Met wildbloemen maak je een paradijs voor bijen en vlinders

Foto via Unsplash.

Zie je een vrolijke bloemenzee in je tuin wel zitten en wil je meteen iets bijdragen aan de biodiversiteit? Leg een wilde bloementuin aan. Zonder wilde bloemen - zoals de klaproos, korenbloem en slangenkruid - geen insecten en zonder insecten geen vogels. Met deze tips pluk jij deze zomer nog een veldboeket uit eigen tuin.

Thuis voor vogels en insecten

In tuinen, langs paden en wegen, op het platteland: 100 jaar geleden zag je overal in Nederland wilde bloemen. Ze kleurden ons landschap en vormden een thuis voor vogels en insecten. Helaas is er van de ruimte die wilde planten toen hadden nog maar 6 procent over. Dit heeft veel effect op de biodiversiteit . Zo blijkt uit een onderzoek (in 2018) van Natuurmonumenten, dat in amper 30 jaar tijd twee derde van alle insecten is verdwenen.

Hoe krijg je een levendige bloementuin?

Maak er een klein natuurgebied van:


  • Haal wat tegels uit je tuin om ruimte te maken voor bloemen, planten en struiken.

  • Kies soorten die bijen en vlinders aantrekken. Wilde tijm, kruipend zenegroen of sedum, bijvoorbeeld.

  • Maak zelf een insectenhotel en laat het gras wat hoger, dat vinden insecten fijn.

  • Maai minder vaak of sla een stukje grasmat over zodat wilde bloemen de kans krijgen te groeien.

First things first: de bodemtest

In principe zijn alle grondsoorten geschikt voor het zaaien van wilde bloemen. De grondsoort bepaalt wel voor een groot deel welke wilde bloemen er graag groeien en welke niet. Zeker weten of de grond in je tuin geschikt is? Met een simpel bodemonderzoek kom je erachter.

Variatie is het toverwoord

Alle wilde bloemen zijn belangrijk voor insecten, maar ieder insect heeft andere voorkeuren. Veel insectensoorten hebben een bepaalde plant nodig voor voedsel en voortplanting. Een beetje onderzoek vooraf kan dus geen kwaad. Vlinders zetten eitjes af op de plant waar de rups van eet, zodat hij groeit en kan verpoppen. Zo is het icarusblauwtje gek op rolklaver en het klein geaderde witje op de pinksterbloem. Kies voor een variatie aan bloemen en planten, dan zit je altijd goed.

Bloemenmengsels en zaadbommen

Met een wildbloemenmengsel of zaadbom maak je een gevarieerde bloemenweide waarmee je allerlei insectensoorten aantrekt. Er zijn ook mengsels speciaal voor het aantrekken van bijen of vlinders. Vaak bestaan deze uit eenjarige, tweejarige en vaste planten. Daar heb je dus meerdere jaren plezier van. Wildmengsels, wilde bloemenzaden en zaadbommen koop je bij een tuincentrum of online via onder andere Ecomondo , Happy Seeds en Natuurmonumenten .

Wanneer en waar zaaien?

Mengsels van eenjarige soorten zaai je van maart tot en met mei, eventueel tot eind juni als je hetzelfde jaar nog bloei wilt zien. Zaai je in de herfst, dan krijg je het voorjaar daarna bloemen. Het leuke van meerjarige soorten is dat ze zichzelf uitzaaien aan het einde de bloeitijd. Oftewel: elk jaar nieuwe bloemen.


Op je balkon, dakterras of in een oude badkuip: voor wilde bloemen heb je echt niet beslist een (grote) tuin nodig. Elke vierkante meter waarmee je insecten en andere ‘tuinbeesten’ aantrekt, telt.

Goed om te weten

Eenjarige soorten bloeien vanaf 6 tot 8 weken na het zaaien en tot ver in de herfst. Meerjarige soorten bloeien vanaf het tweede jaar na het zaaien. Bemesten is niet nodig. Sterker nog: grond met een minimale bemesting (schrale grond) geeft het beste resultaat.

menu