Voetballen zonder publiek nieuwe klap voor clubs

De Nederlandse voetbalclubs hebben begrip voor de beslissing van de regering om de stadions voorlopig te sluiten voor publiek, maar ze vrezen ook de gevolgen daarvan. Heel wat clubs zijn de afgelopen maanden al in financiële problemen gekomen door de sterk afgenomen inkomsten. Het vorige seizoen werd voortijdig afgebroken en dit seizoen mogen de clubs slechts een beperkt aantal fans toelaten. "Het besluit is een hard gelag voor de clubs, de supporters en de voetbalwereld in het algemeen", zegt Pascal van Wijk, algemeen directeur van Vitesse. "We moeten opnieuw veerkracht tonen."

Alle wedstrijden in de eredivisie en Keuken Kampioen Divisie worden komend weekeinde zonder publiek gespeeld. De eredivisie ligt daarna een week stil vanwege de interlandperiode. De vijfde speelronde, op 17 en 18 oktober, is ook nog in lege stadions.

FC Groningen, dat vanwege de coronacrisis in mei al personeel moest ontslaan, speelt juist twee thuiswedstrijden: tegen Ajax en FC Utrecht. "Na alle inspanningen die onze supporters en sponsors al hebben gedaan richting de club, is dit een nieuwe tegenslag. Natuurlijk begrijpen wij heel goed dat de nationale volksgezondheid voorop staat, maar daarom is de klap voor ons niet minder hard", zegt algemeen directeur Wouter Gudde.

Verschrikkelijk

Tijdens de eerste speelrondes zat een gereduceerd aantal toeschouwers in de stadions. Op enkele kleine incidenten na verliep dat tot ieders tevredenheid. "Dit rigoureuze besluit zagen we, na de vele goede voorbeelden, niet aankomen", aldus Van Wijk.

Zijn collega Marco Bogers van VVV-Venlo zegt begrip te hebben voor de overheidsmaatregelen. "Maar dit is natuurlijk wel verschrikkelijk. Voor de club, maar zeker ook voor onze supporters en sponsoren. Voetbal is een sport van en voor het volk."

Maatwerk

Voor Hans Martijn Ostendorp, de directeur van De Graafschap, voelt het "onrechtvaardig" dat de stadiondeuren dicht moeten. "Waar gaan supporters nu de wedstrijd kijken? Alles is live op TV. Hoe kun je dat controleren en beheersen?"

Directeur Rob Toussaint van Heracles Almelo pleit voor maatwerk. "Ook met betrekking tot de reisbewegingen is een regionale aanpak in mijn ogen van groot belang. Onze supporters bijvoorbeeld komen voornamelijk uit de regio. Met maatwerk kunnen we een hoop bereiken. Dat blijkt ook uit het feit dat burgemeesters de verantwoordelijkheid krijgen om voor doorstroomlocaties, zoals musea en pretparken, te bepalen hoeveel bezoekers welkom zijn. Kan dat niet ook voor stadions het geval zijn?"

menu