Bekkering is in haar element

Natuurlijk, Flevonice – het drieënhalve kilometer lange parkoers van kunstijs in de polder – háált het niet bij de Weissensee. Maar toch, zie je Daniëlle Lissenberg-Bekkering denken. Bobbels in het ijs, rietkragen rondom, wind in het gezicht en bochtjes rechtsom: het wedstrijdje van woensdagavond heeft wel iets weg van een generale repetitie.

Net voordat het peloton marathonschaatsers afreist naar het bevroren Oostenrijkse bergmeer, slaagt de Den Hamse glansrijk voor haar test: achter winnares Fransesca Lollobrigida en Iris van der Stelt wordt de 39-jarige routinier keurig derde.

Haar ogen twinkelen. Een teken dat het met Daniëlle Lissenberg-Bekkering goed gaat. Vorm? Een dikke duim omhoog voor de Groningse boerendochter, die sinds haar huwelijk met marathonschaatser Yuri Lissenberg Almere als woonplaats gebruikt. ,,Ik ben af en toe wel uut Grunnen, maar Grunnen niet uit mij'', lacht ze, net nadat Omroep Flevoland ‘hun' schaatsster het interview heeft afgesloten. En ondanks dat Kardinge voor altijd haar thuisbaan blijft, heeft Flevonice soms wel eens een streepje voor.

Zoals nu, nu de temperaturen dalen. Het is guur op de vlakten rondom Biddinghuizen, waar het kunstijs plotseling door de polder kronkelt. ,,Het heeft zo nu en dan wel iets van écht natuurijs'', zweert Bekkering, als ze na afloop van de koers terugglijdt naar de kleedkamer. ,,En van natuurijs word ik blij.''

Ze heeft maar weer eens de bevestiging gekregen dat ze nog altijd meetelt in het peloton. Haar gretigheid – Bekkering valt in het startschot, is als eerste weg – betaalt zich drie omlopen voor de finish uit als ze deel uitmaakt van een kopgroep van zeven. ,,Winnen? Dan moet alles echt samenvallen, zoveel weet ik inmiddels wel'', zegt Bekkering, die meer dan honderd zeges achter haar naam heeft. ,,Maar het begint altijd met erbij zitten.''

Winnen zit er op Flevonice nauwelijks in. De Italiaanse Lollobrigida is onklopbaar in de sprint, ook voor Van der Stelt. Maar kort achter de twee snelt Daniëlle Bekkering naar weer een podiumplek. Ze kijkt over haar schouder. ,,Het gat naar de nummer vier was behoorlijk en dat geeft moraal'', concludeert ze.

Het stemt haar tevreden. Met het natuurijs in aantocht, ook al is het in Oostenrijk of Zweden, gaat haar hart nóg iets sneller kloppen, bekent ze. ,,Op natuurijs ben ik meer in mijn element. Amper twee graden boven nul, daar word ik blij van'', lacht de Koga-rijdster. ,,Nu komen toch andere wedstrijden. Ze zijn langer, je ziet halverwege andere gezichten om je heen. Op kunstijs rijden we niet slecht, maar zijn we in de sprint vaak niet scherp of snel genoeg. Laten we ons misschien de kaas van het brood eten.''

Op Biddinghuizen is het al iets anders: in de lange aankomst, met wind in de rug, neemt Bekkering het initiatief. ,,Komen ze er overheen, dan kun je beter mee.'' Het klopt. ,,Op natuurijs komen we beter uit de verf. Hier komt het ook meer op jezelf aan. Als je maar sterk bent. Die opdracht hadden we ook meegekregen van Lammert (Huitema, ploegleider, red.): de beuk erin gooien, niet sparen.''

En wie weet wat er op 27 januari mogelijk is, na 200 kilometer op de Weissensee. ,,Dromen van winnen? We willen zeker op het podium rijden. Om te winnen moet alles precies op z'n plek vallen. Op natuurijs weet je immers nooit hoe het loopt. Je hebt zelf weinig in de hand. Je kunt alleen maar zorgen dat je zo goed mogelijk bent.''

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.