Dromen van een plank vol boeken

Van David Vlietstra (Franeker, 1978) uit Groningen verschenen kort achter elkaar twee kinderboeken, Meester Bakkebaard en Willy Boem Binnenkort verschijnt zijn derde, Hocus Pocus Pinguïn.

Het is altijd mijn droom geweest een boek te schrijven. Ik stuurde manuscripten naar uitgevers, maar kreeg steeds afwijzingen: ze vonden het ‘bijna goed genoeg’. Voor mij was dat een stimulans te blijven schrijven. Met Meester Bakkebaard, een voorleesboek met verhaaltjes over een meester die met zijn klas meedoet aan een knutselwedstrijd om een schoolreisje te winnen, kwam ik binnen bij uitgeverij Clavis in België.

Ik ben meester en daardoor rolmodel
Ik ben leerkracht op de Menso Altingschool in Paterswolde. Het idee voor Meester Bakkebaard heb ik te danken aan een bijnaam die een leerling mij ooit gaf toen ik voor groep 8 stond. Die moet ik onthouden, dacht ik. Tegenwoordig geef ik les in de onderbouw. Daar zijn de Bakkebaard-verhalen ook voor bedoeld. Dat het hoofdpersonage een meester is, is natuurlijk mooi. Er staan niet zo veel meesters voor de klas in de onderbouw.

Bij ons krijgen leerlingen minimaal twee meesters op hun pad. Het hoeft geen probleem te zijn... Toch kan ik mij voorstellen dat je als ouder er iets van vindt als je kind van groep 1 tot en met groep 8 alleen maar juffen krijgt. Ik ben een meester en daardoor een rolmodel. Tegelijkertijd weet ik niet precies wat dat is, een rolmodel zijn. Wat doe ik voor de klas anders dan wat een vrouw doet?

Willy Boem
Toen duidelijk was dat Meester Bakkebaard zou worden uitgegeven, had ik mijn tweede boek, Willy Boem, voor de helft af. Mijn uitgever wilde het meteen hebben, het leek alsof ze er er verliefd op was. Bij het schrijven ervan werd ik geïnspireerd door De gebroeders Sister, een western van Patrick DeWitt. Er worden niet meer zoveel westerns geschreven, helemaal niet voor kinderen. Het leek mij een prachtige wereld voor een avontuur met Willie Boem, het kleine broertje van de beroemde cowboy Billie Boem.

Bij het teruglezen ontdekte ik dat Willie Boem erg lijkt op hoe ik zelf vroeger was. In het begin van het verhaal is het een verlegen, rustig jongetje dat nooit kattekwaad uithaalt. Gaandeweg komen er moeilijkheden op zijn pad en wordt hij steeds assertiever. Op het laatst neemt hij het op tegen de grote schurk in het boek. Wat ik kinderen wil meegegeven, is dat je over verlegenheid en bescheidenheid heen kunt groeien.

Hocus Pocus Pinguïn
Vroeger was mijn ambitie ooit een keer een boek uitgegeven te krijgen. Nu dat bereikt is, mik ik hoger: een of twee titels per jaar. Volgende maand verschijnt mijn derde boek bij Clavis, Hocus Pocus Pinguïn, over een goochelaar die pinguins uit zijn hoge hoed tovert omdat de konijnen geen zin meer hebben. Het wordt een groot succes. Totdat iemand bedenkt dat het tegen de regels is om een pinguïn uit een hoge hoed te toveren.

Dat wordt dan mijn vierde boek. In 2010, ik was net klaar met mijn studie sociale psychologie, heb ik een boek gemaakt geïnspireerd op Kaas en de evolutietheorie van Bas Haring. Voor De brandweerman en de parkeermeter zette ik toen mijn kennis om in Jip en Janneke-taal, zodat tieners konden begrijpen wat ik de afgelopen vijf jaar had geleerd over erbij horen, over leiderschap. Daarmee vergeleken vind ik het maken van kinderboeken leuker, want die zijn ontsproten aan mijn eigen fantasie.

Het gaat om plezier
Toen ik van de middelbare school kwam, ben ik gaan studeren wat mij leuk leek: gedrag van mensen, sociale psychologie. Ik ben laat begonnen met nadenken over een beroep. Werken met kinderen heeft mij altijd getrokken, misschien wel omdat ik een geweldige tijd op de basisschool heb gehad. Het is fantastisch om kinderen iets uit te leggen. En nog een keer. En nog een keer. Tot ze zeggen: Ooo. Zóóó. Dat is altijd weer een overwinning.

Mijn boeken ontstaan omdat ik graag verhalen bedenk en die technisch zo goed mogelijk wil opschrijven. De Bakkebaard-verhalen zijn deels waargebeurd. Ik heb de ze in de klas uitgestest, zonder te vertellen dat ik ze had geschreven. Toen er een paar keer hard werd gelachen, wist ik dat het goed zat. Willie Boem is voor mij als schrijver een weer stap verder. Waar het om gaat is dat kinderen er plezier aan beleven. Dat je iets schept, dat het gelezen wordt en dat het daarna bij iemand op de plank komt te staan. Geweldig.”

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.