Een doeltreffend wapen tegen examenvrees en faalangst? 'Nudging'. Oftewel: geef leerlingen een subtiel duwtje in de rug | opinie

'Nudging' helpt leerlingen met faalangst en examenvrees bij het het stimuleren van een positief zelfbeeld. ANP ROBIN VAN LONKHUIJSEN

De schoolexamens zijn weer begonnen, voor veel leerlingen een extreem spannende tijd. Nudging , oftewel een duwtje in de rug, kan een subtiel maar doeltreffend wapen zijn tegen examenvrees en faalangst, stelt Pascal Cuijpers.

Nudging is een term die sinds 2008 in zwang is. Toen publiceerden wetenschappers Richard Thaler en Cass Sunstein het prijswinnende boek Nudge: Improving Decisions About Health, Wealth and Happiness. Sindsdien wordt er veelvuldig gebruik gemaakt van de term, die staat voor een gedragspsychologische motivatietechniek die mensen kan stimuleren om hun gedrag op een positieve manier aan te passen, zonder andere opties te verbieden.

Vanwege het vrijblijvende karakter van de term, waarbij mensen vaak onbewust een ‘duwtje ( nudge ) in de goede richting’ krijgen aangeboden, blijkt deze aanpak succesvol te werken en steeds meer aan terrein te winnen.

In het boek beschrijven de wetenschappers een aantal belangrijke vormen van nudging uit het dagelijkse leven. Zoals: inzetten op versimpeling, benadrukken van sociale normen, verhoging van het gemak, verkrijgen van transparantie en het aanzetten tot herinneringen.

Oplichtende traptredes

Daarnaast zal iedereen enkele concrete voorbeelden uit de dagelijkse praktijk herkennen. Denk bijvoorbeeld aan de voetstapstickers op de vloer om een bepaalde looproute te volgen, het gemak van voorgesneden fruit en oplichtende traptredes, die je ertoe moeten verleiden om de trap in plaats van de lift te nemen.

Een overeenkomst van de diverse vormen van nudging is dat ze niet direct noodzakelijk zijn, maar wel kunnen helpen om bepaalde acties uit te voeren die kunnen bijdragen aan verbeteringen of aanpassingen op persoonlijk of algemeen vlak.

Cabaretier en programmamaker Tex de Wit gaf onlangs in Volkskrant Magazine een ‘levensveranderende tip’ op nudge -gebied. Hij dacht altijd dat wanneer je iets wilt bereiken of veranderen, je dit helemaal uit jezelf moet halen door het tonen van wilskracht. Later kwam hij erachter dat je deze wilskracht ook een handje kan helpen.

Cherrytomaatjes en dumbells

Zo legde hij tandenstokers, boeken, cherrytomaatjes en dumbells in het zicht op verschillende plaatsen verspreid door zijn huis. Op deze manier maakte hij het zichzelf makkelijker om ze te gaan gebruiken, waardoor hij minder pure wilskracht nodig had. Een persoonlijk aangeleerde manier van nudging dus.

Een vergelijkbaar principe hanteren we op school ook tijdens de faalangst- en examenvreestrainingen. De leerlingen die hiervoor in aanmerking komen, zetten een eerste stap door het voor zichzelf erkennen van spanningen die ze ervaren op cognitief, sociaal en/of motorisch gebied.

Aan de basis van deze trainingen staat het stimuleren van een positief zelfbeeld. Dit kan onder andere door het bespreken van persoonlijke kwaliteiten en het aangeven van wat er allemaal wél goed gaat, in plaats van de nadruk te leggen op wat er minder goed gaat in hun beleving.

Hierbij is het de bedoeling dat ze vanaf dat moment gaan proberen hun gedachten om te buigen van negativiteit naar positiviteit. Bijvoorbeeld door in eerste instantie voor zichzelf helder te maken wat persoonlijke ‘plus en min-activiteiten’ zijn. De plus-activiteiten zijn energiegevers en de min-activiteiten zijn de energievreters.

Rode en groene kaarten

Tevens wordt er tijdens dit proces gebruik gemaakt van rode en groene kaarten. Daarbij is het de bedoeling dat alle gebeurtenissen die een negatieve lading hebben op de rode kaart worden geschreven en alles wat als positief wordt ervaren op de groene kaart. Denk hierbij aan complimenten, een goed cijfer, een leuke activiteit of mooie herinneringen.

Vervolgens volgt er een stukje nudging . De deelnemende leerlingen krijgen de opdracht om de groene en rode kaarten aan te blijven vullen. De rode kaart wordt op een minder toegankelijke plek gelegd en de groene kaart wordt ergens duidelijk in het zicht gehangen, op een prominente plek in huis. Op deze manier worden ze telkens herinnerd aan alle positiviteit en creëren ze zodoende een beter zelfbeeld.

Bijkomend voordeel: net als de aanduiding op de meeste gezelschapsspellen kan deze aanpak worden uitgevoerd door iedereen van 8 tot 88 jaar.

Pascal Cuijpers is docent in het voortgezet onderwijs, publicist en auteur

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Eindexamens