Portret Herman Sandman

Column Herman Sandman: Nat kleuren

Portret Herman Sandman Foto: Marcel Jurian de Jong

De bladeren van de boom in de tuin van de achterburen zijn rood, een soort oranje eigenlijk, of wacht, geel ook, er zitten zelfs groene tussen. Lichtgroen. Het zijn dezelfde kleuren als van onze boom in de border voor bij de weg.

Hortensia’s vertonen roestplekken, het roze en blauwe is verweerd en de bloemen hangen slapjes en het paarse van de vlinderboom is helemaal verdwenen. Alleen de rozen zijn nog felrood.

Het is het weekend van het terugzetten van de klok, het is oktober en het is herfst en het is al lang vroeg donker ‘s avonds, maar wij hebben dat niet door. We zijn met andere dingen bezig, al is niet goed aan te geven wat voor dingen. Gewoon. Dingen. Werk. Mensen. Zoons. Corona. Toetsweek. Boek. Sport. Huis. Alles. We denken ook veel na. Het gaat maar door en een week is zo voorbij.

Vijverplanten beginnen geel te worden, net als de bomen in het bos. De prunus is al een tijdje kaal en het boompje op ons grasveld bijna. Ik snoei, maai, schoffel, hark, ruim op, verticuteer, strooi kalk en mest en het begint te regenen en dan begint het te waaien en ik ben blij dat de spullen van het terras al in de garage zijn opgeborgen.

We staan voor het raam en kijken naar de druppels in de vijver, hoe de rode stenen nat kleuren en we zeggen dat de herfst de wereld mooi maakt en mijn vrouw zegt dat ze die ene boom, die van het rood, oranje en geel, de mooiste boom vindt en we kijken nog even goed. Over een week of wat zal alles kaal zijn. Behalve de klimop.

menu