Het meisje dat spoorloos verdween: Aflevering 3 - De eeuwige zoektocht

3.
HET IS DONKER ALS Dick van Berkum en een collega aanbellen bij de familie Mulders in Koekange. De twee politiemannen krijgen, om 22.15 uur, tijdens een surveillance, de melding dat een meisje wordt vermist en rijden direct naar de Koekanger Dwarsdijk. Ze horen daar dat een pleegkind, de 15-jarige Willeke Dost, weg is. Het meisje is die ochtend niet op haar slaapkamer en verschijnt niet op school. Herna, de vrouw des huizes, doet eerst het verhaal, haar man Piet is er ook, evenals zoon Bart.

De pleegouders zeggen dat ze vermoedelijk is weggelopen en vertellen wat ze heeft meegenomen. Van Berkum, toen wachtmeester eerste klas, tegenwoordig rechercheur, zegt in november 2018 tegen DvhN, als hij voor het eerst sinds lange tijd uitgebreid met de media praat: ,,Het was winter, donker, redelijk koud, we konden op dat moment niet zoveel meer doen. We zijn even buiten geweest; voor hetzelfde geld loopt ze daar ergens. Het zou best kunnen dat we met zaklantaarns hebben gekeken. Er is geen protocol hoe je moet zoeken, ‘s avonds laat.’’

Het huis waar Willeke met haar pleeggezin woonde toen ze verdween, aan de Koekanger Dwarsdijk

Het verbaast de politiemannen wat dat de melding zo laat komt: ,,Ze hadden ook ‘s morgens kunnen bellen. Maar ze zeiden dat Willeke wel eens vroeg vertrok. Ze waren niet in tranen, wel bezorgd. We gingen echt uit van een weggelopen meisje. Dan vraag je wat meer uit, wat hebben jullie gedaan, wie hebben jullie benaderd, waar kan ze zijn? Soms zat Bart er bij, maar niet constant. Het verhaal werd vooral gedaan door Herna en Piet.’’

Het is woensdag 15 januari 1992, de eerste dag van een zoektocht die al 27 jaar duurt.

Misdrijf?

DE POLITIE ZET NA DE MELDING acht rechercheurs op de zaak. Het opsporingsteam onderzoekt veertig tips, ondervraagt vrienden en vriendinnen, buurtbewoners, krantenjongens, buschauffeurs, verspreidt een affiche met een foto van Willeke, zoekt langs wegen en bij water en trekt plekken na waar ze zou kunnen verblijven. Tips van mensen die melden haar te hebben gezien, worden gecheckt. Uit het eerste onderzoek, aldus de politie, zijn geen aanwijzingen voor een verstoorde relatie tussen het meisje en het pleeggezin.

Van Berkum: ,,In het begin hebben we best veel gedaan hoor. De vraag of het een misdrijf kan zijn, daar denk je wel aan, ja, maar als daar geen aanwijzingen voor zijn....’’

Paragnosten denken te weten waar ze ligt. De politie kijkt op een aantal plekken. In die tijd graven mensen gaten om afval te verbranden. Er is veel vuil gestort in het nabijgelegen weiland. Ook dat wordt gecheckt. De wachtmeester stelt spullen veilig: ,,Een agenda van school hebben we meegenomen. De schooltas is bekeken, maar niet meegenomen. Een haarborstel weer wel, met het idee dat er DNA op kan zitten.’’

Henk Koetsier, eigenaar van de supermarkt in Koekange, kijkt vanuit zijn woning uit op de boerderij van de Mulders. Maar: ,,Er is nooit een agent langs geweest die vragen heeft gesteld over deze zaak.’’

DE MEDIA KRIJGEN ER SNEL LUCHT VAN. Het Nieuwsblad van het Noorden kopt 18 januari: ‘Zoekactie naar Drents meisje’. Op 1 februari 1992 schrijft die krant: ‘Politieonderzoek naar vermiste Willeke Dost nog zonder resultaat’. Twee dagen later zitten er nog slechts twee rechercheurs op de vermissing. Fred Verasdonck, maatschappelijk werker van Stichting Therapeutische Gezinsverpleging (STV) en begeleider van het meisje, raakt vrij snel bij het onderzoek betrokken. Hij is één van de eersten met twijfels en zegt op 3 februari 1992: ,,Ik vond het ongelooflijk amateuristisch.’’

