Opinie: 'Een app tegen coronavirus? Prima, maar dan alleen vrijwillig'

Minister Hugo de Jonge. Foto ANP/BART MAAT

Onze smartphones kunnen een rol spelen bij het intomen van het aantal coronabesmettingen. Maar het gebruik van een contactopsporingsapp mag niet worden afgedwongen. Dat zou het vertrouwen in de overheid ondermijnen, vinden Robbert Bodegraven en Richard Wouters.

Een van de kostbaarste bezittingen van een land is zijn sociaal kapitaal. Dat omvat de bereidheid van burgers om elkaar te helpen en het vertrouwen tussen burgers en overheid. Sociaal kapitaal is onmisbaar bij een crisis zoals de corona-uitbraak.

Zonder de zorgwerkers die zich wegcijferen voor hun patiënten, zonder de mensen die boodschappen doen voor ouderen en zieken, zonder de bedrijven die hun machines ombouwen om extra beschermingsmiddelen te produceren, zou het menselijk leed door corona nog veel groter zijn.

'Zonder vertrouwen in de overheid zouden we slechter af zijn'

Zonder vertrouwen van burgers in hun overheid zouden we ook slechter af zijn. Hoewel de overheid zich de afgelopen jaren niet altijd betrouwbaar toonde – zie de toeslagenaffaire bij de Belastingdienst – heeft zij gezag behouden. Verreweg de meeste burgers volgen de regels en adviezen die de verspreiding van het coronavirus afremmen.

De overheid, op haar beurt, toont vertrouwen in burgers. De regering heeft de noodtoestand niet afgekondigd, sluit ons niet op in onze huizen onder politiedwang en blijft verantwoording afleggen. Ofschoon een aantal van onze vrijheden fors is ingeperkt, is er geen onherstelbare schade toegebracht aan de democratische rechtsstaat. Dat is in een aantal andere landen wel anders; denk aan de opschorting van de democratie in Hongarije en aan de privacyschendingen in een aantal Aziatische landen.

Vertrouwen bewaken

Nu we voorzichtig mogen denken aan de volgende fase van de crisisaanpak, waarbij de ‘intelligente lockdown’ stapsgewijs wordt versoepeld met oog voor kwetsbare groepen, is het zaak om het vertrouwen tussen burgers en overheid in stand te houden.

Wanneer meer mensen straks weer naar hun werk of school mogen, moet voorkomen worden dat het aantal coronabesmettingen opnieuw zo sterk oploopt dat de zorg in de knel komt. Minister De Jonge van Volksgezondheid onderzoekt daarom de inzet van een contactopsporingsapp. Dan kan met behulp van onze smartphones worden nagegaan of we ons langdurig in de nabijheid hebben bevonden van iemand die kort daarna besmet bleek. Zo ja, dan krijgen we het dringende advies om binnen te blijven.

Zo’n app kan privacyvriendelijk worden vormgegeven, zo bewijst de door Europese wetenschappers ontwikkelde app PEPP-PT . Zonder locatiegegevens of andere persoonsgegevens vast te leggen, stelt deze app ons in staat de mensen die bij ons de buurt waren te waarschuwen als uit een test blijkt dat we corona hebben. Dat gebeurt anoniem en vrijwillig.

Verbijsterend

Alleen een privacyvriendelijke en vrijwillige contactopsporingsapp past in onze rechtsstaat. Alleen zo’n app doet recht aan de Nederlanders die hun verantwoordelijkheid nemen. Het is daarom verbijsterend dat de minister niet wil uitsluiten dat het gebruik van een contactopsporingsapp verplicht wordt gesteld. Dat is een recept voor splijtende debatten en tegenwerking door app-weigeraars.

Een app die mensen verplicht moeten installeren op hun smartphones, op straffe van een boete of beperking van hun bewegingsvrijheid, zet het vertrouwen van burgers in hun overheid op het spel. Dat kostbare vertrouwen mag de regering niet verspelen, zeker niet in crisistijd.

 

Robbert Bodegraven en Richard Wouters zijn directeur respectievelijk medewerker van Wetenschappelijk Bureau GroenLinks

menu