Aan de overkant van de Portugese Taag

Zodra je de zeventien kilometer lange Vasco da Gamabrug over de Taag bij Lissabon gepasseerd bent, kom je in een stukje onontdekt Portugal. In Alentejo – dat letterlijk aan de overkant van de Taag betekent – is de natuur nog ongerept en zijn de nachten nog donker.

Donker

Het is geen wonder dat je in Alentejo ‘sterrenkijkers’ tegenkomt: in dit gebied wonen weinig mensen en tussen de historische stadjes liggen heuvels, landerijen, wijngaarden, olijfboomgaarden en natuur zonder verlichting. Het is hier nog echt donker. Als midden in de nacht, liggend op een kleedje, je ogen aan het donker gewend zijn, verbaas je je over de ongelofelijke hoeveelheid sterren die boven je schitteren. Af en toe schuift er een satelliet voorbij, of valt er een ster. Om je heen alleen maar een laatste vogel die roept en het geknerp van nachtdieren. Dit is de donkerste plek van Europa. En een van meest stille.

Kurkeiken

’s Ochtends vroeg, als het nog niet zo heel warm is en de vroege vogels hun eerste liedjes zingen, pakken we de fiets en gaan op ontdekkingstocht door het heuvelachtige landschap. Fietspaden zijn er niet, maar de wegen zijn zo rustig dat het hier prima fietsen is.

Kurkeiken. FOTO SYBYLLE KROON

Overal waar je kijkt, staan kurkeiken, de nationale trots van Portugal. In Alentejo staan de meeste kurkeiken ter wereld, die goed zijn voor meer dan de helft van de wereldproductie aan kurk. De groene, boerenkoolachtige, kruin rust op een ‘gestroopte’ stam. Elke negen jaar wordt de kurkeik van zijn jas ontdaan om er de meest uiteenlopende producten van te maken. Een zeer precies werkje, dat alleen door experts mag worden uitgevoerd. Wordt de bast te ver ingesneden, zal de boom geen mooie kurklaag meer vormen.

Het cijfer op de bast staat voor het jaartal waarin er geoogst is. De kurk wordt gebruikt om fleskurken van te maken (naar schatting een miljoen per dag!), maar er is veel meer mogelijk met kurk: tassen, hoeden, meubilair, kunstwerken, behang, kleding, er is zelfs een hotel dat uit kurk is opgetrokken. Hier is men echt creatief met kurk.

Een kurkeik met een jaartal. FOTO SYBYLLE KROON

Historie

We fietsen verder langs bloemrijke heuvelruggen en fotogenieke uitzichten en kruisen daarbij verschillende wandelpaden. Afstappen loont de moeite, want even later, na een klein klimmetje, staan we oog in oog met rotstekeningen van duizenden jaren oud. Ook kun je hier in Alentejo menhirs en hunebedden uit de prehistorie vinden.

Iets minder oud, maar niet minder indrukwekkend zijn de stadjes in Alentejo, zoals Elvas en Évora (beide werelderfgoed), Monsaraz en Estremoz. In de Romeinse tijd en later in de middeleeuwen zijn langs de grens met Spanje vele gebouwd rondom een kasteel of fort, bovenop een hoge heuveltop. De grens werd met succes verdedigd, want deze is al 750 jaar onveranderd en daarmee de oudste grens van Europa. Onder de indruk van het zicht op Estremoz, fietsen we omhoog naar deze ommuurde stad. Als we eenmaal langs de oude vestingmuren zijn gekomen, vleien we neer bij een van de restaurantjes langs het stadspark voor een overdadige lunch met petiscos, allerlei kleine, overheerlijke hapjes. En met een koel glas droge witte wijn in de hand, staan we stil bij de bijzondere ontdekkingen die we hier in Alentejo hebben gedaan. En nog gaan doen.

FOTO SYBYLLE KROON

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.