Waar hij op doelt en waar latere onderzoekers de vinger op leggen is de tunnelvisie bij de politie. Uitgangspunt blijft heel lang dat Willeke is weggelopen. Er vindt daarom geen sporenonderzoek, standaard bij een misdrijf, plaats. Dat wordt gezien als een gemiste kans. Als het meisje is vermoord en het lichaam weggemaakt, dan heeft de dader, of daders, ruim de tijd gehad alle sporen uit te wissen.

Van Berkum: ,,Een voetsporenonderzoek? In de winter? En waar vind je op straat voetstappen? We zijn wel even rond het huis geweest. Mocht daar wat opgevallen zijn, dan hadden we daarop gereageerd.’’ Hij bevestigt dat de slaapkamer van Willeke tamelijk snel is opgeruimd: ,,Iemand anders zou dat misschien niet doen.’’

Ik vond het ongelooflijk amateuristisch

Fred Verasdonck, maatschappelijk werker

De politie ondervraagt ook geen treinreizigers. Terwijl Willeke elke vrijdag in haar eentje van Meppel naar Groningen reist, voor creatieve therapie. Van Berkum: ,,We hebben op stations wel posters opgehangen.’’

In de ogen van Verasdonck even onbegrijpelijk: ,,Een meisje met weinig identiteit die alleen in de trein stapt... Ik ken haar probleem van haver tot gort, weet hoe kwetsbaar ze is. Het zou zomaar kunnen dat in de trein contact is gelegd. Of tijdens het fietsen van Koekange naar Meppel. Een man die zegt dat het met hem beter zal gaan. Waarover je tegenwoordig zoveel leest: meisjes die meegaan met loverboys. In die hoek moet je ook zoeken.’’

Willeke ging elke vrijdag alleen met de trein naar Groningen

WAT DE POLITIE WEL NATREKT, een klein half jaar na de verdwijning, is het verhaal van Dianita van Hulzen uit Boekelo. Het meisje zit in dezelfde periode als Willeke tijdelijk in jeugdpsychiatrisch centrum De Ruyterstee in Smilde. De pleegouders van Dianita claimen dat de verdwenen tiener hun pleegdochter begin maart opbelt. Ze zitten, blijkens een artikel in de Drentse Courant op 10 juli 1992 aan de avondmaaltijd als de telefoon gaat. De pleegvader loopt er naar toe, neemt de hoorn op, komt terug en zegt tegen Dianita: ,,Willeke Dost is voor jou aan de telefoon.”

Het gesprek duurt hooguit een minuutje en is aan tafel niet te volgen. Kort na het telefoontje is Dianita ook weg. Als moeder Van Hulzen niet lang daarna hoort van de verdwijning van Willeke Dost, belt ze met de Mulders: ,,Want het is geen kletsverhaal. En voor hen is het een lichtpuntje. Wij weten heel stellig dat Willeke heeft gebeld met Dianita.’’ Verasdonck zegt in het artikel niet te weten dat beide meisjes contact met elkaar hebben. Hij trekt het telefoontje na. ,,Je krijgt weer hoop, maar het valt niet te rijmen met het verleden.’’

De politie heeft overigens geen aanwijzingen dat het telefoongesprek heeft plaatsgevonden. Dianita komt eind 1992 in Rotterdam weer boven water en keert terug naar Boekelo. Herna Mulders op 13 januari 1993: ,,Ik weet het niet. Bij deze meisjes weet je het nooit helemaal zeker.’’ Opmerkelijk is dat vader Hans van Hulzen in 2018 tegen DvhN beweert dat het artikel niet klopt. ,,Ik herinner mij niet dat dit telefoontje ooit is gepleegd.’’

Raadsel

IN DE 27 JAAR NA DE VERDWIJNING zal het nooit stil worden rond Willeke Dost. Buiten het officiële politieonderzoek wordt op gezette tijden gepoogd het raadsel op te lossen. Onder meer door onderzoeksjournalist/misdaadverslaggever Peter R. de Vries. Hij wijdt er begin 1996 een uitzending aan. Al laat het Ministerie van Justitie weten dat het geen aanleiding is de zaken Dost/Luten te heropenen.

