Grote zorgen over voortbestaan sportclubs in Drenthe en Groningen: 'Koester ze, anders zijn ze er straks niet meer'

De belangenorganisaties van de noordelijke sportclubs, Sport Drenthe en Huis voor de Sport Groningen, maken zich ernstig zorgen over de toestand van de verenigingen in Drenthe en Groningen. ,,Er moet iets gebeuren.’’

De belangenbehartigers van de noordelijke sportverenigingen roepen de overheid op om snel met nieuwe financiële regelingen te komen, waar àlle clubs een beroep op kunnen doen om het hoofd boven water te houden in coronatijd.

,,Een regeling die specifiek gericht is op de sport’’, stelt Rob de Waard, directeur-bestuurder van Huis voor de Sport Groningen, in DVHN Live , de talkshow die elke woensdag vanaf 12.15 uur rechtstreeks te zien is op de website van deze krant. ,,Er zijn wel regelingen, maar daar zitten allerlei blokkades op. De sportverenigingenstructuur in Nederland is een heel bijzondere. We zijn er zo trots op met zijn allen. Nou, dan moeten we ze ook koesteren, anders zijn ze er straks niet meer. Althans, een deel niet. Dus ik doe een beroep op met name de rijksoverheid, provincies mogen helpen en gemeenten hebben het al moeilijk genoeg: maak met spoed een regeling, specifiek voor de sportclubs in Nederland. Doe dat voor de langere termijn, zolang deze crisis ons treft.’’

Coronagolf en gedeeltelijke lockdown

De Waard was gisteren samen met zijn collega Hans de Lang van Sport Drenthe te gast in de uitzending van DVHN Live . Beide bestuurders constateren dat de verenigingen in hun provincies te lijden hebben onder de tweede coronagolf en de gedeeltelijke lockdown die vorige week is afgekondigd. Kantines zitten dicht, kleedkamers zijn gesloten en het gros van de leden mag voorlopig niet meer sporten op de club.

„Ik maak de laatste tijd een vergelijking met de natuur’’, vertelt De Lang. ,,De natuur kan heel veel hebben, maar op een gegeven moment houdt de veerkracht op en dat kan ook bij de sportvereniging gebeuren. Daarbij komt ook nog dat we ons pas bij een natuurramp realiseren hoe belangrijk de natuur is voor ons voortbestaan. Nu zijn sportverengingen misschien niet per se noodzakelijk voor ons voortbestaan, maar wel voor ons maatschappelijk welzijn. Het is belangrijk dat er een sportief doel blijft voor jongeren en dat we fit blijven met zijn allen.’’

Zorgen over de toekomst

De zorgen voor sportverengingen zitten volgens De Lang en De Waard met name in de lange termijn. „Uit onderzoek bleek dat verenigingen vooral bezorgd zijn over de toekomst. De onzekerheid is daarbij het grootste probleem. Als je weet dat het vier weken duurt, is het te overzien.. Nu weet niemand hoe lang het duurt en of de situatie van voor maart überhaupt wel terugkomt.’’

De Lang en De Waard melden dat er onder leden altijd nog een grote bereidheid is om contributie te betalen, ondanks dat zij nu niet meer in competitieverband kunnen spelen. „De vraag is alleen: hoe lang gaat dit door? Hoe lang zijn mensen bereid om als een soort donateur op te treden voor hun vereniging? Wat je ziet is dat met name jongeren eerder geneigd zijn om hun lidmaatschap te stoppen óf naar een andere sport over te stappen. De grote angst bij sportverenigingen is dan ook dat meer leden zullen afhaken. Het is namelijk altijd moeilijk om mensen die afhaken opnieuw erbij te krijgen.’’

Vrijwilligers

De Lang vraagt ook aandacht voor de positie van vrijwilligers bij de noordelijke sportclubs. Het was de laatste jaren altijd al lastig om voldoende, goede vrijwilligers bij elkaar te krijgen voor de vele taken die er liggen bij de verenigingen. Corona heeft dat er bepaald niet gemakkelijker op gemaakt, aldus De Lang.

,,Er zijn veel vrijwilligers op leeftijd, veel verenigingen leunen op senioren die het werk doen’’, weet de directeur van Sport Drenthe. ,,In deze tijd vindt een deel van deze mensen het toch wel lastig of ze hebben angst om bepaalde werkzaamheden te verrichten. Er is dus niet alleen het gevaar van financiële uitputting bij de clubs, ook op dit vlak moet er iets gebeuren. Zeker omdat deze tijd ook nog eens de inzet vraagt van extra vrijwilligers, bijvoorbeeld in verband met de handhaving van de maatregelen die zijn afgekondigd. De clubs vangen het nu nog wel even op, maar de vraag is hoe lang dat nog lukt.’’

Oproep aan Den Haag

Wat volgens de twee directeuren tijdens de huidige coronacrisis in ieder geval duidelijk wordt, is de waarde die we aan sport hechten. „We leven in een tijd waarin gezondheid, blijven bewegen en gezond eten steeds belangrijker worden. Om die reden zeggen wij: boter bij de vis. Daarom nogmaals een oproep aan Den Haag om de sportverenigingen te ondersteunen. Je ziet dat we sport nodig hebben voor een perspectief naar de toekomst’’, concluderen beide bestuurders.

menu