Tom-Jelte Slagter: ,,We kwamen helemaal grijs en wit terug.''

Profwielrenner Tom-Jelte Slagter speldt eindelijk weer zijn rugnummer op voor de Strade Bianche: Je ziet geen hand voor ogen

Tom-Jelte Slagter: ,,We kwamen helemaal grijs en wit terug.'' Foto ANP

Met de rubriek ‘Stoor ik...’ haalt de sportredactie een oud paardje van stal. Net als in vervlogen tijden bellen we wekelijks met iemand uit de sportwereld om te vragen hoe het hem of haar vergaat. Deze keer profwielrenner Tom-Jelte Slagter (31), tegenwoordig residerend in Zevenhuizen, die zaterdag eindelijk weer een rugnummer op mag spelden tijdens de Strade Bianche. En de eerste vraag is altijd...

Stoor ik?

,,Nee hoor, ik ben net terug in het hotel. We hebben 60 kilometer getraind met de ploeg, een stukje van het parcours van de Strade Bianche gedaan. Zaterdag is het zover. Eindelijk weer. Het was druk op Schiphol. Veel drukker dan een maand geleden. Je merkt echt dat er weer veel meer wordt gevlogen. Ik zat schouder aan schouder in het vliegtuig. Wel allemaal met mondkapjes op, dat wel.’’

Ben je bang voor corona?

,,Niet zozeer wat mijn gezondheid betreft, maar wel dat je dan niet meer mag koersen. En waarschijnlijk veel meer renners niet, want dan komt het hele proces op gang met wie je contact hebt gehad. Maar goed, we hebben niet veel keuze. De UCI zegt, we gaan beginnen, dus doen we dat. We worden veelvuldig getest en zitten met onze ploeg Vital Concept-B&B Hotels in een bubbel met alle voorzorgsmaatregelen die daarbij horen. Met mondkapjes op naar het ontbijt, zo weinig mogelijk contact met andere mensen, dat soort dingen. Ik heb maandag en woensdag nog een coronatest gehad. Zolang die negatief zijn, gaan we gewoon van start.’’

Ja, na vijf maanden eindelijk weer eens een Worldtour-wedstrijd. Wat verwacht je van de Strade Bianche?

,,Het is natuurlijk een heel speciale wedstrijd. We hebben net twee sectoren gefietst. Het is één dikke stofboel, zo ontzettend droog. Ik heb deze wedstrijd jaren geleden één of twee keer gedaan, maar dat is te lang geleden om hem nog helder op het netvlies te hebben. Het is sowieso een heel mooie koers. De Toscane is prachtig. Iedere wielerliefhebber kent die plaatjes wel van de Strade Bianche met zijn onverharde wegen en de bijbehorende stofwolken. Je ziet geen hand voor ogen.’’

Hoe moet je je daar tegen wapenen?

,,Je moet zorgen dat je bij de eerste dertig zit, anders zie je echt helemaal niets. We hadden het nu al tijdens ons trainingsritje. We kwamen helemaal grijs en wit van het stof terug. Het is heel technisch rijden. Je moet ook een beetje geluk hebben, want je schuift zo onderuit op die stenen. Het is in ieder geval een heel zware koers. Bovendien is het mijn eerste wedstrijd na vijf maanden alleen maar trainen. Het zal wel even wennen zijn, maar ik heb er veel zin in. Het werd tijd.’’

Zien we je ook in de Tour en tijdens het NK op de VAM-berg?

,,Als ploeg gaan we sowieso naar de Tour. We doen vooraf de Dauphiné. Daar sta ik voor opgesteld, maar voor de Tour ligt alles grotendeels nog open. Die plek moet ik nog verdienen. De komende twee weken zal ik me daarvoor moeten bewijzen. Het NK wordt denk ik een lastig verhaal. Ik sta op de rol voor een andere koers, maar ik zou het NK eigenlijk wel heel graag rijden. Het is net een parcours voor mij. Een mooie kans. Ik wil het er nog wel even met de ploegleiding over hebben.’’

menu