Tiesj Benoot tijdens de vierde etappe van de Tour de France.

Sunweb laat het klassement links liggen en richt zich deze Tour op etappezeges

Tiesj Benoot tijdens de vierde etappe van de Tour de France. BELGA FOTO

Team Sunweb is in het post-Dumoulin-tijdperk beland. Vorig jaar miste hij de Tour vanwege een blessure, maar nu is Dumoulin écht weg bij de ploeg die zich nu nadrukkelijk laat zien.

Sunweb is aanwezig in deze Tour de France. Cees Bol werd al een keer derde in de sprint, Marc Hirschi won nét geen etappe, maar droeg al wel de jongerentrui. Een Tour zonder de blik op het klassement, maar alle ballen op etappezeges. Met Bol in de massasprints, met vrijbuiters als Benoot, Hirschi, Søren Kragh Andersen en Nicolas Roche in de andere etappes.

Het is de eerste Tour dat Tom Dumoulin voor een andere ploeg rijdt. In het geelzwart van Jumbo-Visma. Als hotshot van het Nederlandse wielrennen. Hij trekt aandacht als een magneet. Overal komt zijn naam voorbij. In het Spaans, Frans, Italiaans. Een van de Tourfavorieten. Op de voorpagina van magazines. Hoe ze daar bij Sunweb naar kijken. Pijnlijk? Gemis?

Steengoede renner

,,Het is voor Tom supermooi dat men zo naar hem kijkt”, zegt ploegleider Marc Reef van Sunweb. ,,Hij is een steengoede renner. De keuzes zijn gemaakt. Wij gaan door met onze eigen doelen. In Parijs-Nice (Benoot won een rit, en werd tweede in het klassement, red.) ging dat al erg goed. Daar willen we hier een vervolg aan geven. Ook toen Tom nog bij ons reed, zijn er grote rondes geweest waarin wij voor etappezeges reden. Zo bezien is er in sommige koersen niet zo veel veranderd.”

Maar toch. Team Sunweb zal zichzelf opnieuw moeten uitvinden. Dat deed de ploeg in het verleden al vaker, ook met de voorlopers van deze ploeg: Skil-Shimano, Argos en Giant. Van de succesvolle sprinttrein met Marcel Kittel, de klassiekers met John Degenkolb naar het rondewerk met Tom Dumoulin.

Wat toch aan het team kleeft: zodra de toppers renners van wereldklasse zijn, vertrekken ze. Kittel ging, Dumoulin ging. En nu gaat ook de Australiër Michael Matthews, die gepasseerd was voor deze Tour de France. Hij is toch niet de échte teamspeler, klinkt het binnen het team.

Teamorders

Juist dat is altijd het uitgangspunt geweest. Bij Sunweb zien ze wielrennen in eerste plaats als een teamsport, daar moet elk individu wel in passen. Naar die balans zoeken is altijd ingewikkeld. Voor volgend seizoen is de Franse ronderenner Romain Bardet al vastgelegd. Geen zekerheid voor prijzen, wel een renner met een staat van dienst. Ook hij zal zich moeten schikken in de teamorders.

De blik is bij Sunweb vooral gericht op de jeugd. Kijk maar eens naar deze Tour. De Zwitser Hirschi, 22 jaar nog maar, behoort tot de grootste talenten van het profpeloton. Sprinter Bol, in wie de ploeg veel vertrouwen heeft, is ook nog maar 25 jaar. Nils Eekhoff, tweede tijdens het afgelopen NK, maar niet in deze Tour, heeft met zijn 22 jaar ook nog een heel wielerleven voor zich. Sunweb investeert heel gericht in de jeugd met een eigen opleidingsploeg, waar onder anderen Eekhoff en Hirschi een product van zijn.

Opa

De ervaren Nicolas Roche is met zijn 36 jaar een uitzondering in de jonge Tourploeg van Sunweb. Hij kwam twee jaar terug bij de ploeg van teambaas Iwan Spekenbrink. ,,Met een duidelijke leider is het heel anders”, zegt Roche over de ‘nieuwe’ manier van koersen. ,,Dan kijk je drie weken vooruit. Nu is het dag voor dag. Dat is niet minder stressvol hoor, in de Tour heb je elke dag stress. Het is compleet anders, maar niet makkelijker of moeilijker.”

Roche is de mentor van de ploeg. ,,Ze noemen me de opa, haha. Ik vertel aan de tafel weleens verhalen over het begin van mijn carrière, zestien jaar geleden. Toen kon Marc Hirschi letterlijk nog niet fietsen. Binnen de ploeg is de begeleiding op het gebied van voeding en training echt heel goed, maar ik deel met de jonkies mijn ervaringen. Dat is niet de waarheid, hè, maar misschien steken ze er iets van op.”

Wanneer Roche zelf voor zijn kans mag gaan? ,,In de tweede en derde week zijn er wel mooie etappes voor mij.” Dan een lach: ,,Maar ik zei: dag voor dag. Laten we dat dan ook maar doen.”

menu