Want in Drenthe verdwijnt nog een meisje: Andrea Luten. Zij komt op 10 mei 1993 niet thuis. Het lichaam van het eveneens 15-jarige kind wordt een dag later gevonden: verkracht en gewurgd. De moordenaar zal pas zeventien jaar later worden gevonden. Henk F. uit Hoogeveen.

Ook Tros Vermist, Avro’s Opsporing Verzocht en Het Zesde Zintuig (SBS6) rukken later uit naar Drenthe. Zelfs (voormalig) legerkapitein Harry Jongen, beter bekend als Harry de Neus, steekt zijn befaamde prikstok in de grond in Koekange. Al die pogingen hebben hetzelfde resultaat. De oplossing komt geen stap dichterbij.

Harry 'de Neus' zoekt met een prikstok naar (sporen van) Willeke

DE WANHOOPSKREET van de familie van hartsvriendin Geke Crediet uit Staphorst levert evenmin iets op. Zij plaatsen op 14 januari 1997, precies vijf jaar nadat het meisje verdwijnt, een advertentie in de lokale kranten. De kop: ‘Help! Wie weet iets over Willeke Dost uit Koekange, vermist sinds 15 januari 1992’. Een maand daarna vinden duikers in het riviertje de Reest bij De Wijk wel een voorvork van een fiets. De kleur komt overeen met die van het rijwiel van het meisje, die eveneens weg was toen ze verdween. Maar dat blijft een los eindje.

In 1995 raakt ook privédetective Robert van Hoove betrokken bij de zaak. Hij wordt gebeld door Regina Smit, een vriendinnetje van Willeke. Zij was op zijn naam gekomen na zijn speurwerk naar Andrea Luten. Hij spreekt met familie, met vriendinnen en op 14 januari 1997 ook met Van Berkum. De politieman zegt volgens Van Hoove nog steeds te geloven dat het meisje is weggelopen. Van Hoove rijdt een paar dagen later zelfs met een tipgever langs afwerkplaatsen en tippelzones. Daar zou ze zijn gezien. Het blijkt Willeke toch niet te zijn.

De programma’s en publieksacties, opgezet door familie of kennissen of mensen die begaan zijn met het lot van het kind, zorgen met zekere regelmaat voor nieuwe tips, geruchten, meldingen dat ze ergens is gesignaleerd en vooral: publiciteit. Dat en het feit dat er na al die tijd nog geen oplossing in het verschiet ligt, maken dat de verdwijning van Willeke Dost onder de aandacht blijft en in de loop der tijd een mythische status heeft gekregen.

Wat tevens bijdraagt aan het mysterie is dat pleegvader Piet Mulders in 1998 een intrigerende brief aan het openbaar ministerie schrijft. In het tien kantjes tellende epistel vraagt hij om hernieuwd politieonderzoek. Opmerkelijk, omdat verdenking van de familie Mulders tot op de dag van vandaag als een schaduw over de verdwijning hangt.

De brief is in zijn geheel hieronder te lezen.

DE DRENTSE POLITIE PAKT DE VERMISSING in 2004 weer op. Het Landelijk Team Kindermoord (LTK), dat in het dossier was gedoken, stopt daar weer mee. De afdeling wordt opgeheven. Er wordt meteen een Drents team opgestart die de resultaten van het LTK tegen het licht houdt. Er wordt zelfs een beloning uitgeloofd: 30.000 euro voor de gouden tip. Ondanks honderden meldingen blijft ook dan de doorbraak uit.

Dick Gosewehr, een van de leden van het team, concludeert trouwens al snel ‘dat er helemaal geen dossier was. Echt onvoorstelbaar.’

Links Willeke op 15-jarige leeftijd, rechts een verouderingsfoto van Willeke op 27-jarige leeftijd

Van Berkum benadrukt in 2018 in gesprek met DvhN niettemin dat in die eerste dagen alles is gedaan wat kon: ,,Ik vind het als politieagent vervelend dat er nog steeds geen oplossing ligt. Zolang dat er niet is vraag je je af: hè, wat heb ik gemist? Maar er was geen aanleiding om de technische recherche de boel overhoop te laten halen. En we hebben echt flink geïnvesteerd toen. Er is zelfs geïnformeerd of we iets met de telefoon van de Mulders konden, om gesprekken op te nemen. Maar die was daar te oud voor, je kon er niks op aansluiten. Nee, aftappen kan niet zomaarhet aftappen is later wel gebeurd, red., dan moet er sprake zijn van een misdrijf.’’

WILLEKE IS HET SLACHTOFFER van een misdrijf. Dick Gosewehr schrijft dat op 6 juli 2004 in een analyse, samen met een psycholoog. Wat zij zeggen is wat veel mensen denken, maar wat zonder bewijs moeilijk is vast te stellen: één of meer leden van de pleegfamilie is erbij betrokken. Op het rapport, dat losstaat van het officiële onderzoek, komt naar eigen zeggen geen reactie. Volgens hem richt de politie zich ook in 2004 volledig op het scenario dat Willeke is weggelopen. Volgens de politie is dit niet juist en zijn wel degelijk meerdere hypotheses onderzocht.

Een ander lid van het noordelijk team, psycholoog en criminoloog Harrie Timmerman, zegt hetzelfde als Gosewehr: ,,Ja, 99 procent zeker. Meisjes van 15 verdwijnen niet midden in de nacht vanuit huis, laat staan op een fiets.’’ In zijn beleving is er die avond dat Herna weg was iets gebeurd. ,,Alles wijst daarop’.’’ Het relaas van de pleegouders en de kinderen zou er op gericht zijn om het misdrijf te verdoezelen.

Goseweher en Timmerman raken in 2005 overigens uit de gratie bij de politie. Het tweetal ontdekte dat iemand voor de Schiedammer Parkmoord vastzit die op grond van DNA-bewijsmateriaal onmogelijk de dader kan zijn. Ze krijgen binnen de politie geen gehoor en Timmerman stapt naar het tv-programma Netwerk. Dat wordt hem niet in dank afgenomen. Zijn detachering als gedragsdeskundige bij het noordelijk cold case team wordt beëindigd en Gosewehr gedegradeerd.

Verdacht

LIEFST 165 OUDE EN NIEUWE GETUIGEN worden in 2009 gehoord, als de politie de verdwijning wederom tegen het licht houdt. Pleegvader Piet Mulders is dan al drie jaar dood. Fred Teeven wil dat de zaak opnieuw onderzocht wordt. De latere staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, op dat moment Tweede Kamerlid namens de VVD met in zijn portefeuille justitiebeleid, vindt dat er in 1992 een hoop mis is gegaan.

Hij is niet de enige. De vraag die Goseweher en Timmerman in mei 2009 formuleren en alle onderzoekers al jarenlang bezighoudt is: ‘Waarom denkt de politie dat een meisje van 15 jaar midden in de winter ‘s nachts ergens op het platteland op haar fiets stapt om zonder geschikte kleding en geld de wijde wereld in te trekken?’

Herna Mulders wijst in oktober 2009 elke betrokkenheid bij de verdwijning echter van de hand. Ze zegt tegen Dagblad van het Noorden: ,,Als ik of mijn zoon iets te maken zou hebben gehad met een misdrijf, denk je dan dat ik hier was blijven wonen? En als mijn zoon of mijn man destijds ervan zou hebben geweten, terwijl ik die avond weg was, denk je dan dat ik met hen zou kunnen leven? Als ik zou weten dat mijn zoon iets te verbergen zou hebben, denk je dan dat ik hem niet zou aangeven bij de politie, hoe moeilijk zoiets ook is voor een moeder? Natuurlijk is er iets gebeurd. Maar niet hier.’’

Pleegmoeder Herna Mulders

EEN DOORBRAAK LIJKT NABIJ als Herna en Bart Mulders, moeder en zoon, op 7 juni 2010, achttien jaar na haar verdwijning, worden aangehouden op verdenking van betrokkenheid bij de vermissing van Willeke Dost. Het weiland achter de boerderij aan de Koekanger Dwarsdijk wordt deels omgeploegd en in het huis worden vloeren weggebroken. Gerda Dijksman, districtchef regiopolitie Zuidwest Drenthe: ,,We gaan natuurlijk niet zomaar zoeken in de tuinen.’’

