De Belgische kust van Zwin tot westhoek

België heeft 67 kilometer kust. En ja: een deel is zeer de moeite waard.

Het is rustig in de Appelzakstraat in Knokke-Het Zoute. Terwijl een ochtendbuitje de Belgische kust verlaat en koers zet richting Nederland, lonkt verderop het paradijs. Althans, voor wie watersporter is. Surfers Paradise blijkt een strandtent voor actieve en passieve strandpret: je kunt er leren suppen, surfen en kiten. Tevens een prima loungeplek.

Surfers Paradise ligt aan de rand van Knokke en natuurgebied Het Zwin, waar de zee het land mag instromen. Vroege wandelaars en fietsers duiken via een promenade (de Zeedijk) het gebied in dat de grens vormt met Nederland. Struinend door de duinen kan direct het cliché overboord dat de Belgische kust alleen maar bestaat uit hoogbouw: slikken en schorren, groen, observatiehutten, broedeilanden, zeekraal, zand en eindeloos zeezicht. Zonder flats.

Het Zwin Natuur Park, een modern bezoekerscentrum, is pas een week open. De slogan van het centrum is internationale luchthaven voor vogels. Zilverreiger, ooievaar en lepelaar maken onophoudelijk proefvluchten.

Terug op de promenade langs het strand betekent Knokke een voorproefje van wat de roadtripper langs de Belgische kust te wachten staat. Knokke-Heist staat weliswaar te boek als chique badplaats, maar chic slaat vooral op de villa’s en winkels áchter de boulevard. Aan de zeekant wordt duidelijk wat er gebeurt als je zoals België beschikt over ruim 10 miljoen inwoners die het moeten doen met 67 kilometer kust: als bouwer zoek je het al gauw in de hoogte. Flats direct aan het strand: lekker veel mensen hebben zeezicht vanuit huis, met brasserieën en winkels aan hun voeten. Nadeel: het ziet er niet uit.

In de verte zijn de kranen van havenstad Zeebrugge zichtbaar, daarachter wacht Blankenberge, het Benidorm van België, met volop vertier in vele verschijningsvormen, waaronder de onvermijdelijke strandskelters.

Wie meer rust zoekt, kiest het vriendelijke Wenduine. Een oude grijsaard schuift over een stukje boulevard dat de Rotonde heet. Hij wijst op de promenade die ook hier wordt omzoomd door een enkel café en bistro. ,,Ik kom hier al meer dan dertig jaar. Rustiger dan Blankenberge en Oostende, en toch is hier genoeg te doen. Wist u dat ze Wenduine ook wel prinses der badsteden noemen?’’

De Haan

De Haan, dorpje verderop, claimt de overtreffende trap. Het mooiste kustdorp van België is te lezen. Dat mooie slaat op de grandeur van de optrekjes uit het belle époque. Fietsend door De Haan krijg je al gauw het gevoel dat je bent beland in het Wassenaar van België. De Haan staat zich erop voor dat het als enige Belgische kustplaats géén hoogbouw toestaat – klopt, mits je zes hoog niet tot hoogbouw rekent. De jonge barman Philippe roemt de sfeer: ,,Dit is een toffe badplaats, hoewel we hier bijvoorbeeld maar drie cafés hebben. De Haan trekt vooral een iets ouder publiek en gezinnen, veel Duitsers ook. Wat ik hier doe? Tja, er zijn mensen nodig om de ouderen te entertainen.’’

Het lieflijke De Haan nodigt beslist uit tot een langer verblijf, maar Bredene aan Zee wenkt. Bredene heeft een troef die de meeste Belgische badplaatsen ontberen: een duinengebied. Het is niet de enige trekpleister: Bredene heeft ook tientallen campings en het enige (!) naaktstrand van de kust. Vandaag domineren geklede types: in de wind leven kitesurfers zich lekker uit met zicht op een nagenoeg ongerept strand. Verder zuidwaarts doemen de contouren op van Oostende, met 70.000 inwoners de grootste Belgische stad aan zee.

Oostende heeft alles wat een stadsbewoner nodig heeft, met uiteraard die voorname plus: de zee aan haar voeten. Het grootste casino van Europa staat zo ongeveer op het strand, waar ook veel bedrijvigheid heerst vanwege het zomerse zandsculpturenfestival dat komende zaterdag losbarst. Ook hier weinig bescheidenheid: Oostende noemt zich koningin der badsteden, in het uitgaansgebied prijkt in neonletters groot Montmartre boven de Langestraat. Iedereen mag zelf oordelen of het hier lijkt op Montmartre in Parijs, de Oostendse variant heeft in elk geval iets wat het Franse origineel niet heeft: taveerne Koekoek, waar de geur van de kip aan ’t spit (verplicht met de vingers eten) je al van verre tegemoet komt. Uiteraard is Oostende een prima plek om in een van de visrestaurants te proeven van de zee. Laat het dessert maar zitten, want slenterend over de pier wil je de zon in zee zien zakken.

1600, de slag bij...

De volgende stop is Nieuwpoort. Van, jawel, de slag bij in 1600. Niet alleen ‘wij’ (Prins Maurits en consorten) en de Spanjolen hakten hier op elkaar in: Nieuwpoort heeft vanwege de strategische ligging ook in latere eeuwen onbedaarlijk op z’n falie gekregen. Het is prima opgedroogd; het aardige stadje met 11.000 inwoners en fijne terrassen zegt de grootste jachthaven van Noord-Europa te hebben. De perfecte plek om bootjes te kijken.

Verder afzakkend ruik en hoor je Frankrijk al. Oostduinkerke klinkt echter zo Vlaams als het maar zijn kan. Het plaatsje is beroemd om de garnalenvissers te paard. Je zou je kunnen afvragen waarom je te paard op garnalen gaat vissen als dat ook met een boot kan, maar in het aardige Navigo Nationaal Visserijmuseum wordt uit de doeken gedaan hoe dat zit. Een tipje van de sluier: het heeft te maken met de lokale kustlijn en de toestand van de zeebodem.

Tegenwoordig wordt hier vooral gevist naar toeristen. Dat lukt vrij aardig, ook bij het pal naast het museum gelegen sfeervolle eettentje Estaminet De Peerdevisscher, een must see en must eat (garnalen, sliptong) voor iedereen die in de buurt is.

Ook het lokale bier (’n Peerdevisscher) wordt er geroemd. Niet te veel innemen, want het gebied tot de Franse grens is een streek om heerlijk te fietsen en wandelen in een fraai duingebied, met onder meer De Hoge Blekker (het hoogste duin van België, 33 meter). Blijkt andermaal dat de volle Vlaamse kust ‘gaatjes’ in de muur van hoogbouw heeft die de moeite waard zijn. Op het strand staat een vrouw het mooie tafereeltje te schilderen.

In De Panne, laatste stop voor de Franse grens, domineren strandhuisjes op wielen het breedste strand van België. Hier wordt volop geflaneerd langs uiteenlopend strandvermaak. Verderop in De Westhoek keert de rust terug. Dit natuurgebied vormt de grens met Frankrijk, zoals Het Zwin de grens met Nederland markeert.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.