Korfbalster Diana van der Vorst voor het Martini Ziekenhuis in Groningen.

Doktersassistente Diana van der Vorst uit Hoogkerk zet haar geliefde korfbalsport op een laag pitje: 'Ik zou het Spaans benauwd krijgen om nu een wedstrijd te spelen'

Korfbalster Diana van der Vorst voor het Martini Ziekenhuis in Groningen. Foto: Dijks Fotografie

Diana van der Vorst uit Hoogkerk wilde niet via de achterdeur afscheid nemen van de Friese korfbalclub LDODK/Rinsma Modeplein. Het is alleen afwachten of ze dit seizoen alsnog het hoofdpodium haalt, want door haar werk in het Martini Ziekenhuis in Groningen doet zij voorlopig een stap terug. ,,Ik zou het Spaans benauwd krijgen om nu een wedstrijd te spelen.”

Ondanks de coronapandemie is de Korfbal League zaterdag weer van start gegaan. LDODK nam het in Gorredijk op tegen Groen Geel, maar Diana van der Vorst (26) was niet van de partij. De doktersassistente uit Hoogkerk is werkzaam op het Borstcentrum in het Martini Ziekenhuis in Groningen en wil geen enkel risico nemen, hoe belangrijk sport ook voor haar is. ,,Onze patiënten, vaak heel kwetsbaar door hun ziekte, zijn me meer waard. Zo simpel is het. Echt, dan is het maar korfbal, hoor.”

Corona-afdeling

Ze las met enige jaloezie een interview met een speelster van topclub PKC, die haar werk op de corona-afdeling van een ziekenhuis in Dordrecht combineert met korfballen in Papendrecht. ,,Je werkgever kan je ook niet verbieden om te sporten. Maar ik zou het Spaans benauwd krijgen om nu een wedstrijd te spelen. Ik vergeef het mezelf nooit als ik door te gaan sporten een patiënt of collega zou besmetten met corona. Die verantwoordelijkheid wil ik niet dragen.”

Het is een gedachte die iedereen bij LDODK volledig begrijpt, zo merkte Van der Vorst al snel. Ook Femke Faber ontbreekt door haar werk in de selectie van Henk Jan Mulder, in ieder geval zolang de lockdown duurt. Van der Vorst: ,,Toch knaagt het ook wel. Je hebt het gevoel dat je het team in de steek laat, ook al drukt iedereen je op het hart dat dat onzin is.”

Korfbal als uitlaatklep

Korfbal is al een paar jaar haar uitlaatklep. Na een pittige werkdag of –week even de zinnen verzetten tijdens een training of wedstrijd. ,,Het grootste deel van onze patiënten heeft borstkanker, dus je maakt heftige dingen mee. Staat er bijvoorbeeld ineens iemand van je eigen leeftijd voor je. Dan kun je niet altijd een stalen gezicht houden, dat wil ik ook niet. Gelukkig kan ik het inmiddels allemaal wel achter me laten als ik naar huis ga.”

Van der Vorst begon als klein meisje bij de korfbalclub Hoogkerk, daarna koos ze voor Nic. in Groningen. In 2014 stapte ze over naar LDODK. Begin vorig jaar besloot zij dat het klaar was. Van der Vorst kampte voor haar gevoel te vaak met fysieke problemen, vooral in de knie.

Aftocht met stille trom

Ze kondigde net als Marjolijn Kroon en Friso Boode haar afscheid aan. Dat was tenminste het plan, want door het stilleggen en niet hervatten van de competities, dreigde een aftocht met stille trom. ,,Dat past totaal niet bij me. Ik vond het ook helemaal niet leuk, want ik voelde me al die jaren zo thuis bij LDODK.”

Van der Vorst besloot er alsnog een zesde jaar achteraan te plakken, mits ze bij de start van het nieuwe seizoen fit was. Ze liet haar knie onderzoeken en toen bleek dat ze al tijden een kapotte meniscus had. Na een operatie verdween de pijn als sneeuw voor de zon en kon Van der Vorst zich focussen op fit worden en een rentree, met het zaalseizoen als stip op de horizon.

Tweede lockdown

De Korfbal League zou in oktober van start, maar de tweede lockdown zorgde er uiteindelijk voor dat alles met drie maanden werd uitgesteld. Toen er alsnog groen licht kwam voor de topsportcompetities, wist Van der Vorst dat zij het voorlopig met de livestreams moet doen om de wedstrijden mee te maken.

,,Op de avond dat de nieuwe maatregelen werden afgekondigd en ook de sport weer werd stilgelegd, oefenden we nog tegen DOS’46. Ik zat met Jan Jouke (Flokstra, assistent-coach, red.) in de auto en we stonden op de parkeerplaats bij de hal. We bleven zitten, omdat we de hele persconferentie wilden horen. Toen al zeiden we tegen elkaar dat we die avond extra moesten genieten. Dat heb ik ook echt gedaan.”

Wel trainde – en traint – ze door, samen met Faber en onder leiding van Marjo de Haan. ,,Iedere week in de buitenlucht en we nemen geen enkel risico. Maar ik doe er alles aan om zodra het wel verantwoord is, ook echt te kunnen spelen.”

Elke dag met een mondkapje werken

Soms verbaast ze zich er wel eens over dat ze dit allemaal meemaakt. ,,Dan denk ik: het is verdorie 2021. Hoezo krijgen we dit niet onder controle, met alle kennis en mogelijkheden die we hebben?” Het elke dag met een mondkapje en volgens de huidige richtlijnen werken, al maanden achter elkaar, eist inmiddels zijn tol, merkt Van der Vorst. ,,We hebben flinke protocollen waar we elke dag mee moeten werken. Lichamelijk is het allemaal nog te doen, maar mentaal wordt het steeds zwaarder.”

Van der Vorst snakt dan ook naar het spelen van wedstrijden, of in ieder geval eentje. Even stoom afblazen binnen de lijnen. ,,Mijn opa’s zijn 77 en 82 en die kwamen nog altijd bij me kijken. Ik zou het fijn vinden als ze me nog een keer zien spelen, maar ik hoop vooral dat ze gezond blijven.”

Als ze daar een kleine bijdrage aan kan leveren door haar sport op te geven; het zij zo.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Sport
Coronavirus
menu