Rosa Timmer.

Column Rosa Timmer: Erger wordt het niet

Rosa Timmer.

,,Begin maar ergens, erger kan het toch niet worden’’, zegt vriendin Christina tegen me. Ik sta in wat haar droomhuis zou zijn, maar waar na het verwijderen van de vloerbedekking de zwam uit de grond bleek te komen. Waar de trap een paar treden mist, waar het woonkamerraam ineens gescheurd blijkt en waar de tuin zo groot is dat ze elke week een dag vrij moet nemen om de boel te maaien.

,,We gaan ervoor’’, zeg ik met meer moed dan ik heb. Dit is haar nieuwe toekomst en het minste dat we kunnen doen is onze schouders eronder zetten. Ik mag verven, vooral omdat je er geen kwaad mee kunt doen. Als ik even later over de spinnenwebben heen rol en de hele wc-vloer van egaal bruin naar witte vlekken is gegaan, zie ik haar zorgelijk kijken. Haar dochter van negen inspecteert kritisch wat ik doe terwijl ze gevaarlijk dichtbij de versgeschilderde muur heen en weer schommelt: ,,Weet je zeker dat je eerder hebt geverfd?’’

En of. De pijn van de verfrollers aan mijn handen komt me belachelijk bekend voor. Vorig jaar ben ik in een half jaar vier keer verhuisd. Met wisselend succes kan ik wel zeggen. Van helemaal in mijn eentje in de regen met dozen slepen, tot die keer dat ik op de heetste dag van het jaar mijn hoekbank zes verdiepingen naar boven moest tillen.

Het gevoel van het onbekende dat je te wachten staat, is iets waar ik comfortabel mee geworden ben sinds ik het veilige leven met mijn lieve ex-man achter me liet. Alles is eeuwig in verandering, dat is het enige waar we vanuit kunnen gaan.

Ik zie Christina voorover hellen op een klustrapje. Ze verft een muur blauw, want waarom niet. Haar boeken staan al in de kast nog voor de vloer erin ligt. Want zo is ze. In haar gezicht de uitdrukking van doorzetten en tegelijkertijd stressen. De zorgen en de kracht. Om 13 uur ’s middags roept ze me bij zich. Ze heeft twee glazen wijn in haar hand.

Zij redt het wel.

menu