Het klokje op het nachtkastje leert dat het kwart over drie in de ochtend is. Ik sta op en, om mijn vrouw niet wakker te maken, nestel mij op een andere plek in het huis en ga liggen lezen. Het is een uur of zes als ik eindelijk in slaap val en om half negen door oudste zoon wordt gewekt.

Ik ontbijt, scheer me snel, ga douchen, trek kleren aan en maak mij klaar voor de nieuwe werkdag. Onderweg naar de woonkamer kijk ik even bij de oudste. Hij zit keurig achter zijn bureau, computer aan, oortjes in, bakje Coco Pops voor zich. ,,Hoi pap. Wakker?’’

,,Nee.’’

Bij de jongste op de kamer is het nog donker. Hij ligt op bed, in een soort nestje, kijkt gelukkig wel op zijn telefoon. Ik vraag of hij geen les heeft. Dat blijkt niet zo te zijn. De eerste uren zijn uitgevallen. ,,We waren een kwartier bezig, toen ging er iets niet goed.’’

Mijn vrouw zit alweer achter de laptop in vergadering als ik achter haar in onderbroek naar de keuken loop. Ik denk ‘ fuckaduck ’ maar gelukkig merkt niemand het. Ik hoor vertrouwde termen als ‘device’, ‘kernteam breed’, ‘contact’ en ‘microfoon aan alsjeblieft’.

Waarna ik met een hoofd vol watten achter de grote tafel ga zitten, de laptop aanzet, wacht tot ‘Teams’ is opgestart’, de oortjes in doe en klik op ‘deelnemen’.

We lopen ongeveer om het uur naar de jongenskamers, kijken of en hoe ze bezig zijn. Om twaalf uur hoor ik van beiden: ,,Eitje?’’

Een nieuw jaar online is áán.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Columns