Als vanouds vond de openingswedstrijd van het seizoen (hier op 3 juli 2009) altijd plaats in Wagenborgen.

Het vergeten faillissement van BV Veendam, deel 2: Een halve frikandel in een pakje sigaretten

Als vanouds vond de openingswedstrijd van het seizoen (hier op 3 juli 2009) altijd plaats in Wagenborgen. Foto: Kees van de Veen

SC Veendam verdween in 2013 uit het profvoetbal, maar in 2010 werd ook al het bankroet uitgesproken. Via een Houdini-act werd dat voorkomen. In een korte serie blikken we terug op dit door menig voetbalfan bijna ‘vergeten faillissement’. Vandaag deel 2: geldgebrek, unieke teamgeest en ook ouderwetse voetbalhumor.

Voormalig teammanager Harm Hensens wordt heel af en toe nog aan de sores van BV Veendam herinnerd, wanneer hij bij uitduels de pastamaaltijd in een wegrestaurant reserveert; nu in deze functie bij FC Emmen.

,,Ik blijk her en der nog op een lijst van slechte betalers te staan. Dan zijn we met Emmen van harte welkom, maar wel tegen contante betaling, haha. Nou, dan doen we dat maar. Geen probleem.’’

Schraalhans als keukenmeester

Schraalhans was in 2010 keukenmeester bij de geelzwarten, want door geldgebrek zat er niks anders op dan zelf de catering te regelen.

Hensens: ,,We kregen thermoboxen van Hotel Parkzicht mee met daarin een prima pastabuffet. Niks mis mee. Onderweg aten we op een parkeerplaats naast de snelweg. Soms serveerden we vanaf de trailer van een vrachtwagen. En toch wonnen we ’s avonds gewoon onze wedstrijdjes, hoor.’’

Angelo Cijntje maakte het als speler allemaal mee.

,,Ik weet nog dat we op weg waren naar Go Ahead Eagles en dat de spelers van de tegenstander ons zagen eten, terwijl zij ook op weg waren naar Deventer. Toen schaamde ik mij kapot. Maar ja, het was wat het was. Ik ben altijd vol trots voor de club blijven gaan, aan stoppen met voetbal heb ik nooit gedacht. Mijn mooiste moment in dat seizoen was de geboorte van onze zoon, op 16 september. Twee dagen later wonnen we met 4-0 van FC Volendam.’’

‘Wij zaten allemaal in hetzelfde schuitje’

De strijd voor het bestaan bracht de selectie wel heel nauw bij elkaar, zegt doelman Peter van der Vlag.

,,Wij zaten allemaal in hetzelfde schuitje. Door te trainen en te spelen vergaten we de problemen, het was een mooie uitlaatklep. De selectie van toen was een vriendenploeg, tussen de trainingen door gingen we zelfs met elkaar vissen. Die teamgeest heeft ons zeker geholpen toen we verder konden. Een seizoen later eindigden wij als vierde.’’

Gerard Wiekens: ,,De jongens met een leasewagen kregen de tip hun wagen niet bij de Langeleegte te parkeren, anders zouden ze in beslag worden genomen door de leasemaatschappij. Zet ‘em maar bij het zwembad neer, was het advies. Het was een turbulent jaar. Fijn was het wel dat ik later nog een afscheidsduel kreeg aangeboden, dat was bij v.v. Borgercompagnie.’’

‘Ik heb er 16 seizoenen rondgelopen’

Voor Erwin Buurmeijer was het een bijzonder seizoen. Halverwege stond FC Emmen op de stoep.

,,Als ras-Veendammer moest ik daar een paar nachtjes over slapen, maar ik stond niet altijd meer in de basis en bij Emmen kreeg ik zekerheid. Als je 30 bent geweest met vrouw en kind, wordt dat belangrijk. Na dat seizoen wilde Emmen mij houden, maar ik moest de helft van mijn salaris inleveren. Daarna heb ik mooie jaren gehad bij WKE en ACV.’’

Buurmeijer was het overigens gewend, de financiële sores. ,Als er journalisten rondliepen en het busje van RTV Noord kwam voorrijden, dan wisten wij alweer dat er iets ging spelen. Gek genoeg kwam er altijd een oplossing, tot 2013 dus. Vreselijk jammer. Ik heb er 16 seizoenen rondgelopen. Soms kwam ik om vijf uur thuis, dan zei mijn vrouw: heb je twee keer getraind vandaag? Dan ze ik ‘ja’, maar dan zaten we samen de hele middag in het spelershome te klaverjassen.’’

‘Het was met spelers en staf één familie’

Van der Vlag: ,,Ik heb nooit het idee gehad dat de club kapot zou gaan. Daar kon ik met mijn hoofd gewoon niet bij. Maar ja, drie jaar later gebeurde het alsnog. De spelers vinden altijd hun weg wel, maar voor de supporters is het een dramatische gebeurtenis. Verschrikkelijk!’’

Hensens: ,,De manier waarop we toen het voetbal beleefden komt nooit meer terug. De spelers deden veel dingen samen, ze beleven hangen om te kaarten, onderweg van plastic bordjes eten, het was met spelers en staf bijna één familie. Tegenwoordig merk ik dat het veel zakelijker is, iedereen wil maar één ding: zo snel mogelijk hogerop. De clubliefde is vrijwel verdwenen.’’

Werd er nog wel gelachen dan? Volgens Hensens zat vooral Wiekens vol met flauwe voetbalhumor.

,,Op een gegeven moment pakte hij een sigaretje uit mijn binnenzak. Toen ik er even later zelf eentje wilde pakken zat er een halve frikandel in het pakje. Allemaal van dat soort ongein, maar ik denk er nog vaak aan terug als ik vanaf mijn woning even langs de Langeleegte fiets.’’

Volgende week deel 3: Hoe zat het ook alweer met dat ‘Bananenstadion’ ?

menu