Opinie: Krijg corona eronder met duidelijke grens

Supporters bij FC Emmen-Willem 2. Als ons gedrag gevolgen heeft voor de eigen school, de eigen organisatie, of de eigen voetbalclub gaan we ons collectief verantwoordelijk voelen. Foto Archief Boudewijn Benting

Het is tijd dat de overheid maatregelen treft waardoor we wel onze verantwoordelijkheid nemen als het gaat om het coronavirus. Wat ligt er meer voor de hand dan één heldere regel die voor verschillende sectoren geldt?

Covid-19 is niet een zaak van enkele maanden, maar eerder van enkele jaren: over die kwestie zijn deskundigen het wél eens:. Daarom mag een visie voor de lange termijn niet uitblijven.

Na een periode van onduidelijkheid en besluiteloosheid bleven ook tijdens de laatste persconferentie van het kabinet vragen hangen. In lijn met de eerdere mededelingen zouden bedrijven worden gesloten als er besmettingen plaatsvinden, maar de overheid geeft geen duidelijkheid over het relevante aantal besmettingen. Er zijn maatregelen genomen bij bedrijven vanwege het schenden van de afstandsregels en de Bijenkorf moest enkele dagen dicht na een uitbraak, maar over de achtergronden van die beslissing heeft de overheid weinig gecommuniceerd.

Principes

We hebben meer duidelijkheid, consistentie en effectiviteit nodig. Wat ligt er meer voor de hand dan één heldere regel die voor verschillende sectoren geldt?

Stel dat elke organisatie en school van enige omvang moet sluiten voor twee weken zodra het aantal besmettingen groter is dan 1 procent van het geheel aan werknemers of leerlingen en leraren. Zo’n 1 procentnorm is misschien wat arbitrair, maar tegelijkertijd zeer duidelijk en consistent. Mogelijk kunnen na de invoering van de blaastest theaterzalen of eredivisieclubs worden toegevoegd om consistentie nog consequenter toe te passen. Ik weet dat bij een gemiddelde eredivisieclub als Heracles Almelo, evenals bij de meeste theaterzalen, informatie over de bezoekers en hun zitplaats digitaal voorhanden is. Hierdoor zou het mogelijk moeten zijn voor de GGD om het aantal besmettingen en kleine brandhaarden snel in kaart te brengen.

Onze minister-president praat nog steeds graag over persoonlijke verantwoordelijkheid, maar dat is een morele norm die even vloeibaar is als de eerdere maatregelen van de regering zelf: ook bij de meeste mensen bepaalt de wind de richting. Talloze onderzoeken in de psychologie laten zien dat gedrag zich vrij slecht laat voorspellen door louter attitudes of gevoelens van persoonlijke verantwoordelijkheid.

Veel krachtiger is collectieve verantwoordelijkheid. Hier gaat het niet alleen om de eigen mening, maar óók wat anderen van je gedrag vinden. Bij louter persoonlijke verantwoordelijkheid laat een ouder een puber met lichte verhoging vaak toch naar school gaan. Immers, niemand die het controleert, en ik kan gewoon naar mijn werk. Begrijpelijk, want diverse morele principes zijn met elkaar in conflict.

Vooral als de cijfers van de tweede golf weer wat dalen, zullen mensen graag kiezen voor de praktische oplossing van altijd: wij naar het werk, kind naar school. Na deze Spartaanse tijd gun je je kind een verzetje. Je knijpt je ogen toe, en laat die verjaardag met alle vriendjes en vriendinnetjes doorgaan. Het valt te begrijpen. Maar als ouders en kinderen zich collectief verantwoordelijk voelen, wordt het een andere zaak. Jullie toelaatbare gedrag kan er nu voor zorgen dat de hele school twee weken moet sluiten. Dát wil je niet op je geweten hebben. En precies hetzelfde geldt voor de andere ouders.

Feyenoordpubliek

Als ons gedrag gevolgen heeft voor de eigen school, de eigen organisatie, of de eigen voetbalclub, heeft dat als psychologisch voordeel dat we ons collectief verantwoordelijk gaan voelen. Bij twijfel zullen we het kind eerder thuislaten. Een feestje wordt heel klein gevierd of overgeslagen. En mensen zullen elkaar steeds meer wijzen op heersende Covid-normen. Ze gaan de priemende ogen van anderen voelen. Bij hoesten op je werk voel je aan de blikken van de collega’s dat je eigenlijk beter thuis had kunnen blijven. Sterker nog; je gaat anticiperen op de spijt die je krijgt als je toch hoestend naar je werk vertrekt. En blijft dan toch maar thuis.

Het voordeel van consistentie is dat het uiteindelijk rechtvaardig is. Als er in stadions amper besmettingen plaatsvinden, wordt men ook niet arbitrair gestraft door deze 1 procentregel. Natuurlijk zijn er nog hindernissen in deze benadering, zoals een blijvend hoge bereidheid tot testen én een goede samenwerking met de GGD om de juiste cijfers te krijgen.

Maar het gaat om de langere termijn. En dan zou ik als strategie een doelgerichte aanpak met een toetsbare norm kiezen. Daar ingrijpen waar de risico’s op besmetting het grootst zijn, met als belangrijk voordeel dat collectieve verantwoordelijkheid mensen sterk aanzet tot minder riskant gedrag. Toen het stadion zou worden gesloten als er te veel geschreeuwd zou worden, was het Feyenoordpubliek rustig en stil. In Rotterdam zagen we al dat collectieve verantwoordelijkheid werkt. Desalniettemin zou ik beginnen waar mensen elkaar het best kennen: in organisaties en op scholen.

De meeste mensen zijn van goede wil. Nu nog een gerichte aanpak van de overheid die daar slim op inspeelt.


Paul van Lange is hoogleraar psychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

menu