Erwin van de Looi laat trots de beker zien in De Kuip. Hij is nog altijd de eerste en enige trainer van FC Groningen die de club een tastbare prijs bezorgde.

Trainer Erwin van de Looi blikt terug op de bekerfinale van 2015: Er was vooral opluchting

Erwin van de Looi laat trots de beker zien in De Kuip. Hij is nog altijd de eerste en enige trainer van FC Groningen die de club een tastbare prijs bezorgde. Foto: Jan Kanning

Er gaan weken, soms maanden voorbij dat Erwin van de Looi niet denkt aan de legendarische bekerwinst van 2015 met FC Groningen. Dit weekend ontkomt de trainer er niet aan. Het is precies vijf jaar geleden. ,,Misschien hebben we niet de waardering gekregen die ons toekwam.’’

We hebben hem! In witte chocoladeletters stond het die maandag, 4 mei 2015, op de voorpagina van de krant. Een bewaarexemplaar. Voor één keer was de titel uitgevoerd in FC Groningen-groen in plaats van traditioneel Dagblad -blauw. Op de foto aanvoerder Maikel Kieftenbeld, die met zijn bont getatoëerde armen de zilveren dennenappel omhoog hield. Naast hem Tjaronn Chery en de held van De Kuip, Albert Rusnák, die tekende voor beide doelpunten tegen PEC Zwolle.

De geestelijk vader van het succes stond op de achtergrond. Zeker, ook Erwin van de Looi nam zijn momentje, showde de beker aan de duizenden meegereisde supporters en werd met pak en al in bad gegooid door zijn spelers. Maar verder genoot de trainer, kalm als altijd, vooral in stilte. Toen het echt los ging in de kleedkamer zocht de enige oefenmeester die de Trots van het Noorden een tastbare prijs bezorgde een momentje voor zichzelf op het veld. Daar liet hij het hele avontuur in zijn hoofd nog eens de revue passeren.

Spandoek over de weg

Op de terugreis naar Groningen kreeg Van de Looi kippenvel bij het zien van het spandoek dat over de snelweg was gespannen. ‘Welkom in de stad van de bekerwinnaar’, stond er. Maar ‘s nachts, toen directeur Hans Nijland werd gejonast voor de deur van Bar Players en doelman Sergio Padt op de schouders door de Poelestraat ging, was de trainer al lang en breed thuis, tevergeefs trachtend in slaap te komen na een historische dag.

Bijna vijf jaar na dato komt de huidige bondscoach van Jong Oranje net terug van een lange wandeling. In zijn periode bij FC Groningen woonde Van de Looi in Roden, maar inmiddels is de 48-jarige oefenmeester neergestreken in hartje Den Haag. De liefhebber van oude panden met hoge plafonds en historische en suite-deuren woont met partner Hennie op loopafstand van het Binnenhof, vlakbij het Haagse centrum en op 10 minuten fietsen van zee. ,,Heerlijk’’, vat Van de Looi het woongenot in de residentie kernachtig samen.

In de regeringsstad komt het bekeravontuur nog maar zelden in de gedachten van de trainer voorbij. Ook hierin toont hij zich de nuchterheid zelve. ,,Ik ben niet iemand die veel achterom kijkt en stilstaat bij het verleden. Ik denk er eigenlijk nooit aan. Ik ben er wel trots op hoor, maar ik heb die wedstrijd bijvoorbeeld nooit teruggezien.’’ Toch ontkomt Van de Looi er deze week niet aan. Het eerste lustrum van FC Groningen als bekerwinnaar gaat gepaard met veel publiciteit. Het brengt oude verhalen en gevoelens naar boven. Natuurlijk herinnert hij zich de blijheid, maar het was destijds een andere emotie die bij de coach de boventoon voerde.

Gigantische kater

,,Opluchting’’, vertelt Van de Looi. ,,De geruststelling dat het gelukt was. De hele omgeving, Groningen en wijde omtrek, was er zo ongelooflijk mee bezig in de weken voorafgaand aan de finale. Het leek wel of iedereen naar De Kuip ging, met de trekker of de bus. Ik wist dat het alleen maar leuk en gedenkwaardig zou worden als we de eindstrijd met PEC ook daadwerkelijk zouden winnen. Als je de finale verliest en je moet terug is er niet veel meer aan. Dan zit je alleen maar met een gigantische kater. Ik voelde die verantwoordelijkheid. Het moest geen anticlimax worden. Dat zat vooral in mijn hoofd. Daarom was er de opluchting. Ook blijdschap natuurlijk, maar dat was meer een algemeen gevoel. Ik was blij voor iedereen, omdat het gelukt was.’’

Van de Looi is een procesdenker. Van de evolutie tot het team van cupfighters dat FC Groningen het grootste succes uit de geschiedenis bracht kan hij met terugwerkende kracht wel genieten. Het was het jaar dat er met Filip Kostic en Richairo Zivkovic best wat kwaliteit de deur uitliep, maar de kern van het elftal bleef behouden en daarmee ook de speelwijze en automatismen. ,,Iets dat tegenwoordig steeds lastiger is’’, weet Van de Looi. ,,Je hebt al snel zes, zeven anderen per seizoen en dan moet je weer helemaal opnieuw beginnen. Dat wij grotendeels met dit elftal, dat het jaar ervoor de play-offs won, een tweede seizoen in konden, was zeker medebepalend voor de mijlpaal.’’

