Opinie: Plaats geen windmolens op de zeedijk

De Waddendijk bij Termunten. Rechts het natuurgebied van de polder Breebaart en links het water van de Eems Dollard. Foto: Peter Wassing

Waterschap Hunze en Aa’s wil een intentieovereenkomst met energiebedrijf RWE sluiten over de plaatsing van grote windmolens op de zeedijk langs de Eems-Dollard. Dat is om meerdere redenen een heel slecht idee.

In het boek De Dollard, een dijk te ver beschrijft Carla Alma hoe een gedeeltelijke inpoldering en de aanleg van een buitendijks kanaal de Dollard ternauwernood bespaard bleef. Precies vijftig jaar geleden nam het toenmalige waterschap Reiderzijlvest het besluit voor de uitvoering van het Dollardplan. Dat behelsde een ingrijpende aanpassing van de waterhuishouding in het stroomgebied van de Westerwoldse Aa en inpoldering van 1000 hectare van de Dollard om de aanleg van een buitendijks kanaal mogelijk te maken. De sluis op de Punt van Reide werd al gebouwd, maar toch liep het anders. Het kabinet Den Uyl zag net op tijd in dat het in de Dollard om onvervangbare natuurwaarden ging en haalde een streep door de inpoldering. Een trendbreuk: voor het eerst was er oog voor ecologische belangen en niet alleen economische.

‘Grote windmolens’

Op dit moment lijkt de geschiedenis zich te herhalen. Het dagelijks bestuur van waterschap Hunze en Aa’s, waarin ook voorganger Reiderzijlvest is opgegaan, wil een intentieovereenkomst sluiten met energiebedrijf RWE over de bouw van drie of vier ‘grote windmolens’ op de zeedijk. De gehele dijk tussen Delfzijl en Nieuwe Statenzijl is hiervoor zoekgebied. Behalve het industriegebied bij Delfzijl valt dit zoekgebied buiten de door de provincie aangewezen gebieden voor plaatsing van windmolens.

Plaatsing van windmolens moet het resultaat zijn van een zorgvuldige ruimtelijke afweging die rekening houdt met leefbaarheid, natuur en landschap. Die heeft hier niet plaatsgevonden. Het waterschap ziet de zeedijk, ooit in eigendom verkregen uit oogpunt van kustveiligheid, nu als ‘asset’ in het streven om als organisatie energieneutraal te worden.

Vogels

De Dollard en aangrenzende delen van de Eems zijn het leefgebied van tienduizenden vogels. Zij tanken hier bij tijdens hun vogeltrek, ganzen gebruiken de Dollard als slaapplaats, sterns en kluten broeden op de kwelders en soorten als zeearend en grauwe kiekendief passeren met grote regelmaat de zeedijk. Al deze vogels lopen groot risico om slachtoffer te worden van een aanvaring met windmolens. Hetzelfde geldt voor vleermuizen. De Dollard is een schakel in de trekroute van ruige dwergvleermuizen uit de Baltische landen. De vleermuizen volgen daarbij de zeedijk en foerageren in de luwte van de dijk. De natuur in de Dollard geniet internationale bescherming en Nederland heeft een grote verantwoordelijkheid om hier zorgvuldig mee om te gaan.

Uniek landschap

Ook het landschap van de Dollard, omliggende polders en de kust van de Eems is uniek. Het gebied maakt deel uit van Werelderfgoed Waddenzee, waarbij de openheid van het landschap één van de ‘outstanding values’ is. Plaatsing van windmolens op de zeedijk heeft een enorme impact op het monumentale landschap van de graanrepubliek en de beleving ervan, juist omdat dit gebied als gevolg van een zorgvuldig ruimtelijk beleid gevrijwaard is gebleven van windmolens.

Er is maar één Dollard

Net zoals vijftig jaar geleden de inpoldering van de Dollard dat toen was, is nu het plaatsen van windmolens op de zeedijk een heel slecht idee. Het Groninger Landschap en de Waddenvereniging doen, mede namens Vogelbescherming, Natuurmonumenten, Natuur en Milieufederatie Groningen en Stichting WAD, een dringend beroep op het algemeen bestuur van het waterschap Hunze en Aa’s om niet akkoord te gaan met het voorstel om RWE ruimte te bieden voor de bouw van windmolens op de zeedijk. Er zijn vele manieren om als organisatie energieneutraal te worden, maar er is op deze wereld slechts één Dollard!

Marco Glastra is directeur van Het Groninger Landschap, Lutz Jacobi is directeur van de Waddenvereniging.

menu