Opinie: Overvloed gaat ons niet helpen

De olieraffinaderij van Shell Pernis in de Rotterdamse Haven. Foto ANP/Marten van Dijl

Meer welvaart zorgt voor een duurzamer wereld, schreef Ralf Bodelier maandag in deze krant. Dat neigt naar desinformatie en zet de wereld op zijn kop.

Het artikel van de hand van Ralf Bodelier ( DVHN , 24/8) deed mij de wenkbrauwen ernstig fronsen, omdat de strekking ervan neigt naar desinformatie. De lezer wordt faliekant op het verkeerde been gezet. Onderzoek laat precies het tegenovergestelde zien van wat hij beweert. Het begint al met de titel: ‘Meer welvaart zorgt voor duurzamer wereld’. Die is ronduit misleidend, omdat meer overvloed en welvaart (meer productie dus) resulteert in een groter beslag op grondstoffen, en meer broeikasgasemissies en afval. Dat wil zeggen, tenzij technologische vernieuwing ons in staat stelt goederen efficiënter te produceren, zodanig dat minder grondstoffen en minder uitstoot de productiestijging compenseren. En daar zit nu net de crux, omdat onderzoek laat zien dat technologische vernieuwing geen gelijke tred houdt met de productietoename.

Olie

Naar verwachting zal in de periode 2000-2030 de productie (gemeten in aantallen goederen) met ongeveer 150 procent toenemen. Voor een grondstof als olie wordt verwacht dat de efficiëntie toeneemt, zodat we er per eenheid product ongeveer 47 procent minder van gaan gebruiken. Gecombineerd betekent dit dat het olieverbruik in die periode met zo’n 36 procent toeneemt. Met andere woorden de technologische vernieuwing kan de groei van de productie niet bijbenen, met als gevolg dat in absolute zin het gebruik van olie toe blijft nemen. Dat geldt ook voor andere grondstoffen, maar eveneens voor CO2-emissies. Als gevolg van technologische vernieuwing (innovaties) en een daling van het gebruik van fossiele brandstoffen nemen die in de periode 2000-2030 met ongeveer 40 procent per eenheid product af. Doordat de productie met 150 procent stijgt neemt de absolute uitstoot met zo’n 70 procent toe in die periode

Gedragsverandering

Om ervoor te zorgen dat het beslag op de natuurlijke omgeving vermindert, is naast technologische vernieuwing ook een gedragsverandering noodzakelijk in met name de rijke landen. Onderzoek laat namelijk zien dat consumenten in deze landen verantwoordelijk zijn voor het leeuwendeel van het mondiale klimaatprobleem, de uitputting van grondstoffenvoorraden en milieuvervuiling. Wat dus nodig is, is inderdaad minder, minder, minder. Dat is terecht al sinds de jaren zeventig de geharnaste boodschap van de milieubeweging.

De enige remedie tegen de teloorgang van de natuurlijke omgeving is dat we in het rijke Westen de productie terugschroeven tot een sociaal en ecologisch verantwoord niveau ten gunste van de arme landen. Er is geen andere mogelijkheid om tot gedeelde welvaart te komen. Dit is een ongemakkelijke waarheid, maar het is niet anders. De opmerking “Niet het tegenhouden van ontwikkeling en welvaart, maar juist het bevorderen ervan komt de aarde en haar bewoners ten goede” raakt dus kant noch wal.

De wereld op zijn kop

Ook klopt de argumentatie niet die Bodelier aan de dag legt. Als de productie toeneemt en daardoor de natuurlijk omgeving wordt aangetast, dan is het onzin om die extra verdiensten die dat oplevert vervolgens in te zetten om de natuur te beschermen. Dat is de wereld op zijn kop. De beste manier om te zorgen dat de natuurlijke omgeving niet verder wordt aangetast is het aanpakken van de oorzaak. En dat is de productie in te dammen.

De opmerking “Terwijl in Europa de uitstoot van CO2 de afgelopen 25 jaar met een derde zakte, steeg die in Azië en Afrika met twee derde” is puur suggestief. Het is dan van belang dat aangegeven wordt wat de maatstaf is waarmee gemeten wordt. Als we -bijvoorbeeld- kijken naar de CO2-uitstoot per persoon, dan kunnen we zeggen dat Afrika het qua ontwikkeling slechter doet dan Europa. Daar moet dan wel bij worden aangetekend dat de uitstoot in Europa ongeveer zes keer zo groot is. Hoezo leidt armoede tot een grotere CO2-uitstoot? Relatief doen arme regio’s, zoals Afrika het slechter dan rijke regio’s zoals Europa, maar in absolute zin zijn de verschillen erg groot ten nadele van de rijke landen. De opmerking “Niets is zo slecht voor de natuur en het milieu als armoede” kan dan ook niet anders dan met grote scepsis worden gelezen.

Schijnoplossing

Wat mij vooral stoort aan het artikel is dat het een gemakkelijke oplossing voor een ingewikkeld probleem aanreikt, terwijl het een schijnoplossing is die niet in de buurt komt van wat een echte oplossing zou kunnen zijn. De echte oplossing vraagt offers van ons allemaal, omdat de bomen nu eenmaal niet tot in de hemel groeien. Verkondigen dat overvloed de wereld juist duurzamer maakt, is een grove onwaarheid en tevens een innerlijke tegenstrijdigheid. Het suggereert dat het opofferen van de natuurlijke leefomgeving aan economische groei goed is voor de natuurlijke omgeving. Veel onzinniger kun je het niet krijgen.


Egbert Dommerholt uit Hoogeveen is lector Biobased Business Valorization aan de Hanzehogeschool Groningen.

menu