Opinie: Gemeenteraad van Groningen verkwanselt cultureel erfgoed en verwoest gemeentelijk monument onherstelbaar

De drafbaan in de jaren zeventig. Foto: Persfotobureau D. van der Veen

Als er één stad in Nederland is waarmee het paard zeer nauw is verweven dan is dat de stad Groningen. Daarom moet de drafbaan niet verdwijnen.

Voor het station staat het beeld van ‘t Peerd van Ome Loeks. Op de Radesingel staat een schitterend beeld van een veulen, dat in de volksmond Lutje Loeks wordt genoemd. Bovenop de Martinitoren prijkt ook een beeld van en paard. En iedere Groninger kent het meest beroemde lied van Stad en Ommeland, dat begint met de zin ‘t Peerd van Ome Loeks is dood. Naast het Friese paard en het Gelders paard kennen we het Gronings paard. In het stadhuis hangt op een zeer prominente plek het meest bekende schilderij van Otto Eerelman, ‘de paardenkeuring op de Grote Markt’. Wie staat zeer prominent op dit schilderij afgebeeld? Jan Evert Scholten, over wie zo meer.

Bladgoud

Alle aanleiding voor bestuurders van de gemeente Groningen om zorgvuldig om te gaan met dat wat niet alleen ‘des Paards’ is, maar ook met het culturele erfgoed dat het paard in levende lijve - met bladgoud bedekt, in brons gegoten, in beton gestort of in olieverf vastgelegd - voor Stad en Ommelanden nu eenmaal is.

Dat lijkt helaas niet het geval, want de gemeenteraad van Groningen heeft onlangs besloten om met ingang van 2021 de ‘Koninklijke Harddraverij- en Renvereniging Groningen’ de huur van misschien wel de mooiste drafbaan van Nederland op te zeggen. Deze drafbaan moet plaatsmaken voor een evenemententerrein, waarop grootschalige evenementen zoals popconcerten en bevrijdingsfestivals kunnen worden gehouden. Toen de Rolling Stones en Tina Turner op het middenterrein van de drafbaan optraden, was de aanwezige sintelbaan geen enkel probleem. Waarom dat nu plotsklaps wel een probleem zou kunnen worden is alle liefhebbers van het paard, en de drafsport in het bijzonder, een raadsel.

Ja, het aantal bezoekers, het aantal meetings, de toto-omzet, de aantallen deelnemers zijn mager, maar de drafbaan maakt een meer dan integraal onderdeel uit van het zeer fraaie, door de beroemde landschapsarchitect ontworpen ‘Leonard Springer Groninger Stadspark’, dat in haar totaliteit een gemeentelijk monument is. Met het verdwijnen van de drafbaan wordt niet alleen aan het gemeentelijk monument onherstelbare schade toegebracht, maar ook aan het ontwerp van deze legendarische landschapsarchitect.

Stadswallen

Rond 1900 werd er op een paar weilanden gelegen tussen de verdwenen Jacobijneweg en de nog bestaande Korreweg net buiten de Groninger stadswallen een renbaan aangelegd. Een logische locatie, want op deze Korreweg werden kortebaandraverijen onder de man en voor de sjees verreden. Ook deze kortebaan draverijen zijn dankzij Otto Eerelman voor het nageslacht bewaard gebleven. Daar moet de aanleiding gevonden worden voor Jan Evert Scholten, zoon van Willem Albert Scholten, om in 1886 de Groninger Harddraverij- en Renvereeniging op te richten. Bij het eeuwfeest verkreeg deze vereniging zelfs het predicaat Koninklijk.

