Commentaar: Wethouder Isabelle Diks moet zichzelf extra bewijzen

Isabelle Diks (GroenLinks). Foto: ANP/Bart Maat

Voor welk probleem is de benoeming van Isabelle Diks als wethouder van de gemeente Groningen eigenlijk een oplossing? Zat GroenLinks landelijk met haar in de maag na een wachtgeldkwestie? Wilde GroenLinks in Stad iemand met ervaring om iets te doen aan de matige zichtbaarheid van de partij, toch de grote winnaar van de raadsverkiezingen in 2018? Of wilde de partij gewoon een door de wol geverfde opvolger voor de loodzware portefeuille van vertrekkend wethouder Mattias Gijsbertsen?

We zullen het antwoord waarschijnlijk nooit weten, maar belangrijker is ook de vraag of de stad er een deskundig wethouder bij gekregen heeft. De oppositiepartijen vinden dat niet, woensdagavond werd Diks slechts met steun van haar eigen partij en coalitiepartijen D66, PvdA en ChristenUnie op het pluche gekozen, de oppositie stemde in zijn geheel tegen. Dat is geen fijne start.

Isabelle Diks is geen Stadjer, maar dat is niet de reden van de kille ontvangst. Ook kan haar geen gebrek aan ervaring worden aangewreven; ze was achtereenvolgens raadslid, Statenlid, wethouder in Leeuwarden en Tweede Kamerlid, er lopen wethouders in het Noorden rond met een mindere cv.

Nee, het probleem is dat de reputatie van Diks een stevige deuk heeft opgelopen toen vorig jaar bekend werd dat zij als Kamerlid haar toch niet onaanzienlijke vergoeding liet aanvullen met wachtgeld en een onkostenvergoeding. Ze had daar recht op, maar het was niet het gedrag dat je associeert met een prominent lid van een progressieve partij. En dat drong slechts langzaam tot haar door. Inmiddels draagt ze alweer geruime tijd het boetekleed in deze affaire, maar de Groninger oppositie is die niet vergeten.

Diks is gevraagd voor de functie in Groningen en de bekendmaking van haar transfer van de Kamer naar de gemeente Groningen werd gedaan door het landelijk partijbestuur. Het wekt op zijn minst de indruk dat landelijke partijbelangen inderdaad een rol gespeeld hebben bij haar overstap. En ook dat helpt niet bij het vinden van draagvlak.

Aan Diks nu de moeilijke taak om de scepsis tegen haar benoeming weg te nemen. Ze heeft daarbij ook nog eens een zware portefeuille, zo is ze verantwoordelijk voor de met miljoenentekorten kampende jeugdzorg. Bij de vraag of zij de gedroomde kandidaat is om zo’n probleem te tackelen, heeft ze de schijn tegen. Alleen zij zelf kan aantonen dat dat ten onrechte is.

menu