Opinie: Betere communicatie? Steun liever coöperaties

Leden van coöperatie Grunneger Power in 2017 bij hun zonnepanelen op zonnepark Vierverlaten.

Wil energietransitie een zaak van ‘mensen’ worden, dan moet er meer gebeuren dan alleen maar ‘communicatie’ of de verbetering daarvan. Het geld kan beter besteed worden aan de ondersteuning van dorps- en energiecoöperaties.

Drie artikelen achtereen over energietransitie. En alle drie dezelfde teneur: er moet meer worden gecommuniceerd. Luuk Hajema (Als communicatieadviseur betrokken bij de Regionale Energie Strategie, DVHN , 8/5), Johan de Veer (Commentaar, DVHN , 12/5) en Hilda Hoekstra (Vereniging Groninger Dorpen; DVHN, 14/5) wilden het de afgelopen week wel van de daken schreeuwen: „…de burger staat buitenspel in de energietransitie....” Voor een deel hebben zij het gelijk aan hun zijde. Er moet meer (en vooral beter) gecommuniceerd worden. De andere kant is echter dat het veel geld kost, maar niets zal uitrichten. Communicatie is geen Haarlemmerolie in de genezing van allerlei samenlevingskwalen.

Opgeheven vingertje werkt niet

Een paar zaken vooraf: overheidscampagnes hebben, behalve de ‘Bob’, tot nu toe nauwelijks effect. Zeker niet waar het pogingen tot gedragsveranderingen betreft. Niet voor niets zijn anti-rook campagnes aangevuld met drastische beperkende maatregelen. Met wetgeving dus. Dat deed even pijn, maar met uitsluitend het opgeheven vingertje van de communicatie bleek er geen ander doel bereikt te worden dan een beetje bewustwording.

Onder deskundigen is het allang duidelijk: communicatie, dus ook campagnes, is niets meer dan mensen een boodschap voorhouden. Wat mensen met de aangeboden informatie doen, is sterk afhankelijk van vele factoren, zowel sociale als psychische. Informatie moet niet alleen aansluiten bij niveau en belevingswereld van de ontvanger, maar ook nog eens passen in de context van wat hem bezighoudt en waar z’n interesse naar uitgaat. Onze huidige samenleving is grotendeels ingericht op snelle behoeftebevrediging, oppervlakkige kennisneming en vluchtig vermaak. Aanzetten tot ander gedrag lukt alleen als zich daartoe in de persoonlijke en/of collectieve sfeer een pure noodzaak aandient. Bij het roken lukt dat soms na sterfgevallen in de eigen omgeving (individueel); en soms pas met wetgeving (collectief). Bij corona is dat gelukt (grotendeels met crisis-wetgeving). Bij de Groninger aardbevingsellende lukt het maar heel beperkt.

Te kort door de bocht

De algemene teneur van de drie artikelen in het Dagblad (8, 12 en 14 mei) dat ‘Energietransitie voor een belangrijk deel een communicatievraagstuk is’ (Hajema, 8 mei), is op z’n minst te kort door de bocht. Want met behulp van ‘communicatie’ is de afgelopen jaren al heel wat bereikt. De samenleving is al lang ‘rijp’. De basis is gelegd.

Politici willen ‘draagvlak’ maar komen geen steek verder, ook al is publiciteit over klimaatverandering, de gevolgen en de noodzaak om ‘het’ anders te gaan doen, niet van de lucht. Aan de hoeveelheid (massa)communicatie kan het bijna niet meer liggen.

Overheden hebben over hun bijdrage aan de RES (Regionale Energie Strategie) brochures volgeschreven en zich de kelen schor gepraat in nagenoeg lege zalen (opkomst bij elf bijeenkomsten over ‘Ruimte voor Energie’ in de Eemsdelta-gemeenten nog geen 1 procent!). Maar wat staat dan in de weg als het om ‘de grote discussie gaat’? Dat vergt een boek. Dus laat maar even zitten.

Die discussie spreekt ‘het volk’ kennelijk niet aan. Laat die aan deskundigen en belangstellende over.

Steun voor coöperaties

Wil energietransitie een zaak van ‘mensen’ worden, dan zal er meer moeten gebeuren dan alleen maar ‘communicatie’ of de verbetering daarvan. Alle verspilde (financiële en communicatieve) energie zal moeten worden aangewend om met mensen samen en versneld hand in hand te gaan om hele dorpen zelfvoorzienend en energieneutraal te maken. Daartoe moeten in het aardbevingsgebied vele huizen eerst worden versterkt (en dus verduurzaamd). In dorpen en steden waar die problematiek niet of minder speelt, kan gelijk worden doorgepakt.

Een deel van het ‘grote geld’ kan door overheden beter en met meer resultaat worden besteed aan de bemensing en ondersteuning van de energie- en dorpscoöperaties. Energiecoöperaties lopen zich nu de benen uit het lijft, boeken successen, maar lopen ook met koppen tegen muren vanwege gevechten tegen bureaucratische bierkaaien.

Dan heb je draagvlak

Ondanks hun eigen professionele Groninger Energiekoepel (GrEK) ontbreekt het de dorpscoöperaties aan menskracht en professionele ondersteuning. De vrijwilligers van de energiecoöperaties (Groningen heeft er al ruim 40!) en de Buurkracht initiatieven staan te popelen om mee te denken, mee te helpen en fossielvrije dorpen te realiseren. Zij hebben hun sporen al verdiend, verzetten bergen werk, communiceren van mens-tot-mens en kunnen samen met dorpen, buurten, straten, plannen maken en realiseren om energie te besparen én om energie anders op te wekken. Dan heb je draagvlak. Dat levert winst op. Zowel in sociale cohesie als in de portemonnee van mensen. Dat is ‘met mensen in gesprek gaan’ zoals De Veer (12 mei) dat wil. En het ernstig tekort schietende stroomnet wordt er ook nog eens snel minder door belast. En het levert ‘draagvlak.’

Martin Ettema uit Loppersum is gepensioneerd docent communicatie en bestuurslid van energiecoöperatie Lopec

menu