Borussia Dortmund neemt het op zaterdag 16 mei in het eigen lege Signal Iduna stadion op tegen aartsrivaal FC Schalke 04.

Sportcolumn: Het nieuwe normaal moet wennen

Borussia Dortmund neemt het op zaterdag 16 mei in het eigen lege Signal Iduna stadion op tegen aartsrivaal FC Schalke 04. Foto: EPA

Voor een bescheiden amateurvoetballer is niets mooier dan die magische zaterdag of zondag. Het is de dag waar de hele week naar is uitgekeken.

Eindelijk mogen de vaak nog muffig ruikende kicksen die al een paar dagen onaangetast onderin de sporttas bivakkeren, in wedstrijdverband weer een woordje meespreken. Die training op de doordeweekse avond? Dat is bijzaak. Elf tegen elf, strijdend voor drie punten, daar gaat het om. Niets meer, niets minder.

Menig amateurvoetballer zal zich hierin herkennen. Datzelfde geldt voor het beeld van de op dat niveau vaak dunbevolkte zijlijn. Op jonge leeftijd staan pa en ma, broer en zus of opa en oma steevast en vol trots langs de kant. Naarmate de jaren gaan tellen, begint echter het gevoel te groeien dat buiten het team om vrijwel niemand er meer een moer om geeft. Dan is het enige geluid van de wedstrijd, het geluid dat binnen de lijnen en vanaf de reservebank wordt geproduceerd.

Zelfs op het allerhoogste voetbalniveau galmen tegenwoordig noodgedwongen alleen de kreten van spelers en staf door de stadions. Lichtend voorbeeld is de Duitse Bundesliga die vorig weekend werd hervat, met de Kohlenpott-derby tussen Borussia Dortmund en FC Schalke 04. Normaal gesproken zou een hossende menigte op Die Gelbe Wand het Signal Iduna Park in Dortmund op zijn grondvesten doen trillen. Het enige dat nu trilde, waren de geluidsboxen in het stadion als de speaker iets omriep. Tussendoor was hier en daar een scheldkanonnade, aanwijzing of juichkreet te horen.

De Spaande bondscoach Luis Enrique bestempelde dit schouwspel als ‘lelijk’, ‘treurig’ en ‘droeviger dan dansen met je zus’. Zelf zou ik het eerder omschrijven als onwennig. Onwennig omdat je elke balaanraking hoort, omdat spelers elkaar niet mogen omhelzen bij het vieren van een doelpunt en omdat je op de achtergrond duizenden lege kuipstoeltjes ziet. Maar toch, dit alles zal wennen, met in het achterhoofd de wetenschap dat het voorlopig nog wel even het nieuwe normaal zal blijven.

Laten we bovenal blij zijn dat er weer sport op tv is en ons petje afdoen voor de manier waarop dit wordt georganiseerd. Want publiek of geen publiek, het is toch mooi de bal weer eens live te zien rollen?

menu