De door de gemeenteraad Groningen goedgekeurde Herijkte Visie Stadspark is een verkoopfolder vol tegenstrijdigheden, waar de framing van af druipt | opinie

Een beeld van het groene en lommerrijke Stadspark. Foto: Richard van Hoove

Saskia Sterkman waagt zich aan een analyse van de Herijkte Visie Stadspark, die ondanks veel weerstand van omwonenden is goedgekeurd door de gemeenteraad. Volgens haar is de Visie een verkoopfolder en is het de gemeente eigenlijk maar om één ding te doen: geld.

Afgaand op de stroom reacties op de Herijkte Visie Stadspark, is het duidelijk dat ik niet de enige ben bij wie dat stuk de wenkbrauwen onder de haargrens doet verdwijnen of in V-vorm boven de neus verkrampen. Zorgen en bezwaren die anderen eerder uitten zal ik niet herhalen, al kan ik de meeste ervan onderschrijven. In plaats daarvan waag ik mij aan een analyse.

De Visie leest beroerd. Het begint al met een stelling die niet klopt en daardoor wrevel oproept: het Stadspark zou bij Stadjers onbekend zijn en er meestentijds verlaten bij liggen. Dat beeld was ten tijde van de vorige Visie in 2005 misschien correct, maar bleek in 2018 al aan herziening toe, toen uit het Stadspanelonderzoek naar voren kwam dat 90 procent van alle respondenten het park niet alleen kent, maar er ook komt, van wie 20 procent één tot meerdere keren per week.

Door corona is het Stadspark drukker geworden en anno 2021 kunnen we dan ook gerust zeggen dat het een goed bezocht park is. Maar de gemeente volhardt en blijft beweren dat het park alleen door ‘de individuele rustzoeker’, een enkele hondenuitlater en een verdwaalde jogger worden gevonden.

Vastbijten in een leeg park

Zij omarmt de nieuwe werkelijkheid dus niet, maar bijt zich vast in dat beeld van een leeg park dat moet worden opgeleukt met ‘publiekstrekkende functies’.

Dat is vreemd. Ze zou zich kunnen verheugen in de toegenomen belangstelling voor het park zónder dat daar ingrepen voor nodig waren, dat het park als park genoeg blijkt en dat ze dus alleen op versterking van typische parkwaarden hoeft in te zetten. Maar nee, met hand en tand verdedigt ze de noodzaak van publiekstrekkers, waar volgens haar ‘over het algemeen behoefte aan is’.

Persoonlijk heb ik die behoefte niet uit de resultaten van het Stadspanelonderzoek kunnen destilleren: 15 procent van de respondenten was voor meer activiteiten, 12 procent voor meer evenementen in het Stadspark.

Meer reuring ‘algemene behoefte’

Wacht even. Dus die 20 procent die het park minimaal eens per week bezoekt wordt als ‘onvoldoende’ gekwalificeerd, maar die 12 tot 15 procent die voor meer reuring in het park is staat voor ‘algemene behoefte’?

Héél vreemd. Daar móet wat achter zitten en het ligt voor de hand wat dat is: geld. Want elke ondernemer die zich in het park kan vestigen levert geld op in de vorm van huur of pacht voor de locatie. Hoe meer ondernemers, hoe meer geld. Dus roept u maar wat u wilt, inwoners van Groningen, dan zorgen wij wel dat we er een plek voor vinden.

Een duik in de resultaten van het Stadspanelonderzoek brengt meer afwijkingen van het in de Visie gestelde aan het licht. Zoals het punt ‘bereikbaarheid’, dat het hoogst scoorde van alle onderwerpen op de tevredenheidsschaal: 80 procent van de respondenten was er tevreden tot zeer tevreden over. Maar de gemeente wijst op ‘de matige bereikbaarheid’ van het park en noemt dat één van de oorzaken van het feit, dat het Stadspark niet gevonden wordt.

Oorzaak: iets anders onwaars

Ergo: de oorzaak van iets onwaars is iets anders onwaars.

Saillant détail: in het hele Stadspanelonderzoek – het enige onderzoek dat aan de Visie voorafging – zijn geen vragen opgenomen die de correlatie tussen die onwaarheden hadden kunnen blootleggen, laat staan dat causaliteit is aangetoond.

Vanwaar al deze verzinsels? Daarvoor moeten we kijken naar de conclusie die de gemeente aan haar stelling verbindt, namelijk dat er meer entrees moeten komen en meer paden.

Opnieuw gaat het om geld

Voor wandelende Stadjers? Welnee. Voor 30.00-75.000 bezoekers aan evenementen op de drafbaan. En voor hulpdiensten natuurlijk, bij calamiteiten. Dus opnieuw gaat het hier om: geld.

Het Stadspark als verdienmodel. Plannen, verpakt in groen, gerecycled papier met biologisch afbreekbare participatieprint. Aangesmeerd als ‘Visie’ in een verkoopfolder vol tegenstrijdigheden, waar de framing van af druipt. Niet gebaseerd op onderzoek en feiten, maar op aannames en gesjoemel met cijfers.

En desalniettemin goedgekeurd door de raad. ‘Voor alle Stadjers.’ De kreet die zand in de ogen strooide en coalitiepartijen van kleur deed verschieten.

Saskia Sterkman is een zich verbazend Stadjer en omwonende en frequent bezoeker van het Stadspark

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie