Column: Supporters laat je horen, topsportland Nederland mag niet langer voor joker staan in Europa

Zelfs trainen in groepsverband, zoals hier aan het begin van het seizoen bij Donar, mag op dit moment niet in Nederland, terwijl in alle andere landen de competities gewoon draaien. Foto: Jan Kanning

Duizend profvoetballers mogen elk weekend hun duels spelen, maar 8500 andere topsporters staan al wekenlang in de kou in Nederland. Ze mogen niet eens trainen, laat staan wedstrijden spelen. Ook tienduizenden fans bijten op een houtje. Tijd om in actie te komen, vindt columnist William Pomp.

Het zal het Kroatische bloed zijn dat net even iets eerder kookt dan dat van de nuchtere Drent of Groninger. Hoe dan ook, coach Ivan Rudez van Donar ging deze week voorop in de strijd. In scherpe bewoordingen gaf hij er in Dagblad van het Noorden blijk van dat het zo langzamerhand wel klaar is met de strenge coronaregels ten aanzien van de topsport. Die leggen al bijna zes weken de werkweek van onder anderen de Groningse profbasketballers volledig aan banden. Ze zorgen er bovendien voor dat alle sportliefhebbers, buiten de voetbalfans, thuis nauwelijks meer een verzetje hebben in een tijd dat ze toch al aan huis gekluisterd zijn.

Ik kan volledig met Rudez meegaan. Het is ridicuul dat Nederland inmiddels het enige land is waar de topsportcompetities niet draaien. Sterker nog, waar niet eens normaal getraind mag worden, slechts met maximaal vier spelers die op anderhalve meter afstand van elkaar moeten blijven. In alle andere Europese landen wordt wekelijks aangetoond dat wedstrijden spelen zonder publiek op een veilige manier kan. Waarom zou dat hier niet mogelijk zijn?

Roepende in de woestijn

Helaas is de Kroaat, die zich steeds vaker af begint te vragen in wat voor land hij eigenlijk terecht is gekomen, een roepende in de woestijn. Van georganiseerd verzet is nauwelijks sprake. Vanuit de clubs wordt al weken ingezet op stille diplomatie. Een afgezant van de nationale sportkoepel NOC-NSF moet proberen de politieke macht in Den Haag te masseren, zodat er versoepelingen komen. Donar, maar ook Lycurgus, Hurry-Up en alle andere topclubs in Nederland, leveren zich volledig uit aan die lobby en de grillen van minister Tamara van Ark die, zo is ook al meerdere malen gebleken, van toeten noch blazen weet als het op topsport aankomt.

Tijd om in actie te komen. Als de Jannessen en Aries van deze wereld als voorzitters van respectievelijk Donar en Lycurgus niet voor hun troepen gaan staan, dan moet de achterban het zelf maar doen. Deze tijd vraagt om schouder aan schouder te gaan staan. Supporters aller windstreken, verenigt u. Naast de boeren en de viruswaanzinnigen is er op het Malieveld nog plaats genoeg voor enkele duizenden sportliefhebbers om hun stem te laten horen. Het is nodig. Nederland mag niet langer voor joker staan in Europa.

menu