

menu