Jan Evert Scholten was de zoon van Willem Albert en hij kan worden beschouwd als ‘s werelds eerste landbouw industrieel. W.A. Scholten stichtte 25 fabrieken in binnen- en buitenland en zijn onderneming mag worden beschouwd als eerste Nederlandse industriële multinational. Jan Evert, die zijn vader opvolgde, was bij zijn overlijden een van de meest vermogende mensen van Nederland. Voor hij in 1918 overleed had hij veel voor de stad Groningen betekend. Hij stelde zijn landgoed De Braak bij Paterswolde open voor het publiek. Hij bouwde aan het Paterswoldsemeer De Paalkoepel en het clubhuis van de zeilclub. Geïnspireerd door de rond de eeuwwisseling in Noord-Amerika ontstane ‘City Beautiful beweging’ richtte Scholten de Vereeniging Het Stadspark op. De grondgedachte achter deze beweging was de verfraaiing van de stad, waardoor deze zou bijdragen aan een harmonieuze maatschappij met een hogere levenskwaliteit.

Enorm belang

In de tijd dat Jan Evert Scholten leefde was het paard van enorm belang. Wat nu wordt vervoerd door vrachtwagens en bestelbussen werd toen voortbewogen met behulp van het paard. Niet voor niets wordt de eenheid van arbeidsvermogen nog steeds met de letters PK (PaardenKracht) aangeduid. Jan Evert Scholten moet een grote liefde voor het paard hebben gehad. Dat blijkt ook nadrukkelijk uit het feit dat op het monument dat ter nagedachtenis aan hem in het Stadpark is opgericht, twee bronzen plaquettes zijn aangebracht. Op één staat een fokmerrie met veulen afgebeeld, op de ander een harddraver in actie.

In de eerste uitgave van het ‘Groningsch Paardenstamboek 1897’ staat vermeld „Als blijk van dankbare hulde wordt dit stamboek opgedragen aan den eere-voorzitter der provinciale vereeniging ter bevordering der paardenfokkerij in Groningen, de heer J.E Scholten te Groningen”. Het is namelijk Jan Evert Scholten geweest die in 1888 het initiatief heeft genomen om dit stamboek op te richten, om op die wijze een bijdrage te leveren aan het verbeteren van de fokkerij. Het spreekt dan ook vanzelf dat Scholten deze vereniging financieel ruim ondersteunde. Dat er een einde aan de drafbaan locatie Korreweg kwam was logisch, omdat de stad daar haar uitbreidingsplannen wilde realiseren. In 1922 werden aan de Korreweg de laatste draverijen verreden.

28 augustus 1922

Scholten had dat ruim van tevoren zien aankomen en had mede daarom in 1909 de Vereeniging Het Stadspark opgericht. Hij schonk de vereniging de benodigde grond. In 1926 werd het Stadspark officieel geopend, maar op maandag 28 augustus 1922 werden reeds de eerste draverijen in het Stadspark verreden. Het kan dus niet anders dan dat een van de inwoners van de stad Groningen die het meest voor deze stad heeft betekend, Jan Evert Scholten, het Stadspark maar om één enkele reden van de grond heeft getild, namelijk om een schitterende locatie te realiseren voor zijn grote liefde het paard in het algemeen en de drafsport in het bijzonder.

Met het laten verdwijnen van de drafbaan uit het Groninger Stadspark tast het gemeentebestuur van Groningen de nalatenschap van Jan Evert Scholten niet alleen in het hart en in de ziel aan, maar zou het ook de status van gemeentelijk monument dienen te verliezen.

Als dit besluit niet wordt teruggedraaid staat het peerdenvolk van Stad en Ommeland nog slechts één mogelijkheid open. Haal weg het Peerd van Ome Loeks, verwijder Lutje Loeks, plaats een haan op de Martinitoren. Zing nooit meer over ‘t Peerd. Verwijder het schilderij van de Paardenkeuring op de Grote Markt uit het Raadhuis. Daarop staat immers zeer prominent Jan Evert Scholten afgebeeld. Dit gemeentebestuur verdient het niet om hem ooit nog onder ogen te komen.

Cultureel erfgoed wordt verkwanseld en een gemeentelijk monument wordt onherstelbaar verwoest.

Jacob Melissen is hippisch journalist

menu