In memoriam: Jan Aling (1949-2020). De 'Beer van Bunne', sterk in de sprint en vol Drentse strijdlust

Jan Aling in actie. Foto: Cor Vos

Ligt het aan de fantasie van de hedendaagse wielerverslaggevers of vergissen wij ons, dat we anno 2020 nog zo weinig kleurrijke bijnamen tegenkomen in kranten of op tv? Het is zo een gedachte die opwelt na het nieuwsbericht van afgelopen zaterdag, dat oud-profwielrenner Jan Aling - alias de Beer van Bunne - op 70-jarige leeftijd is overleden.

Immers, de bijnaam van een coureur draagt per definitie bij aan de heldenstatus van een pedaleur. IJzeren Willem, de Kneet, de Kannibaal, Olifantje, le Blaireau (de das), Jerommeke, Monsieur Chrono, Supermario, El Pistolero. Het zijn wat voorbeelden.

De absolute heldenstatus bereikte de Drentse krachtpatser Jan Aling niet, maar wie een bijnaam kreeg, genoot toch reputatie in het peloton. De waardering viel hem vooral ten deel vanwege zijn prestaties als amateurrenner (75 zeges), vooral in de zeer sterke Ketting-equipe met onder andere Hennie Kuiper, Aad van den Hoek en Roy Schuiten; stuk voor stuk exponenten van de latere gouden generatie van het Nederlandse wielrennen. Aling had een sterk eindschot, toonde zich zeer strijdlustig en troefde regelmatig de besten van Nederland af, zoals in die tijd bijvoorbeeld Jan Raas en Cees Priem.

De boerenzoon uit Bunne, een dorpje tussen Vries en Peize, kon zijn reputatie als topamateur niet bevestigen in de rijen der professionals. Hij maakte weliswaar onderdeel uit van het gouden tijdperk (met de Tourzege van Joop Zoetemelk als klapstuk), maar wel als een renner van het tweede echelon. Voor de befaamde TI Raleigh-ploeg van Peter Post kwam hij niet in aanmerking, maar profploegen van een treetje lager boden hem van 1975 tot 1984 wel een contract aan.

Aansprekende resultaten

In dienst van Marc/Zeepcentrale koerste hij in 1979 naar zijn meest aansprekende uitslagen met top-20 klasseringen in de E3-Prijs, Gent-Wevelgem, de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix. Dat leverde hem een jaar later een plek op als wegkapitein bij de ambitieuze wielerploeg van HB Alarmsystemen, maar zoals vaker in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw sneuvelden teams van minder allooi even snel als zij ontstonden. In zijn periode als prof won hij zesmaal.

Nadat Aling eenmaal beroepsrenner was geworden, verkaste hij van Noord-Drenthe naar Noord-Brabant, omdat het in deze regio nu eenmaal te doen was in het wielermetier. Hij verscheen weliswaar aan de start in grote klassiekers en begon tweemaal aan de Ronde van Spanje (1976,1980, beide keren voortijdig afgestapt), maar voor zijn werkgevers reed hij overwegend eendagswedstrijden en kermiskoersen op het Vlaamse platteland.

Drents schaatskampioen

Opmerkelijk genoeg blonk Aling ook uit in andere sporten. Hij was een talentvol jeugddoelman bij VAKO uit Vries en werd eenmaal Drents kampioen allround schaatsen. Generatiegenoot en de later wereldkampioen Harm Kuipers (afkomstig uit Norg) adviseerde hem als training te gaan fietsen en dat betekende zijn carrièreswitch.

Eind vorige week werd de Beer van Bunne getroffen door een hartstilstand. Daarvan herstelde hij in het ziekenhuis van Eindhoven niet meer.

menu