Opinie: Toerisme moet hoger op nationale agenda

Rust en ruimte van het noordelijke landschap bieden kansen. Foto: Kees van de Veen

De sector recreatie en toerisme is hot, maar de sector is ook kwetsbaar. Dat besef is misschien door corona wel sterker dan ooit.

Natuurlijk is het primair aan ondernemers in de sector toerisme en recreatie om hun ‘product’ goed in de etalage te zetten, maar de sector is inmiddels zo groot en daarmee zo belangrijk voor onze economie, dat “investeren” vanuit de overheid meer dan gerechtvaardigd is. Zoals ook de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur al eerder (voordat Corona zich aandiende) concludeerde: ‘Met toerisme wordt inmiddels evenveel verdiend als in de bouw.’ Een voor Nederland belangrijke grote economische sector dus, met veel kansen op meer (brede) welvaart en versterking van de leefbaarheid in gebieden die dat goed kunnen gebruiken. Kortom, het onderwerp mag dan ook wel wat hoger op de politieke agenda’s, zeker ook in Den Haag.

Dramatische daling

Het nieuws van afgelopen week dat dit coronajaar Nederland een dramatische daling van het aantal bezoekers oplevert, toont die urgentie opnieuw aan. Geen 22 miljoen buitenlandse gasten maar misschien slechts 8 miljoen, zo berichtte het Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen (NBTC). Bovendien loopt het aantal binnenlandse bezoeken ook nog eens met 36 procent terug. Laten we hopen dat dit zo niet blijft en dat we Corona straks achter ons kunnen laten. Tot die tijd vraagt dit om een nationale aanpak om het tij te keren.

Hinder en kansen

Maar die regie is zeker óók nodig als we terugkeren naar het oude normaal. Vele jaren is er sprake geweest van een alsmaar wassende stroom toeristen met bijbehorende economische impulsen. Met enerzijds hinder en uitwassen in een stad als Amsterdam en een dorp als Giethoorn, met de daarbij behorende problemen. Schadelijk voor de leefomgeving en de samenleving én op den duur ook nadelig voor de sector. Maar anderzijds biedt toerisme juist kansen op versterking van leefbaarheid in perifere gebieden. Juist het groeiperspectief, maar ook het besef dat ‘ruimte’ kwaliteit is, biedt heel veel kansen voor gebieden buiten de Randstad. En laten we in het Noorden deze kwaliteit volop in huis hebben!

Hoger op de agenda

De sector staat hoog op regionale agenda’s. Maar het is duidelijk dat de medaille ook een landelijke kant heeft. Die blijkt ook als je ziet dat toerisme veel beleidsterreinen raakt. Van transport, natuur en economie tot leefbaarheid, voorzieningen en welzijn. Maar ook gezondheid en wonen, evenementen, horeca, retail, duurzaamheid, energie en landbouw. Dat vraagt een samenhang waar op dit moment, althans op nationaal niveau, niemand echt goed voor zorgt. Juist de crossovers die vanuit (kwaliteits)toerisme kunnen ontstaan op bovenstaande beleidsterreinen vragen om een verantwoordelijke minister of staatssecretaris, omdat de discussie anders niet bij toerisme begint. Terwijl als dat vaker gebeurt, dit juist kansen creëert. Een aansporing dus voor ‘Den Haag’ om het onderwerp flink hoger op de agenda te zetten.

Eigen ministerie

In een nieuw kabinet zou dat gestalte kunnen krijgen door bijvoorbeeld een minister of staatssecretaris te benoemen die zich uitsluitend bezig kan houden met toerisme en recreatie. Of bijvoorbeeld door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat voortaan Economische Zaken, Klimaat en Toerisme te noemen. Dit is geen unieke gedachte. Vorige zomer brak het NBTC een lans voor een ‘minister met veel mandaat’. Een paar maanden later schudde ook een meerderheid in de Tweede Kamer publicitair aan deze boom. En je ziet het elders in de Europese Unie ook gebeuren. Kroatië bijvoorbeeld is een van de landen met een eigen minister van toerisme.

Lonend

Toerisme vraagt om visie, sturing en daadkracht. Regionaal én landelijk. En investeren in toerisme loont. Toerisme kan immers (brede) welvaart van buiten naar de regio brengen. Ook in de herfstvakantie die weer voor de deur staat. Toerisme heeft dan ook alles in zich om de dynamiek aan te jagen die we nodig hebben voor onze noordelijke economie.

Avine Fokkens-Kelder en Mirjam Wulfse zijn g edeputeerde Recreatie en Toerisme van respectievelijk de provincies Friesland en Groningen.

menu