Herna en Bart worden negen dagen later weer vrijgelaten, al blijven ze verdachten. De politie gaat ook verder met zoeken. Er wordt in 27 jaar tijd wat afgegraven in en rond Koekange. Op 31 juli 2010 gaat de schop in de grond op plekken die naar voren zijn gekomen in Het Zesde Zintuig. Het levert wederom niks op en in september 2010, bij de laatste graafacties bij de boerderij, bij de vuilstort, wordt evenmin iets gevonden.

HERNA EN BART ZIJN OFFICIEEL VERDACHTEN AF, laat het Openbaar Ministerie op 2 december 2011 weten. Ze worden niet aangeklaagd. Er is niet genoeg bewijs voor verdenking van een misdrijf, of betrokkenheid bij de verdwijning. Klaasje Wopken, de tante van Willeke, komt daartegen in het geweer. In februari 2012 maakt advocaat Esther Vroegh namens haar bezwaar tegen het besluit van justitie om pleegmoeder en pleegbroer niet te vervolgen. Het wordt ingediend bij het gerechtshof Leeuwarden.

Vroegh krijgt als één van de weinigen inzage in het vuistdikke politiedossier. Zij constateert dat in het eerste onderzoek weliswaar diverse personen zijn bevraagd, maar dat geen officiële verklaringen zijn opgenomen. De schriftelijke weergave van de verhoren zijn slechts summier weergegeven in journaals. Ook zij merkt op dat de politie heel lang meegaat in het verhaal dat Willeke is weggelopen. Terwijl er aanwijzingen zijn om dat niet te denken.

Gosewehr herhaalt in oktober 2012 in een ander, nieuw, rapport zijn vermoedens over wat er is gebeurd. Hij zegt echter ook dat ‘het politieonderzoek zeer uitgebreid is geweest’ en ‘dat hij geen nieuwe onderzoeksmogelijkheden’ meer ziet. Volgens hem is pleegbroer Bart Mulders de meest logische dader, maar is er onvoldoende bewijs. Hij noemt het daarom terecht dat Bart niet is vervolgd.

En de schop gaat op 12 november 2018 opnieuw de grond in. De politie wil er eerst niet aan. Maar als Jan Huzen uit Emmen en Ab Bruintjes uit Koekange de publiciteit zoeken en dreigen hoe dan ook te gaan graven, wordt groen licht gegeven en twee nieuwe locaties bij de boerderij afgegraven. Zonder resultaat.

De twee mannen zijn dermate teleurgesteld over hóe is gezocht dat ze een volgende speurtocht organiseren, voor 15 december. De kans is klein dat er iets wordt gevonden. Alle pogingen tot dusver zijn vruchteloos geweest. Willeke Dost is na 27 jaar nog steeds spoorloos.

Wil je op de hoogte blijven van dit project en een mailtje ontvangen wanneer er een nieuwe aflevering beschikbaar is? Meld je dan hier aan voor onze Dossier Willeke-nieuwsbrief. We zullen je niet ongevraagd andere mailtjes sturen.

Dit verhaal is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.

Dit is een speciaal PLUS-artikel van DvhN.nl. We experimenteren met deze tijdrovende en dure vorm van journalistiek omdat we belangrijke verhalen willen vertellen. Wil je ons steunen? Overweeg dan een abonnement, bijvoorbeeld deze: 6 weken de digitale krant en alle online PLUS-artikelen voor 2 euro per week. Het verplicht je tot niets en het abonnement stopt automatisch.

Heb jij een tip of informatie over Willeke? Mail dan naar dossierwilleke@dvhn.nl of laat anoniem een berichtje achter via ons meldpunt.

Aan deze serie werkten mee:
Verslaggeving: Gert Meijer en Frank Jeuring
Tekst: Herman Sandman
Video: Frank Jeuring
Ondersteuning: Bart Olmer
Dronebeelden: Matthijs Sorgdrager
Teaservideo en additionele montage: Matthijs Mol
Vormgeving online: Alwin Wubs en Miriam Haije
Projectleider: Annique Oosting

Dit is een serie van Dagblad van het Noorden