Uitzondering betaald voetbal tegen de grondwet, stelt RUG-hoogleraar Jan Brouwer: 'Als dat doorgaat, dan hockey, volley- en basketbal ook'

Juichen zit er voorlopig even niet in bij GHHC. Foto: Jacob Gunter / Archief DVHN Foto: Jacob L.Gunter

Dit weekend liggen alle professionele sportcompetities stil, als gevolg van de nieuwe coronamaatregelen. Maar in het betaald voetbal rolt de bal ‘gewoon’ door. Volgens Jan Brouwer, hoogleraar recht en samenleving aan de Rijksuniversiteit Groningen, gaat die uitzonderingspositie in tegen de grondwet.

Het besluit van de regering om enkel het betaald voetbal door te laten gaan, leidde tot onvrede bij verschillende sportbonden en -clubs. Zo pleitten de hockeybond , de handbalbond en de basketbalbond al voor een eigen uitzonderingspositie en sprak Lycurgus-hoofdcoach Arjan Taaij in gesprek met Dagblad van het Noorden zijn verontwaardiging uit: ,,Bij Lycurgus zijn spelers 25 uur in de week met volleybal bezig en verdienen daar een salaris mee. Dat is niet anders dan bij een betaald voetbalclub.’’

NOC*NSF drong bij sportminister Tamara van Ark aan op een aanpassing van de maatregelen. Toch herhaalde zij vrijdag de boodschap: ,,Alleen het betaald voetbal mag doorgaan.’’ Andere sportclubs zouden moeten afwachten tot, in ieder geval, halverwege november voor zij de competities weer kunnen opstarten.

In strijd met de grondwet

RUG-hoogleraar Jan Brouwer geeft de protesterende bonden en clubs gelijk. ,,Artikel 1 van de grondwet stelt dat personen in gelijke gevallen gelijk behandeld moeten worden. De vraag is dus: kun je een onderscheid maken tussen professioneel voetbal en professioneel hockey? Dat denk ik niet.’’

Met zijn zoon, een fanatiek hockeyer, besprak hij het vraagstuk. ,,Ik zei: voetbal wordt natuurlijk door veel meer mensen bekeken. Maar toen wees hij me erop dat hockeywedstrijden worden uitgezonden op YouTube voor een miljoenenpubliek. Veel mensen uit India en Pakistan kijken ernaar.’’

Volgens Brouwer is het aan het kabinet om aan te tonen dat het voetbal wel degelijk een andere positie verdient: ,,Daar moet je goede argumenten voor hebben. Dat het gaat om ‘betaald’, is een hele matige argumentatie van het kabinet. Het is gek om een onderscheid te maken met andere professionele sporten als hockey, basketbal of volleybal.’’


Miljoenen in het voetbal zijn geen argument

Dat het betaald voetbal een miljoenenbusiness is die hard geraakt zou worden bij stillegging, is volgens Brouwer geen argument. ,,Je kan niet zeggen: voetballers verdienen veel, dus het moet doorgaan. Dat voetbalclubs anders kapot gaan? Dat geldt ook voor de rest van de topsportclubs. Ook daar moeten salarissen doorbetaald worden en staan er grote sponsorcontracten op het spel.

Kortom, vindt Brouwer, ,,de hockeyers, volleyballers en basketbalclubs hoeven dit niet voor zoete koek te slikken.’’ Mocht de kwestie voor de rechter komen, dan zouden zij wel eens in het gelijk kunnen worden gesteld.

Wel valt er volgens Brouwer wat te zeggen voor een onderscheid tussen top- en amateursport: ,,Daar kan een redelijk verschil worden gemaakt. Al zou ook dat moeten worden gehangen aan procedurele maatstaven.’’



menu