Twee oude krijgers

Hij somt zijn sterkhouders van toen moeiteloos op. Sergio Padt om te beginnen. De sluitpost had de zware taak om Marco Bizot te doen vergeten en slaagde glansrijk. ,,Gewoon een heel goede keeper die het absoluut heeft waargemaakt’’, becommentarieert Van de Looi de doelman. Het centrale duo Eric Botteghin en Rasmus Lindgren achterin. Van de Looi haalde de Zweed, aanvankelijk tegen zijn zin in, van het middenveld naar de laatste linie. ,,Twee oude krijgers, een sterk duo.’’ Maikel Kieftenbeld en Simon Tibbling op het middenveld. ,,Hartstikke aanvullend aan elkaar.’’ Tjaronn Chery in de punt naar voren. ,,Geweldig.’’ En Albert Rusnák. ,,Sterk vanaf links naar binnen. Het hele plaatje klopte gewoon. Dingen vielen op hun plaats.’’

De overtuiging dat het allemaal op zijn pootjes terecht zou komen in De Kuip was om die reden sterk aanwezig bij Van de Looi en zijn toenmalige rechterhand Dick Lukkien. FC Groningen zat na de winterstop in een goede reeks, al grossierde de ploeg vooral in gelijke spelen. Het elftal had moeite met scoren.

,,Toch hadden we ergens wel het besef dat het raar moest lopen als we die finale niet wilden winnen’’, klinkt het overtuigd uit de mond van Van de Looi. ,,Tijdens de laatste twee trainingen keken we elkaar aan en wisten we: hier hoeven we niet veel meer aan te doen. Dat was wel lekker. Iedereen was gefocust. Er was ook geen enkele verkramping zichtbaar. We wisten gewoon wat ons te doen stond.’’ Ook onderling zat het goed. ,,De jongens die niet zouden spelen kenden hun rol. Er was geen rumoer.’’

Mahi of Antonia

De moeilijkste beslissing die Van de Looi moest nemen was of Mimoun Mahi of Jarchinio Antonia een basisplaats toebedeeld zou krijgen. Het werd de eerste. ,,Beide opties waren mogelijk’’, blikt Van de Looi terug. Het doorslaggevende argument was dat de technische staf graag iemand achter de hand wilde houden om het team een extra impuls te kunnen geven, mocht het nodig zijn. Antonia was daarvoor met zijn snelheid de aangewezen man. In de 62ste minuut kwam het geheime wapen bij een 0-0 tussenstand binnen de lijnen. ,,Het pakte aardig uit’’, zegt Van de Looi vijf jaar later met gevoel voor understatement. De watervlugge Antilliaan tekende voor beide assists. Een gouden wissel.

Iets dat ook bijdroeg aan het succes was het speciale moment dat Van de Looi had georganiseerd voorafgaand aan de wedstrijd, vlak voordat de selectie in de bus stapte richting Rotterdam. Meestal wordt er een video gemaakt om de boel op scherp te zetten of de spanning er juist af te halen. Het filmpje was er ook wel, met onder anderen de broers Koeman, Dusan Tadic en Erik Nevland in de hoofdrol. Maar het familiemoment dat op touw was gezet maakte nog veel meer indruk. Na de training kwam de selectie naar het spelershome voor de lunch. Daar zat als grote verrassing alle familie, uit binnen- én buitenland, klaar om hun jongens nog een laatste knuffel mee te geven richting finale.

Een soort van reunie

,,Ik heb iedereen daar nog toegesproken’’, herinnert Van de Looi zich. ,,Ik heb verteld hoe trots ik op de ploeg was, hoe tevreden ik was over de manier waarop we met elkaar omgingen, dat ik er een heel goed gevoel bij had. Toen hebben we met zijn allen wat gegeten en zijn we vertrokken. Maar dat een ieder zijn familie nog even kon zien was heel speciaal. Ik zie het nog zo voor me, het was een soort van reünie. Sommige spelers hadden hun familie al heel lang niet gezien. Ik heb het later van veel jongens teruggekregen. Zo van trainer, echt supergaaf dat je dat had geregeld. Ik denk dat het wel een schot in de roos was. Het versterkte het hele gevoel van onoverwinnelijkheid. We waren echt een team.’’

Nog geen jaar later, op 27 januari 2016 om precies te zijn, kondigde FC Groningen aan dat de wegen van club en trainer zouden scheiden. De bekerwinst leek iets uit lang vervlogen tijden. Het verwachtingspatroon was (te) hoog, het Europese avontuur kort, het seizoen wisselvallig. Op de tribunes van Euroborg werd veel gemord. De waardering voor de best presterende trainersstaf ooit leek verdwenen. Of Van de Looi dat ook zo voelde?

Niet de waardering

,,Is dat belangrijk? Ach, weet je, misschien hebben we toen niet de waardering gekregen die ons toekwam, maar dat lag wellicht ook wel een beetje aan mezelf. Zoals ik al zei: als het goed gaat, ben ik blij voor anderen. Als het minder gaat, sta je als trainer voor je troepen en vang je de klappen op. Met mij hoef je geen medelijden te hebben hoor. Ik denk dat we het heel behoorlijk hebben gedaan. Ik kijk er met een goed gevoel op terug.’’

menu