De aardbevingsellende is een ramp van nationale betekenis. Voor echt daadkrachtig optreden is een speciale ‘bevingsminister’ nodig

Ex-minister Eric Wiebes (EZK) is juni 2019 aanwezig op de presentatie van het boek Ik Wacht in de Jacobuskerk in Zeerijp en spreekt na afloop met enkele gedupeerden. Foto: Kees van de Veen

Binnenkort kunnen ook de Groningers naar de stembus. Weer gaan ze kiezen voor een partij die zegt op te komen voor hun belangen. En weer zullen ze bij de daaropvolgende kabinetsformatie teleurgesteld worden.

Tenzij het roer echt omgaat en een nieuw kabinet eindelijk doet wat de beide voorgaande hebben nagelaten. Beloftes inlossen, en een verantwoordelijke minister voor Groningen aanstellen. Een doorzetter met bestuurlijke lef. Daar heeft het tot nu aan ontbroken.

Samenwerking tussen Shell en Exxon

Voor meer dan 400 miljard euro aan gas is er uit het Groningerveld gehaald. Alle achtereenvolgende kabinetten gaven de NAM vrij baan om zich op het wingewest Groningen te storten. Het klinkt zo mooi, Nederlandse Aardolie Maatschappij, maar de NAM is een versluierende benaming voor een samenwerking tussen Shell en Exxon.

Met de Staat der Nederlanden profiteerden beide multinationals volop van de gaswinning, Groningen kreeg vrijwel niets. Wel vloeiden miljarden aan ‘gasgeld’ weg naar haperende projecten als de HSL en de Betuwelijn. Een goedkopere snelle spoorverbinding tussen het Noorden en de Randstad kon er niet van af.

Scala aan gebroken beloftes

Als Groninger, maar ook als dijkgraaf, raakte ik volop betrokken bij de gevolgen van de gaswinning. Daarmee ook bij het opgetuigde circus er omheen. Een scala aan gebroken beloften, volksverlakkerij, onmacht en zeker ook onwil kwam voorbij.

Na de zware beving bij Huizinge in 2012 is de gaswinning niet meteen teruggeschroefd, maar eerst nog even opgevoerd. De Rijksoverheid startte het ene na het andere onderzoek, vooral bedoeld om tijd te winnen. Ministers en hun gevolg kwamen regelmatig langs, spraken zalvende woorden en legden intussen de NAM geen strobreed in de weg.

Als regionaal bestuurder mocht ik ervaren hoe lastig het is om de NAM te laten betalen voor maatregelen die aardbevingsschade kunnen voorkomen. Dan was ik ook nog een van de uitzonderingen. Meestal ving men bot, waar menig inwoner in het aardbevingsgebied over mee kan praten.

Meer geld voor bureaucratie dan herstel

Al met al is tot nu toe meer geld uitgetrokken voor de bureaucratie er omheen dan voor herstel en voorkomen van schade. Meer geld voor de bijzaken dan voor de slachtoffers.

De Tweede Kamer voert het ene na het andere zinloze debat, Kameruitspraken dwarrelen doelloos tegen het plafond. Beloftes aan de getroffenen verdampen in een woud van consulenten, bureaus en onmachtige instituten met onduidelijke taken. De ingestelde Dialoogtafel werd een fiasco. Inwoners en hun organisaties voelden zich niet serieus genomen. NAM-directeur Bart van de Leemput zegde toe elke week wel een half uurtje vrij te willen maken om getroffenen te bezoeken. Critici en actievoerders zijn ‘rücksichtslos’ vernederd en belachelijk gemaakt.

Twee handen op een buik

Van dichtbij zag ik hoe de NAM en het ministerie van Economische Zaken twee handen op een buik waren. Bij de achtereenvolgende ministers prevaleerde uiteindelijk het belang van de NAM, naast dat van de staatskas.

Binnenkort start een parlementaire enquête over de gaswinning. Het duurt nog wel even voordat de conclusies en aanbevelingen op tafel liggen. Waarna we moeten afwachten wat de Groningers eraan hebben.

Ramp van nationale betekenis

De aardbevingsellende is een ramp van nationale betekenis. Om echt daadkrachtig op te kunnen treden, is een speciale ‘bevingsminister’ nodig. Bestuurders uit de regio mogen dan af en toe toegang tot het kabinet hebben, een minister maakt er van meet af aan deel van uit. En kan vanuit die positie echt iets betekenen. Maar dan wel met een ruim budget om zonder omwegen de getroffenen bij te staan. Het wachten heeft voor hen lang genoeg geduurd.

De overheid heeft het afgelopen jaar bewezen dat zo nodig grote bedragen beschikbaar zijn. Betaal dan eerst de gedupeerde Groningers en leg meteen zelf de rekening neer bij de NAM, ofwel bij hun aandeelhouders Shell en Exxon. Daar zit het geld, van daaruit is voortdurend de tegenwerking gevoed.

De macht om door te zetten

In de coronacrisis is al met succes geëxperimenteerd met een speciale minister, Martin van Rijn, met een urgente opdracht. Dat kan nu weer. De politieke kleur doet er niet toe. Partijloos verdient wellicht de voorkeur. Wat telt is dat zij of hij de macht krijgt om eindelijk eens door te zetten. En gewoon te doen wat de Groningers al jaren is beloofd.

Bert Middel is dijkgraaf Waterschap Noorderzijlvest, voorheen lid van de Tweede en Eerste Kamer

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie