Commentaar: Mondkapjes? Duidelijkheid graag!

Bezoekers van het Rijksmuseum dragen verplicht een mondkapje. Foto: ANP/Koen van Weel

Sinds 1 juni is het in het kader van de strijd tegen het coronavirus in ons land verplicht een mondkapje te dragen in het openbaar vervoer. Bij zo’n ingrijpende maatregel neem je aan dat de overheid, als die tenminste een knip voor de neus waard is, overtuigd is van het effect van de ingreep.

Het vertrouwen werd in dit geval echter direct al aangetast door de boodschap van premier Rutte dat de kwaliteit van het mondkapje er niet zoveel toe deed. Ook het feit dat het dragen van mondkapjes in andere openbare ruimtes niet noodzakelijk werd geacht, kwam de geloofwaardigheid van de maatregel bepaald niet ten goede.

En terwijl daarna een steeds groter deel van de wereld mondkapjes dragend door het leven ging, bleef het in Nederland bij een steeds weer opflakkerend debat over nut en noodzaak, waarbij de sceptici werden aangevoerd door het ongekroonde hoofd van de coronabestrijding Jaap van Dissel. Nu wil Nederland wel vaker graag een eigenwijs gidsland zijn, maar in deze kwestie van leven of dood, want dat is het voor velen, kreeg die neiging steeds meer iets van onprofessionele koppigheid en trots. En van een gebrek aan realiteitszin: het idee dat mondkapjes niet nodig zijn als iedereen zich aan de spelregels houdt klopt misschien, maar het is nu eenmaal een feit dat veel mensen zich niet aan die regels houden. En als een mondkapje dan wel helpt, al is het maar iets, dan is dat mooi meegenomen. Inmiddels kunnen bovendien onderzoeken die het effect van mondkapjes ontkennen worden bestreden met buitenlandse onderzoeken die het tegendeel beweren.

Onder toenemende druk ging het kabinet afgelopen week overstag, zij het halfslachtig: het dragen van mondkapjes is sinds dinsdag aangeraden in winkels in de Randstad. Een verwarrend en ook laf besluit, omdat de verantwoordelijkheid voor de uitvoering bij het winkelpersoneel werd gelegd.

Gisteren sprak de Tweede Kamer zich uit voor het dragen van mondkapjes in de openbare ruimte. Premier Rutte volgde snel, maar koos vooralsnog niet voor een plicht maar voor een ‘dringend advies’. Waarmee opnieuw halfslachtigheid dreigt. Hier geldt: doe het goed of doe het niet. Op nog meer verwarring en onduidelijkheid zit echt niemand te wachten.

menu