Confucius Instituten, paspoortprofessors, intimidatie - de reputatie van universiteiten lijkt onaantastbaar. Maar het morele kompas is zoek

Beeld van de Keiweek met veel nieuwe studenten. De aantrekkingskracht van Nederlandse universiteiten blijft onverminderd groot, ook als dat bijvoorbeeld huisvestingsproblemen oplevert. Foto: archief/Jeroen Schaaphok

De rel rond de RUG-hoogleraar die zich aan Chinese wetten moet houden, past in een lange reeks schandalen op Nederlandse universiteiten. Toch wordt er amper opgetreden. De (internationale) reputatie blijkt onaantastbaar, maar het morele kompas ligt te verstoffen in een la.

China-hoogleraar Oliver Moore wordt deels betaald door het Confucius Instituut. Hij moet zich volgens zijn contract aan de Chinese wet houden en mag het imago van het land niet beschadigen. De publicatie van de NOS heeft een hoop stof doen opwaaien. Hoe kan een academicus nog vrij zijn in zijn werk, als op voorhand bepaalde onderwerpen taboe zijn?

De reactie van de RUG was lauw. Omdat de hoogleraar uitbetaald wordt via de RUG, zou de academische vrijheid niet in het geding zijn. In 2017 zei hij zelf nog in gesprek met de UKrant dat hij het, mocht China ingrijpen in zijn colleges, niet zo zinvol zou vinden geen zelfcensuur toe te passen. ‘Ik zorg ervoor dat ik die ambtenaar te vriend houd, door het in de collegezaal niet meer over de verkeerde onderwerpen te hebben. Maar in mijn eigen huis kan ik dan nog steeds zeggen wat ik wil, tegen wie ik wil.’

Bedrijfsvoering blijft ongewijzigd

Hoe de rel precies afloopt, wordt in maart tijdens de Universiteitsraad duidelijk. De geschiedenis leert dat er waarschijnlijk weinig zal gebeuren. Want hoe groot het schandaal ook is, de bedrijfsvoering van Nederlandse universiteiten blijft telkens weer onaangetast. Elk jaar komen meer (internationale) studenten in Nederland studeren en de wetenschap is van hoog niveau. Een prikkel voor verandering ontbreekt.

Dat is opmerkelijk, zeker als je de waslijst aan affaires opsomt. Neem de RUG-plannen voor een campus in het Chinese Yantai, waar onrechtmatig belastinggeld naartoe ging en de Raad van Toezicht verzuimde in te grijpen. Bestuurlijke consequenties volgden niet. Of de zogeheten paspoortprofessor, die naast zijn onderzoek ook betaald advies gaf aan de Maltese overheid om paspoorten te verkopen aan niet-EU-burgers.

De lijst gaat door. De RUG heeft bijzondere (en lucratieve) contracten met partijen uit landen die tevens bekend staan om mensenrechtenschendingen, zoals China, Rusland en Saoedi-Arabië. Er staan jaarlijks meer studenten op de stoep dan dat er woningen in de stad zijn, maar behalve noodopvang vindt de universiteit het niet haar taak minder aan werving te doen.

Elders in het land is er een reeks van gevallen van seksuele intimidatie aan de Universiteit van Amsterdam, waar NRC uitvoerig over publiceert. De verantwoordelijk decaan wilde van opstappen niets weten, ook al had hij aantoonbaar niet ingegrepen. En in Wageningen zijn al langer zorgen over de innige verstrengeling met het bedrijfsleven, is onderzoek te koop?

Te weinig geld

Hoewel elke rel z’n eigen aspecten heeft, zijn er enkele gemene delers rond al deze onderwerpen. Ten eerste wordt er vaak pas gehandeld als de pers er lucht van krijgt. Ten tweede zijn structurele oorzaken in het beleid rond de universiteiten de boosdoener.

Universiteiten worden flink ondergefinancierd. Nederland zit ruim onder de Europees afgesproken drie procent van het bruto binnenlands product. Bestuurders van universiteiten zijn daarom vatbaarder voor lucratieve deals met derde partijen.

Op de werkvloer leidt het tot concurrentie om de schaarse zak met geld en om de posities. Hiërarchische verhoudingen worden belangrijker, als postdoc wil je die ene hoogleraar te vriend houden omdat je van haar of hem afhankelijk bent voor je carrière. Uit onderzoek van het Landelijk Netwerk voor Vrouwelijke Hoogleraren (LNVH) blijkt dat deze constructie machtsmisbruik in de hand werkt.

Geen mogelijkheid tot afdwingen

Onderzoekers en studenten willen wel verandering, maar hebben te weinig mogelijkheden om het bij het bestuur af te dwingen. Die kijkt op zijn beurt vooral naar de continuïteit van de universiteit als bedrijf, waardoor morele keuzes op een lager pitje komen te staan.

Er is dus werk aan de winkel. Adequate financiering vanuit de overheid. Meer tegenkracht in bestuur. En ja, ook moreel leiderschap van een college van bestuur. Want hoewel die studenten en onderzoekers misschien wel blijven komen en de RUG het goed blijft doen op reputatieranglijstjes, kijkt de samenleving steeds kritischer naar wat er zich allemaal in die universiteitsgebouwen afspeelt.


Koen Marée is verslaggever bij Dagblad van het Noorden.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
menu